Darunavir

Stofnaam
Darunavir
Merknaam
Prezista
ATC code
J05AE10
Eigenschappen - PK data - Registratiestatus
Doseringen

Toedieningsvormen en hulpstoffen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Versiebeheer

Label dosisadvies Kinderformularium

On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

HIV
ART-naïeve pediatrische patiënten 3 tot 17 jaar
≥15-29 kg: 600 mg/dag in 1 dosis icm 100 mg ritonavir
30-40 kg: 675 mg/dag in 1 dosis icm 100 mg ritonavir
>40 kg: 800 mg/dag in 1 dosis icm 100 mg ritonavir

ART-voorbehandelde pediatrische patiënten 3 tot 17 jaar
≥15-29 kg: 600 mg/dag in 1 dosis icm 100 mg ritonavir OF 760 mg/dag (drank) of 750 mg/dag (tablet) in 2 doses icm ritonavir 100 mg/dag in 2 doses
30-40 kg: 675 mg/dag in 1 dosis icm 100 mg ritonavir OF 920 mg/dag (drank) of 900 mg/dag (tablet) in 2 doses icm ritonavir 120 mg/dag in 2 doses
>40 kg: 800 mg/dag in 1 dosis icm 100 mg ritonavir OF 1200 mg/dag (drank/tablet) in 2 doses icm ritonavir 200 mg/dag in 2 doses

Eigenschappen

Antiviraal middel, behorend tot de HIV-1-proteaseremmers. Darunavir is een selectieve remmer van het HIV-protease, een essentieel enzym in de replicatiecyclus van het HIV-virus. Tijdens de replicatiefase splitst HIV-protease virale polypeptideproducten, waardoor essentiële eiwitten en enzymen zoals protease worden gevormd. Door interferentie met dit proces blokkeert darunavir de rijping van het HIV waardoor niet-functionele, onrijpe, niet-infectieuze virussen worden gevormd.

Farmacokinetiek

De blootstelling aan darunavir bij kinderen is vergelijkbaar met die bij volwassenen

Doseringen

HIV (ART naieve en voorbehandelde patienten)
  • Oraal
    • Suspensie voor oraal gebruik
      • 3 jaar tot 12 jaar en 10 tot 15 kg
        [4] [5]
        • 40 mg/kg/dag in 2 doses. in combinatie met ritonavir 6 mg/kg/dag in 2 doses.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen. De suspensie vóór gebruik krachtig schudden.

      • 3 jaar tot 12 jaar en 15 tot 30 kg
        [4] [5]
        • 750 mg/dag in 2 doses. in combinatie met ritonavir 96 mg/dag in 2 doses.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen. De suspensie vóór gebruik krachtig schudden.

      • 3 jaar tot 12 jaar en 30 tot 40 kg
        [4] [5]
        • 900 mg/dag in 2 doses. in combinatie met ritonavir 200 mg/dag in 2 doses.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen. De suspensie vóór gebruik krachtig schudden.

      • 3 jaar tot 12 jaar en ≥ 40 kg
        [4] [5]
        • 1.200 mg/dag in 2 doses. in combinatie met ritonavir 200 mg/dag in 2 doses.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen. De suspensie vóór gebruik krachtig schudden.

    • Tablet
      • 3 jaar tot 12 jaar en 15 tot 30 kg
        [4] [5]
        • 750 mg/dag in 2 doses. in combinatie met ritonavir 96 mg/dag in 2 doses.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen.

      • 3 jaar tot 12 jaar en 30 tot 40 kg
        [4] [5]
        • 900 mg/dag in 2 doses. in combinatie met ritonavir 200 mg/dag in 2 doses.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen.

      • 12 jaar tot 18 jaar en 30 tot 40 kg
        [4] [5]
        • 675 mg/dag in 1 dosis in combinatie met ritonavir 100 mg/dag in 1 dosis.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen.

      • 12 jaar tot 18 jaar en ≥ 40 kg
        [4] [5]
        • 800 mg/dag in 1 dosis in combinatie met ritonavir 100 mg/dag in 1 doses.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen

      • 3 jaar tot 12 jaar en ≥ 40 kg
        [4] [5]
        • 1.200 mg/dag in 2 doses. in combinatie met ritonavir 200 mg/dag in 2 doses.
        • Advies inname/toediening:

          Met voedsel innemen.

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Susp. oraal (als ethanolaat) 100 mg/ml
Tablet 75 mg, 150 mg, 300 mg, 400 mg, 600 mg, 800 mg.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

DIRECT WERKENDE ANTIVIRALE MIDDELEN

NUCLEOSIDEN EN NUCLEOTIDEN (EXCL. REVERSE-TRANSCR-REMMERS)
J05AB01
J05AB12

Ganciclovir

Cymevene
J05AB06

Valaciclovir

Zelitrex
J05AB11

Valganciclovir

Valcyte
J05AB14
FOSFONZUURDERIVATEN

Foscarnet

Foscavir
J05AD01
PROTEASEREMMERS

Atazanavir

Reyataz
J05AE08

Fosamprenavir

Telzir
J05AE07

Indinavir

Crixivan
J05AE02

Ritonavir

Norvir
J05AE03

Saquinavir

Invirase
J05AE01
NUCLEOSIDE EN NUCLEOTIDE REVERSE-TRANSCRIPTASEREMMERS

Abacavir

Ziagen
J05AF06

Emtricitabine

Emtriva
J05AF09

Entecavir

Baraclude
J05AF10

Lamivudine

Epivir 3TC, Zeffix
J05AF05
J05AF07

Zidovudine

Retrovir AZT
J05AF01
NIET-NUCLEOSIDE REVERSE-TRANSCRIPTASEREMMERS

Efavirenz

Stocrin
J05AG03

Etravirine

Intelence
J05AG04

Nevirapine

Viramune
J05AG01

Rilpivirine

Edurant
J05AG05
NEURAMINIDASEREMMERS

Oseltamivir

Tamiflu
J05AH02

Zanamivir

Relenza, Dectoza
J05AH01
ANTIVIRALE MIDDELEN VOOR HIVINFECTIE, COMBINATIEPREPARATEN
J05AR02
J05AR13
J05AR18
J05AR19
J05AR03
J05AR09
J05AR10
OVERIGE ANTIVIRALE MIDDELEN

Dolutegravir

Tivicay
J05AX12

Enfuvirtide

Fuzeon
J05AX07

Maraviroc

Celsentri
J05AX09

Raltegravir

Isentress
J05AX08
ANTIVIRALE MIDDELEN VOOR BEHANDELING VAN HCV-INFECTIES
J05AP54
J05AP57
J05AP51

Ribavirine

Copegus, Rebetol
J05AP01

Sofosbuvir

Sovaldi
J05AP08
J05AP55

Bijwerkingen bij kinderen

Het bijwerkingenprofiel bij kinderen is vergelijkbaar met die van volwassenen.

Bijwerkingen algemeen

In combinatie met ritonavir 100 mg
Zeer vaak (> 10%): diarree.

Vaak (1-10%): hoofdpijn, duizeligheid, slapeloosheid, vermoeidheid, asthenie. Misselijkheid, braken, dyspepsie, buikpijn, flatulentie. Perifere neuropathie. Huiduitslag (waaronder maculeuze, maculopapuleuze, papuleuze en erythemateuze en jeukende uitslag), jeuk. (Verergering of manifest worden van) diabetes mellitus. Hypertriglyceridemie, hypercholesterolemie, hyperlipidemie. Stijging ASAT, ALAT.

Soms (0,1-1%): hypertensie, tachycardie, blozen, angina pectoris, verlengd QT-interval. Dyspneu, hoesten. Epistaxis. Paresthesie, hypo-esthesie, vertigo, dysgeusie, aandachtstoornis, verminderd geheugen, lethargie. Depressie, desoriëntatie, angst, slaapstoornissen, nachtelijk zweten, abnormale dromen, verminderd libido. Conjunctivale hyperemie, droge ogen. (Afteuze) stomatitis, orale dysesthesie, droge mond, irritatie van de keel, gastritis, gastro-oesofageale reflux, kokhalzen, oprispingen, abdominaal ongemak, obstipatie. Pancreatitis. Dysurie, pollakisurie, nycturie, nefrolithiase, gedaalde renale creatinineklaring, proteïnurie, nierfalen. Allergische dermatitis, eczeem, erytheem, urticaria, hyperhidrose, alopecia, acne, droge huid, xeroderma, nagelpigmentatie, angio-oedeem. Verminderde of toegenomen eetlust, anorexie, insulineresistentie, polydipsie, afgenomen maar ook toegenomen lichaamsgewicht. Jicht. Perifeer oedeem. Koorts, malaise, pijn in de borst, immuun reconstitutie inflammatoir syndroom (IRIS). Spierpijn, spierspasmen, spierzwakte, gewrichtspijn, osteoporose, osteonecrose (vooral bij gevorderde HIV-infectie of langdurige blootstelling aan combinatietherapie). Erectiestoornis, gynaecomastie. Hepatitis, hepatische steatose, hepatomegalie. Hypothyroïdie, verhoogd TSH. Anemie, leukopenie, neutropenie, trombocytopenie. Bilirubinurie, verhoogde waarden van transaminasen, serum alkalische fosfatase, γ-GT en serumcreatinekinase. Verlaagd HDL.

Zelden (0,01-0,1%): bradycardie, palpitaties, myocardinfarct. Syncope, convulsies, ageusie. Koude rillingen. Stemmingsveranderingen, verwardheid, rusteloosheid. Visusstoornis. Rinorroe. (Seborroïsche) dermatitis, ernstige gevallen van huiduitslag waaronder Stevens-Johnsonsyndroom (SJS), erythema multiforme, geneesmiddelenexantheem met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS-syndroom). Stijfheid in spieren en/of gewrichten, artritis, rabdomyolyse (vooral in combinatie met NRTI's). Cheilitis, droge lippen, beslagen tong, hematemese. Verhoogd aantal eosinofielen.

Verder zijn gemeld: toxische epidermale necrolyse (TEN), acuut gegeneraliseerd pustuleus exantheem (AGEP).

Bij hemofiliepatiënten die HIV-proteaseremmers krijgen, zijn er meldingen van toegenomen (in ernst en/of frequentie van) spontane bloedingen.

In combinatie met cobicistat
Zeer vaak (> 10%): hoofdpijn. Misselijkheid, diarree. Huiduitslag (waaronder maculaire, maculopapuleuze, papuleuze en erythemateuze en jeukende uitslag), gegeneraliseerde huiduitslag, allergische dermatitis.

Vaak (1-10%): urticaria, angio-oedeem, (geneesmiddel)overgevoeligheid. Dyspepsie, braken, buikpijn, abdominale distensie, flatulentie. Anorexie. Hypertriglyceridemie, hypercholesterolemie, hyperlipidemie, diabetes mellitus. Spierpijn, vermoeidheid. Abnormale dromen. Verhoogde waarden van pancreasenzymen, leverenzymen en creatinine.

Soms (0,1-1%): acute pancreatitis. Immuun reconstitutie inflammatoir syndroom (IRIS). Asthenie.

Bij zwangeren is gemeld: falen van de therapie gedurende het 2e en 3e trimester van de zwangerschap met transmissie van HIV naar het kind, zie ook rubriek Zwangerschap.

cART: Antiretrovirale combinatietherapie (cART) is in verband gebracht met gewichtstoename en metabole stoornissen (zoals hypertriglyceridemie, hypercholesterolemie, insulineresistentie en hyperglykemie) en het immuun reconstitutie inflammatoir syndroom (IRIS) met bijvoorbeeld reactivering van herpesinfecties of het optreden van auto-immuunziekten, zoals de ziekte van Graves, auto-immuunhepatitis, polymyositis en het Guillain-Barré-syndroom. Osteonecrose komt ook voor, vooral bij gevorderde HIV-infectie of langdurige blootstelling aan cART; wees hierop bedacht bij het optreden van pijnlijke en/of het stijf worden van gewrichten of bij het ondervinden van problemen met bewegen.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij kinderen

Niet gebruiken bij kinderen jonger dan 3 jaar.

Contra-indicatie algemeen

  • Ernstige leverinsufficiëntie (Child-Pughscore 10–15).

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Bij patiënten die eerder zijn blootgesteld aan antiretrovirale geneesmiddelen, maar die geen
darunavir-resistentie-geassocieerde mutaties (DRV-RAMs)* hebben en die in het plasma
< 100.000 kopieën hiv-1-RNA per ml en ≥ 100 x 106 CD4+-cellen/l hebben, kan een doseringsschema
met eenmaaldaagse inname van darunavir, ingenomen samen met ritonavir en met voedsel, worden
gebruikt.
* DRV-RAM’s: V11I, V32I, L33F, I47V, I50V, I54M, I54L, T74P, L76V, I84V en L89V

Waarschuwingen en voorzorgen algemeen

Ernstige huiduitslag: bij patiënten met een bekende allergie voor een sulfonamide: voorzichtig toepassen omdat darunavir een sulfonamidegroep bevat. Tijdens de klinische ontwikkeling werd ernstige huiduitslag, waaronder erythema multiforme, het Stevens-Johnsonsyndroom en DRESS-syndroom gemeld; als zich symptomen van ernstige huidreacties ontwikkelen, zoals huiduitslag met koorts, malaise, vermoeidheid, spier- en/of gewrichtspijn, blaren, laesies in de mond, conjunctivitis, hepatitis en/of eosinofilie, de behandeling onmiddellijk staken. Er is meer kans op huiduitslag als ook raltegravir wordt gebruikt.

Leverfunctie: Bij een licht (Child-Pughscore 5–6) tot matig-ernstig (Child-Pughscore 7–9) verminderde leverfunctie en bij co-infectie met HBV of HCV voorzichtig zijn. Patiënten met chronische hepatitis B of C die worden behandeld met een antiretrovirale combinatietherapie (cART) hebben een hoger risico op ernstige en mogelijk levensbedreigende leverbijwerkingen. Bij bestaande leverafwijkingen waaronder chronische hepatitis of cirrose of bij verhoogde leverenzymwaarden vóór aanvang van de therapie, is de frequentie van afwijkingen van de leverfuncties tijdens cART verhoogd. Controleer bij deze patiënten de leverfunctie regelmatig, vooral tijdens de eerste maanden van de behandeling. Overweeg als de leverziekte verergert de behandeling te onderbreken of te staken.

Immuun reconstitutie inflammatoir syndroom (IRIS) is gemeld, vooral bij ernstige immuundeficiëntie bij aanvang van de behandeling. Wees hierbij voorzichtig, in verband met meer kans op ontstekingsreacties op latent aanwezige opportunistische infecties, met ernstige klinische ziektebeelden tot gevolg, zoals CMV-retinitis, focale en/of gegeneraliseerde mycobacteriële infecties of een Pneumocystis jiroveci-pneumonie. In dit kader kunnen ook auto-immuunziekten optreden door immuunreactivering, zoals de ziekte van Graves, auto-immuunhepatitis, polymyositis en het Guillain-Barré-syndroom. De tijd tot optreden van deze ziekten is variabel, echter vaak pas vele maanden na aanvang van de behandeling.

Cobicistat als booster: cobicistat verlaagt de geschatte creatinineklaring (eGFR) door remming van de tubulaire secretie van creatinine; de toename van de serumcreatininewaarde overschrijdt doorgaans niet de 35 micromol/l (0,4 mg/dl) ten opzichte van de uitgangswaarde.

Zwangerschap: tijdens het tweede en derde trimester van de zwangerschap is de blootstelling aan cobicistat, één van de bruikbare boosters voor darunavir, klinisch relevant verlaagd door de enzyminductie tijdens de zwangerschap. Daarom tijdens de zwangerschap darunavir niet boosten met cobicistat. 

Hemofiliepatiënten waarschuwen voor een mogelijke toename (in ernst en/of frequentie) van bloedingen. Bij een aantal patiënten die HIV-proteaseremmers gebruikten, zijn spontane bloedingen opgetreden zoals subcutane of musculaire hematomen, hemartrosen.

Interacties

Darunavir is substraat voor CYP3A4 en het remt CYP3A4.

Geboost darunavir resulteert in (sterkere) remming van CYP3A4; de hieronder genoemde interacties gelden voor geboost darunavir.

Relevant:
Afname darunavir: de concentratie daalt door bepaalde inductoren (dexamethason, etravirine, krachtige CYP3A4-inductoren). De effectiviteit moet worden gecontroleerd, alsmede de toxiciteit van carbamazepine. Bij combinatie met efavirenz, etravirine of nevirapine moet de dosering worden aangepast.

Toename darunavir: de concentratie stijgt door itraconazol en ketoconazol. Bovendien kan de itraconazolconcentratie stijgen.

Darunavir verhoogt de concentratie van: alfentanil, alprazolam, atorvastatine, calciumantagonisten, carbamazepine, claritromycine, clindamycine, clonazepam, colchicine, diazepam, digoxine, doxorubicine, erytromycine, etoposide, finasteride, fluticason, urologische fosfodiësteraseremmers, bepaalde immunosuppressiva (ciclosporine, everolimus, (tem)sirolimus, tacrolimus), kinidine, lidocaïne, maraviroc, parenteraal midazolam, pravastatine, propafenon, rifabutine, rosuvastatine, salmeterol, venlafaxine, vinblastine, vincristine en voriconazol. Combinatie met de volgende middelen wordt ontraden: alfuzosine, amiodaron, ergotamine, oraal midazolam, pimozide, quetiapine, sertindol, simvastatine en trazodon.

Darunavir verlaagt de concentratie van: cyclofosfamide, fluvastatine, ifosfamide, methadon en sertraline.

De concentratie van ethinylestradiol daalt; de betrouwbaarheid van orale anticonceptiva, de vaginale ring en de pleister kan afnemen.

Overig effect: combinatie met bosentan, fosamprenavir, bepaalde HCV-middelen (Elbasvir/Grazoprevir, Glecaprevir/Pibrentasvir) en saquinavir wordt ontraden.

Bij combinatie met atazanavir wordt geboost darunavir toegediend.

De werking van VKA's wordt beïnvloed.

Niet beoordeeld:
Darunavir verhoogt de concentratie van: rosuvastatine en tenofovir disoproxil

Referenties

  1. Janssen-Cilag International NV, SmPC Prezista (EU/1/06/380/006) 16-9-2020
  2. Informatorium Medicamentorum, Interacties, Geraadpleegd 11-11-2022
  3. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 11-11-2022
  4. Panel on Antiretroviral Therapy and Medical Management of HIV-Infected Children. , Guideline for the use of Antiretroviral agents in pediatric HIV infection, https://aidsinfo.nih.gov/guidelines/html/2/pediatric-arv-guidelines/129/darunavir, Geraadpleegd 15 feb 2017
  5. Bamford, A., et al (PENTA Steering Committee) (2015), Paediatric European Network for Treatment of AIDS (PENTA) guidelines for treatment of paediatric HIV-1 infection 2015: optimizing health in preparation for adult life. , HIV Med, doi:10.1111/hiv.12217

Wijzigingen

  • 15 februari 2017 11:36: Het doseeradvies voor darunavir is aangepast naar de aidsinfo guideline
  • 15 februari 2017 11:36: Het doseeradvies voor darunavir is aangepast naar de aidsinfo guideline
  • 15 februari 2017 11:36: Het doseeradvies voor darunavir is aangepast naar de aidsinfo guideline
  • 11 mei 2015 16:27: Onderscheid drank en tablet bij voorbehandelde patienten (kleine nuance in dosering obv SmPC)
  • 11 mei 2015 16:26: Onderscheid drank en tablet bij voorbehandelde patienten (kleine nuance in dosering obv SmPC)
  • 16 januari 2015 21:29: NIEUW TOEGEVOEGD

Therapeutic Drug Monitoring


Overdosering