Valaciclovir

Stofnaam
Valaciclovir
Merknaam
Zelitrex
ATC code
J05AB11
Apotheek icon
Voor ouders op Apotheek.nl
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

HSV infectie:
3 mnd-11 jaar: Off-label
>12 jaar: On-label
VZV en HSV in immuungecompromitteerde patienten: Off-label
Herpes labialis: On-label
Preventie CMV-infectie na orgaantransplantatie:
1 mnd-11 jaar: Off-label;
≥12 jaar: On-label
Preventie van recidiverende Herpes genitalis: On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Behandeling HSV infecties bij immuuncompetente patienten:
> 12 jaar: 2 dd 500 mg
Onderdrukken recidieven HSV infecties bij immuuncompetente patienten:
>12 jaar: 1 dd 500 mg of 2 dd 250 mg
Herpes labialis:
> 12 jaar:
2 doses van 2000 mg
Profylaxe CMV infectie en ziekte na transplantatie:
> 12 jaar:
4 dd 2000 mg

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Tablet (als hydrochloride) 250 mg, 500 mg
Drank (als hydrochloride) 20 mg/ml (FNA)

Eigenschappen

Valaciclovir is een prodrug van aciclovir (guanine nucleoside-analogon), een antivirale stof met in vitro grote werkzaamheid tegen o.a. herpes simplexvirus (HSV) type 1 en 2, Varicella zostervirus (VZV), cytomegalovirus (CMV), Epstein-Barrvirus (EBV) en humaan herpes virus 6 (HHV-6).

Valaciclovir wordt in de maag-darmwand en de lever snel en bijna volledig omgezet in aciclovir. Bij HSV type 1 en 2, VZV en EBV wordt dit in met virus geïnfecteerde cellen omgezet in het werkzame aciclovirtrifosfaat, door middel van het door het virus geïnduceerde thymidinekinase. Aciclovirtrifosfaat remt competitief het virale DNA-polymerase en voorkomt verdere virale DNA-synthese, met als gevolg blokkering van de virale replicatie. Bij het cytomegalovirus wordt de fosforylering gedeeltelijk in gang gezet door het fosfotransferaseproduct van het gen UL97, eveneens een virusspecifiek enzym.

Kinetische gegevens

De volgende kinetische parameters zijn gevonden [Nadal 2002, Zeng 2009, Bomgaarts 2008, Kimberlin 2010, Eksborg 2002, Simon 2002]:

 ImmuuncompetentImmuungecompromitteerd
Vd 3,01-3,79 1,34-3,49
Cmax 10 mg/kg: 2,41
20 mg/kg: 4,38
500 mg: 3,16
250 mg: 4,11
500 mg: 5,12-5,27
Tmax 1,15-1,88 1,41-2,62
1,3-2,1 1,35-2,51
Cl 11-25,5 9,1-19
F 45-51% 45-64%

Algemene opmerkingen

Hoewel er slechts enkele farmacokinetische en veiligheidsstudies bij kinderen gedaan zijn, valt te verwachten dat ook bij kinderen valaciclovir een effectief en veilig middel is en dus de voorkeur geniet boven orale aciclovir.

Doseringen

Ga snel naar:

Indicatie: HSV infectie
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 30 mg/kg/dag in 2 doses , max: 1.000mg/dag
Indicatie: VZV en HSV infectie in immuungecompromitteerde patiƫnten
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [7]
      • 60 mg/kg/dag in 3 doses , max: 3.000mg/dag
Indicatie: Herpes Labialis
  • Oraal
    • 12 jaar tot 18 jaar
      [12]
      • 4.000 mg/dag in 2 doses Start behandeling binnen 24-48 uur
      • Behandelduur:

        1 dag

Indicatie: Preventie CMV-infectie na orgaantransplantatie
  • Oraal
    • 1 maand tot 12 jaar
      [12]
      • 1.000 mg/m2/dag in 3 doses , max: 2.000mg/dosis
    • 12 jaar tot 18 jaar
      [12]
      • 8.000 mg/dag in 4 doses
      • Behandelduur:

        90 dagen

Indicatie: Preventie van recidiverende Herpes Genitalis
  • Oraal
    • 12 jaar tot 18 jaar
      [12]
      • 500 mg/dag in 1 dosis Bij zeer frequente recidieven (meer dan 10 per jaar zonder behandeling): 500 mg/dag in 2 doses
      • Behandelduur:

        Behandeling na 6-12 maanden herbeoordelen

Indicatie: Profylaxe VZV en HSV infecties na stamceltransplantatie
  • Oraal
    • ≥ 1 maand en < 40 kg
      [13]
      • 20 mg/kg/dag in 2 doses , max: 1.000mg/dag
    • ≥ 40 kg
      [13]
      • 1.000 mg/dag in 2 doses

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Aanpassingen per indicatie, als volgt:
(Bron: KNMP Nierfunctiestoornissen, SmPC Zelitrex)

HSV infectie, VZV en HSV infectie in immuungecompromitteerde patiënten:
GFR 50-80 ml/min/1.73 m2: Aanpassing niet nodig
GFR 30-50 ml/min/1.73 m2: 100% van normale keerdosis en interval tussen 2 doseringen: 12 uur
GFR 10-30 ml/min/1.73 m2: 100% van normale keerdosis en interval tussen 2 doseringen: 24 uur
GFR < 10 ml/min/1.73 m2: 50% van normale keerdosis en interval tussen 2 doseringen: 24 uur

Preventie van recidiverende Herpes genitalis: 
GFR 50-80 ml/min/1.73 m2: Aanpassing niet nodig
GFR 30-50 ml/min/1.73 m2: Aanpassing niet nodig
GFR 10-30 ml/min/1.73 m2: 50% van normale keerdosis en interval tussen 2 doseringen: 24 uur
GFR < 10 ml/min/1.73 m2: 50% van normale keerdosis en interval tussen 2 doseringen: 24 uur

Herpes labialis:
GFR 50-80 ml/min/1.73 m2: Aanpassing niet nodig
GFR 30-50 ml/min/1.73 m2: 50% van normale keerdosis en interval tussen 2 doseringen: 12 uur
GFR 10-30 ml/min/1.73 m2: 25% van normale keerdosis en interval tussen 2 doseringen: 12 uur
GFR < 10 ml/min/1.73 m2: 25% van normale keerdosis eenmalig

Preventie CMV-infectie na orgaantransplantatie:
GFR 50-80 ml/min/1.73 m2: Aanpassing niet nodig
GFR 30-50 ml/min/1.73 m2: 750 mg/m2/dag in 2 doses
GFR 10-30 ml/min/1.73 m2: 500 mg/m2/dag in 1 dosis
GFR < 10 ml/min/1.73 m2: 250 mg/m2/dag in 1 dosis

Klinische gevolgen

Risico op neurologische reacties, waaronder verwardheid en hallucinaties.
Bij gebruik van hoge doses (8 g per dag) in klinische studies bij immuungecompromitteerde patiënten zijn nierinsufficiëntie, micro- angiopathische hemolytische anemie en trombocytopenie gemeld.
In een ´case control-studie’ bleek in de groep patiënten met neurologische verschijnselen de creatinineklaring gemiddeld kleiner en de spiegels van aciclovir en de metaboliet 9-carboxymethoxymethylguanine gemiddeld hoger te zijn in vergelijking met de groep patiënten zonder neurologische verschijnselen. In deze studie waren ook personen met creatinineklaring kleiner dan 10 ml/min opgenomen.
Als de dalspiegel niet voldoende hoog is, is de antivirale werking mogelijk niet voldoende; dit kan resistentie tot gevolg hebben.

Bij Dialyse

Bij hemodialyse na de dialyse toedienen.

DIRECT WERKENDE ANTIVIRALE MIDDELEN

NUCLEOSIDE EN NUCLEOTIDE REVERSE-TRANSCRIPTASEREMMERS

Abacavir

Ziagen
J05AF06

Didanosine

Videx DDI
J05AF02

Emtricitabine

Emtriva
J05AF09

Entecavir

Baraclude
J05AF10

Lamivudine

Epivir 3TC, Zeffix
J05AF05

Stavudine

Zerit d4T
J05AF04
J05AF07

Zidovudine

Retrovir AZT
J05AF01
NEURAMINIDASEREMMERS

Oseltamivir

Tamiflu
J05AH02

Zanamivir

Relenza
J05AH01
ANTIVIRALE MIDDELEN VOOR HIVINFECTIE, COMBINATIEPREPARATEN
J05AR02
J05AR13
J05AR19
J05AR03
J05AR18
J05AR09
NIET-NUCLEOSIDE REVERSE-TRANSCRIPTASEREMMERS

Efavirenz

Stocrin
J05AG03

Etravirine

Intelence
J05AG04

Nevirapine

Viramune
J05AG01

Rilpivirine

Edurant
J05AG05
FOSFONZUURDERIVATEN

Foscarnet

Foscavir
J05AD01
NUCLEOSIDEN EN NUCLEOTIDEN (EXCL. REVERSE-TRANSCR-REMMERS)

Aciclovir

Zovirax
J05AB01
J05AB12

Ganciclovir

Cymevene
J05AB06

Ribavirine

Copegus, Rebetol
J05AB04

Valganciclovir

Valcyte
J05AB14
OVERIGE ANTIVIRALE MIDDELEN

Dolutegravir

Tivicay
J05AX12

Enfuvirtide

Fuzeon
J05AX07

Maraviroc

Celsentri
J05AX09

Raltegravir

Isentress
J05AX08
PROTEASEREMMERS

Atazanavir

Reyataz
J05AE08

Darunavir

Prezista
J05AE10

Fosamprenavir

Telzir
J05AE07

Indinavir

Crixivan
J05AE02
J05AE06

Ritonavir

Norvir
J05AE03

Saquinavir

Invirase
J05AE01

Bijwerkingen bij kinderen

Misselijkheid en braken.
Volgens FDA zijn de bijwerking gelijk aan volwassenen, zowel incidentie als intensiteit.

Bijwerkingen bij volwassenen

Zeer vaak (1–10%): hoofdpijn.

Vaak (1-10%): misselijkheid, braken, diarree. Duizeligheid. Huiduitslag, jeuk, fotosensibilisatie.

Soms (0,1–1%): dyspneu. Verwardheid, hallucinaties, verminderd bewustzijn, tremor, agitatie. Nierpijn, hematurie. Urticaria. Trombocytopenie, leukopenie (vooral bij immuungecompromitteerden). Reversibele stijging van leverenzymwaarden en bilirubine.

Zelden (0,01–0,1%): anafylaxie, angio–oedeem. Ataxie, dysartrie, convulsies, encefalopathie, coma, psychotische symptomen, delier. Verminderde nierfunctie, acuut nierfalen (vooral bij ouderen en bij hogere doseringen dan aanbevolen bij reeds verminderde nierfunctie), intratubulaire neerslag van aciclovirkristallen in de nieren.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Kreatinine 2 maal per week bepalen.

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Wees voorzichtig bij nierfunctiestoornissen; afhankelijk van de creatinineklaring de dosering aanpassen en, m.n. bij ouderen, zorgen voor een adequate vloeistoftoediening. Bij ouderen en bij patiënten met een verminderde nierfunctie is er meer kans op het optreden van neurologische stoornissen.

Bij een gecompliceerde herpes zoster (zoals een gedissemineerde herpes zoster, met viscerale betrekking, motorische neuropathieën, encefalitis en cerebrovasculaire complicaties) en bij immuungecompromitteerde patiënten met herpes zoster ophthalmicus; alleen intraveneuze antivirale therapie geven.

Valaciclovir bij transplantatiepatiënten met een groot risico op een cytomegalovirus infectie alleen geven indien valganciclovir of ganciclovir niet kunnen worden toegepast. Na herhaalde behandeling kunnen zich bij immuungecompromitteerde patiënten resistente virussen ontwikkelen.

Behandeling van patiënten met herpes genitalis geneest de aandoening niet en elimineert het risico van overdracht niet volledig.

Vanwege relatief weinig gegevens is bij een gestoorde leverfunctie, zoals bij vergevorderde cirrose met een verminderd levermetabolisme en bewijs van portale systemische shunt, voorzichtigheid geboden met hoge doses.

Interacties

Relevant: de nefrotoxiciteit van ciclosporine of indinavir kan worden versterkt. De nierfunctie moet worden gecontroleerd.

Niet beoordeeld: cimetidine en probenecide kunnen de renale excretie van de actieve metaboliet aciclovir vertragen.

Bij combinatie met mycofenolzuur kan de AUC van aciclovir en van de inactieve metabolieten van mycofenolzuur toenemen

Referenties

  1. Hartwig NC, et al, Vademecum pediatrische antimicrobiele therapie, 2005
  2. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 01 nov 2016
  3. Informatorium Medicamentorum, (Interacties, verminderde nierfunctie), Geraadpleegd 01 nov 2016
  4. Nadal D, et al, An investigation of the steady-state pharmacokinetics of oral valacyclovir in immunocompromised children, J Infect Dis, 2002, Oct 15;186 Suppl 1, S123-30
  5. Zeng L, et al, Population pharmacokinetics of acyclovir in children and young people with malignancy after administration of intravenous acyclovir or oral valacyclovir, Antimicrob Agents Chemother, 2009, Jul;53(7), 2918-27
  6. Bomgaars L, et al, Valacyclovir and acyclovir pharmacokinetics in immunocompromised children, Pediatr Blood Cancer, 2008, Oct;51(4), 504-8
  7. Kimberlin DW, et al, Pharmacokinetics and safety of extemporaneously compounded valacyclovir oral suspension in pediatric patients from 1 month through 11 years of age, Clin Infect Dis, 2010, Jan 15;50(2), 221-8
  8. Eksborg S, et al, Pharmacokinetics of acyclovir in immunocompromized children with leukopenia and mucositis after chemotherapy: can intravenous acyclovir be substituted by oral valacyclovir?, Med Pediatr Oncol, 2002, Apr;38(4), 240-6
  9. Simon MW, et al, Pharmacokinetics and safety of valaciclovir in children with Epstein-Barr virus illness, Drugs R D, 2002, 3(6), 365-73
  10. Kimberlin DW., Herpes simplex virus infections in neonates and early childhood, Semin Pediatr Infect Dis, 2005, Oct;16(4), 271-81
  11. Spruance SL, et al, High-dose, short-duration, early valacyclovir therapy for episodic treatment of cold sores: results of two randomized, placebo-controlled, multicenter studies, Antimicrob Agents Chemother, 2003, Mar;47(3), 1072-80
  12. GlaxoSmithKline BV, SpC Zelitrex (RCG 21719 en 18065) 07-04-2014, www.geneesmiddeleninformatiebank.nl
  13. Erard V et al. , One-year acyclovir prophylaxis for preventing varicella-zoster virus disease after hematopoietic cell transplantation: no evidence of rebound varicella-zoster virus disease after drug discontinuation., Blood., 2007 , Oct 15;110(8), 3071-7

Wijzigingen

  • 11 september 2018 10:01: Leeftijdsbovengrens indicatie HSV infectie aangepast conform de beoordeling van wetendschappelijke literatuur in 2016. Dit was nog niet correct verwerkt in het Kinderformularium
  • 31 maart 2017 11:30: De wetenschappelijke literatuur voor de toepassing van valaciclovir bij kinderen is eind 2016 opnieuw beoordeeld.Dit heeft geleid tot de toevoeging van een doseeradvies voor kinderen die een stamceltransplantatie hebben ondergaan,
  • 14 februari 2017 11:14: Indicatie preventie recidiverende herpes genitalis toegevoegd obv SmPC
  • 01 november 2016 15:26: De beschikbare wetenschappelijke literatuur over de toepassing van valaciclovir bij kinderen is opnieuw beoordeeld. Dit heeft geleid tot de toevoeging van de indicaties "Preventie CMV-infectie na orgaantransplantatie" en "Preventie van recidiverende Herpes genitalis" en het vervallen van de indicaties "recidiverende HSV' en recidiverende visusbedreigende herpes keratitis. Verder zijn doseeradviezen bij nierfunctiestoornissen toegevoegd
  • 28 juni 2016 08:58: Het doseeradvies bij kinderen met nierfunctiestoornissen is aangepast, omdat is gebleken dat het oude advies ("dosering op geleide van spiegels) leidt tot een te late aanpassing van de dosering met klinische relevante bijwerkingen tot gevolg.
  • 27 februari 2015 15:50: Correctie maximale dosis HSV infectie