Naloxon

Stofnaam
Naloxon
Merknaam
ATC code
V03AB15
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Overdosering opiaat:
Intraveneus/IM: On-label
Endotracheaal: Off-label
Ademhalingdepressie tgv toediening opoiden aan moeder binnen 4 uur voor geboorte: On-label
Opiaatoverdosering tijdens (post-operatieve pijstilling): On-label
Jeuk agv terminale lever/nier insufficientie: Off-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Postoperatieve door opiaten geinduceerde depressie: 
Kinderen: 0,01-0,02 mg/kg iv met intervalen van 2-3 min, totdat bevredigende ademhaling en bewustzijn verkregen worden (indien nodig additionele doses met intervallen van 1-2 uur, afhankelik van de respons).
Overdosis:
Kinderen: aanvangsdosis 0,01 mg/kg iv,indien nodig gevolgd door aanvullende injectie van 0,1 mg/kg.
Neonati met met moeders die hebben gebruikt:
Neonaten: 0,01 mg/kg iv, indien nodig de injectie met intervallen van 2-3 min herhalen (indien iv niet mogelijk is: im met aanvangsdosis 0,01 mg/kg).
 

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Inj.vlst. (hydrochloride als 2-water) 0.4 mg/ml

Eigenschappen

Specifieke opioïdreceptor-antagonist zonder agonistische of morfineachtige eigenschappen, zoals andere opioïdreceptor-antagonisten. Naloxon veroorzaakt geen respiratoire depressie, psychose-achtige effecten of pupilconstrictie. In afwezigheid van opioïden vertoont het geen farmacologische activiteit. Gewenning dan wel afhankelijkheid is niet waargenomen. Bij afhankelijkheid van opiaten zal naloxon de symptomen van fysieke afhankelijkheid verminderen. De noodzaak de toediening te herhalen is afhankelijk van hoeveelheid, type en toedieningswijze van het te antagoneren narcoticum.

Kinetische gegevens

Geen informatie

Doseringen

Ga snel naar:

Indicatie: Opiaat overdosering, vermoed of bekend
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [4]
      • 0,01 mg/kg/dosis bolus , max: 0,4mg/dosis Zo nodig herhalen indien na 3 min effect uitblijft.
  • Intramusculair
    • 1 maand tot 18 jaar
      [4]
      • 0,01 mg/kg/dosis bolus , max: 0,4mg/dosis Zo nodig herhalen indien na 3 min effect uitblijft.
  • Endotracheaal
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 0,05 mg/kg/dosis zo nodig herhalen na 3 minuten indien effect uitblijft
Indicatie: Ademhalingsdepressie tgv toediening opoiden aan moeder binnen 4 uur voor geboorte
  • Intraveneus
    • a terme neonaat
      • 0,01 mg/kg/dosis zo nodig na 2-3 minuten herhalen na uitblijven effect Maximale dosering per gift: 0,1mg/kg/dosis
        • Omdat de werkingsduur van opioiden die van naloxon kan overschrijden, is continue bewaking van de ademhaling essentieel, en herhaalde naloxontoedieningen kunnen nodig zijn om recidiverende apneu's te voorkomen. Om deze reden is monitorbewaking gedurende 24 uur na toediening van naloxon wenselijk.
        • Dien geen naloxon toe aan een pasgeborene waarvan de moeder mogelijk verslavende middelen heeft gebruikt, omdat naloxon dan acute ontwenningsverschijnselen kan veroorzaken.
  • Intramusculair
    • a terme neonaat
      • 0,01 mg/kg/dosis zo nodig na 2-3 minuten herhalen na uitblijven effect Maximale dosering per gift: 0,1mg/kg/dosis
        • Omdat de werkingsduur van opioiden die van naloxon kan overschrijden, is continue bewaking van de ademhaling essentieel, en herhaalde naloxontoedieningen kunnen nodig zijn om recidiverende apneu's te voorkomen. Om deze reden is monitorbewaking gedurende 24 uur na toediening van naloxon wenselijk.
        • Dien geen naloxon toe aan een pasgeborene waarvan de moeder mogelijk verslavende middelen heeft gebruikt, omdat naloxon dan acute ontwenningsverschijnselen kan veroorzaken.
Indicatie: Opiaatoverdosering tijdens anaesthesie/ post-operatieve pijnstilling
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [4]
      • 0,001 - 0,01 mg/kg/dosis zo nodig , max: 0,1mg/dosis
        • Dosering titreren op geleide van ademhalingsfrequentie en gewenste graad van analgesie en bewustzijn.
        • Na hoge dosis zijn morfinomimetica enige uren onwerkzaam.
Indicatie: Jeuk agv terminale lever/nierinsufficientie
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 0,5 microg./kg/uur continu infuus

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

ALLE OVERIGE THERAPEUTISCHE MIDDELEN

MIDDELEN BIJ HYPERKALIEMIE EN HYPERFOSFATEMIE

Calciumpolystyreensulfonzuur

Sorbisterit Ca-resonium
V03AE01

Natriumpolystyreensulfonzuur

Resonium A natriumzout,
V03AE01

Sevelamer

Renagel, Renvela
V03AE02
MIDDELEN BIJ HYPOGLYKEMIE

Diazoxide

Proglicem
V03AH01
DETOXIFICANTIA BIJ BEHANDELING MET ONCOLYTICA

Folinezuur

Rescuvolin, VoriNa
V03AF03
V03AF01

Rasburicase

Fasturtec
V03AF07
IJZERCHELERENDE MIDDELEN

Deferasirox

Exjade
V03AC03

Deferipron

Ferriprox
V03AC02

Deferoxamine

Desferal
V03AC01
ANTIDOTA
V03AB16

Digoxine Fab fragmenten

Digitalis antidot
V03AB24
V03AB27

Flumazenil

Anexate
V03AB25
V03AB19
V03AB17
V03AB06

Obidoxim

Toxogonin
V03AB13
V03AB14

Sugammadex

Bridion
V03AB35

Bijwerkingen bij volwassenen

Zeer vaak (> 10%): misselijkheid. Vaak (1-10%): duizeligheid, hoofdpijn, tachycardie, hypotensie, hypertensie, braken, postoperatieve pijn. Soms (0,1-1%): tremor, zweten, aritmie, bradycardie, diarree, droge mond, hyperventilatie, irritatie van de vaatwand, lokale irritatie en ontsteking na i.m. toediening. Zelden (0,01-0,1%): convulsies, spanning. Zeer zelden (< 0,01%): allergische reacties (netelroos, rinitis, dyspneu, Quincke-oedeem), anafylactische shock, erythema multiforme, ventrikelfibrilleren, hartstilstand, longoedeem.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Snelle injectie werkt sterk emetisch. Werkingsduur van naloxon is korter dan de werkingsduur van morfine: langdurige observatie is nodig omdat een rebound effect kan optreden.
Bij neonaten: zorg eerst voor een goede ventilatie. Dien bij voorkeur geen naloxon toe aan een pasgeborene van wie de moeder verslavende middelen heeft gebruikt. ivm acute ontwenningsverschijnselen. Kan ook subcutaan of intramusculair worden toegediend indien de perifere circulatie van de pasgeborene voldoende is. Bewaking 24 uur na toediening.

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Naloxon kan de effecten van opiaten doen terugkeren, zodat gedurende minstens 24 uur na toediening niet deelgenomen moet worden aan het verkeer. Terughoudend toedienen aan personen met bekende of suspecte afhankelijkheid aan opioïden, inclusief pasgeborenen van moeders van wie deze afhankelijkheid bekend is. In dergelijke gevallen kan een abrupte en complete opheffing van de narcotische effecten resulteren in een acuut ontwenningssyndroom (hypertensie, hartritmestoornissen, hartstilstand, pulmonaal oedeem). Voorzichtigheid is geboden bij ernstige cardiovasculaire aandoeningen. Na bevredigende reactie op de behandeling voortdurend blijven controleren en zo nodig herhalingsdoses toedienen, aangezien de werkingsduur van naloxon korter is dan van de meeste opioïden. Te hoge dosering kan leiden tot duidelijke opheffing van de analgesie en verhoging van de bloeddruk. Naloxon is niet effectief bij ademhalingsdepressie, veroorzaakt door niet-opioïden. Een ademhalingsdepressie, veroorzaakt door buprenorfine, kan slechts in beperkte mate met een hoge dosis naloxon (5–10 mg) worden opgeheven.

Interacties

Interacties gelden voor parenteraal toegediend naloxon en niet voor oraal of sublinguaal toegediend naloxon, omdat dan vrijwel geen systemische plasmaconcentratie wordt bereikt.

Relevant: naloxon gaat het analgetische effect van opioïden tegen. Hierdoor kunnen onthoudingsverschijnselen ontstaan. Toevoeging van naloxon aan een opioïd wordt ontraden, tenzij naloxon bewust wordt toegepast als antidotum bij overdosering van een opioïd. Andersom kan bij toevoeging van een opioïd acute ademnood optreden.

De werking van het ontwenningsmiddel nalmefeen, een opioïd met agonistische/antagonistische werking, kan worden tegengegaan.

Niet beoordeeld: bij toediening van naloxon bij coma ten gevolge van overdosering van clonidine is ernstige hypertensie gemeld.

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-Formularium voor Kinderen, 2007
  2. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 07 nov 2014
  3. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), Geraadpleegd 07 nov 2014
  4. Hameln Pharmaceuticals gmbh, SPC Naloxon ( RVG 28361), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 09 juli 2010, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h28361.pdf
  5. NVK, Richtlijn pijnmeting en behandeling pijn bij kinderen, www.nvk.nl, 2007, http://www.nvk.nl/Kwaliteit/Richtlijnenenindicatoren/Richtlijnen/Pijnmetingenbehandelingvan/tabid/348/language/nl-NL/Default.aspx, 99
  6. NVK, Richtlijn Reanimatie van de pasgeborene, www.nvk.nl, 2008, http://www.nvk.nl/Kwaliteit/Richtlijnenenindicatoren/Richtlijnen/Reanimatievanpasgeborenen/tabid/352/language/nl-NL/Default.aspx, 29-30
  7. Kamps WA et al, Werkboek ondersteundende behandeling kinderoncologie, VU Uitgeverij, 2005

Wijzigingen

  • 31 augustus 2017 13:59: Max (volwassen dosering) toegevoegd