Fenylefrine

Stofnaam
Fenylefrine
Merknaam
ATC code
C01CA06
Doseringen
Nierfunctiestoornissen

Produkten, hulpstoffen, toediening en tekorten
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen

Interacties
Eigenschappen (PD/PK)

Registratiestatus
Middelen uit dezelfde ATC groep
Referenties
Versiebeheer

Eigenschappen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

Fenylefrine is een vasoconstrictor met een directe werking op de α1-receptoren. Er treedt vasoconstrictie op van arteriële en veneuze vaten waardoor de bloeddruk stijgt en een reflexbradycardie ontstaat. Door de krachtige arteriële vasoconstrictie neemt de nabelasting toe; het hartminuutvolume neemt af.

Farmacokinetiek bij kinderen

Geen informatie beschikbaar over farmacokinetische parameters bij kinderen. 

Label dosisadvies Kinderformularium

Off-label

Toon SmPC tekst Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Niet geregistreerd voor kinderen. 

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Injectievloeistof (fenylefrine hydrochloride) 0,1 mg/ml; 10 mg/ml
Injectievloeistof (fenylefrine base) 0,05 mg/ml; 0,1 mg/ml; 10 mg/ml

Overige info toediening/beschikbaarheid

Informatie over geneesmiddeltekorten

Doseringen

Hypotensie tijdens anesthesie; cyanotic spells bij Tetralogy van Fallot
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 1 jaar
      [1] [2] [3] [4] [5] [6]
      • 1 - 2 microg./kg/dosis, bolus. Max: 10microg./kg/dosis, maar niet hoger dan 100 microg./dosis.
      • ALTERNATIEF
        Continue infuus: Start 0,15 mcg/kg/min, zo nodig ophogen tot 3 mcg/kg/min, max 10 mcg/kg/min maar niet hoger dan 100 mcg/min

        • Hogere doseringen kunnen nodig zijn in zuigelingen ivm onrijpe n. sympathicus.
        • Alleen toepassen onder supervisie van een ervaren kindercardioloog, kinderintensivist of kinderanesthesist.
    • 1 jaar tot 18 jaar
      [1] [2] [3] [4] [5] [6]
      • 1 - 2 microg./kg/dosis, bolus. Max: 100 microg./dosis.
      • ALTERNATIEF
        Continue infuus: Start 0,15 mcg/kg/min, zo nodig ophogen tot 3 mcg/kg/min, max 100 mcg/min

        • Alleen toepassen onder supervisie van een ervaren kindercardioloog, kinderintensivist of kinderanesthesist.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Er zijn geen gegevens bekend over doseeraanpassing bij nierfunctiestoornissen.

Bijwerkingen algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

De meest voorkomende bijwerkingen zijn: (reflex)bradycardie (door baroreceptor gemedieerde vagale stimulatie), hypertensieve perioden, misselijkheid, braken. Bij hoge doses vaak hypertensie.

Verder zijn gemeld: tachycardie, palpitaties, aritmie, angina pectoris, myocardischemie (o.a. myocardinfarct). Hersenbloeding, hypertensieve crisis, hypotensie met duizeligheid, flauwte. Longoedeem, dyspneu. Hyperhidrose, bleekheid, blozen, koude huid, pilo-erectie, huidnecrose bij extravasatie. Spierzwakte. Urineretentie, moeite met urineren. Angst, prikkelbaarheid, opwinding, psychose, verwarring. Nervositeit, hoofdpijn, drukkend gevoel in het hoofd, tintelingen, paresthesie, tremor, slapeloosheid. Speekselvloed. Mydriase, verergering van nauwe-kamerhoekglaucoom.

 

 

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contra-indicatie algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

  • ernstige hypertensie of een perifere vasculaire aandoening vanwege meer kans op ischemisch gangreen of trombose;
  • ernstige hyperthyroïdie.

Waarschuwingen en voorzorgen algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

Voorzichtig toepassen bij (een voorgeschiedenis van) arteriële hypertensie, bradycardie, tachycardie, gedeeltelijk hartblok, aritmie, coronaire aandoeningen incl. angina pectoris en (andere) chronische hartaandoeningen, niet-ernstige perifere vasculaire insufficiëntie (ernstige perifere vasculaire insufficiëntie is gecontra-indiceerd), aneurysma, diabetes mellitus, ongecontroleerde hyperthyroïdie en gesloten kamerhoekglaucoom. Vanwege een vermindering van het hartminuutvolume verder voorzichtig toepassen bij arteriosclerose, ouderen (meer kans op toxiciteit) en een verminderde cerebrale of coronaire circulatie. Bij verminderd hartminuutvolume of coronaire hartziekte de vitale orgaanfuncties zorgvuldig bewaken en dosisverlaging overwegen als de systemische bloeddruk de ondergrens van het doelbereik nadert. Bij ernstig hartfalen of cardiogene shock kan door vasoconstrictie (toename nabelasting, ook wel 'afterload') een verergering van hartfalen optreden.

Voorkom extravasatie tijdens toediening vanwege de kans op weefselnecrose.

Interacties Bron: KNMP Kennisbank

Relevant:
Bij combinatie van systemisch fenylefrine met een MAO-remmer (fenelzine, tranylcypromine, moclobemide, rasagiline, selegiline) of moclobemide kan sterke stijging van de bloeddruk optreden, als gevolg van vrijzetting van extra grote hoeveelheden noradrenaline uit de zenuwuiteinden door fenylefrine. Noradrenaline is in extra grote hoeveelheden aanwezig in de zenuwuiteinden, omdat de MAO-remmer de afbraak van noradrenaline remt.

Niet beoordeeld:
In theorie kan ook bij combinatie van oculair toegediend fenylefrine met een MAO-remmer of moclobemide sterke stijging van de bloeddruk optreden.

HARTSTIMULANTIA, EXCLUSIEF HARTGLYCOSIDEN

Deze pagina geeft een overzicht van geneesmiddelen uit dezelfde ATC groep. Let op: Dit betekent niet per definitie dat deze middelen onderling uitwisselbaar zijn.

SYMPATHICOMIMETICA EN DOPAMINERGICA
C01CA24
C01CA07
C01CA04
C01CA26
C01CA02

Midodrine

Gutron
C01CA17
C01CA03
FOSFODIESTERASEREMMERS

Milrinon

Corotrope
C01CE02
OVERIGE HARTSTIMULANTIA
C01CX08

Referenties

  1. Nudel DB, et al, Effects of acutely increasing systemic vascular resistance on oxygen tension in tetralogy of Fallot., Pediatrics. , 1976, Aug;58(2), 248-51.
  2. Tanaka K, et al, Phenylephrine increases pulmonary blood flow in children with tetralogy of Fallot. , 2003 , Nov;50(9):, 926-9.
  3. Greeley WJ, et al, Intraoperative hypoxemic spells in tetralogy of Fallot. An echocardiographic analysis of diagnosis and treatment., Anesth Analg, 1989, Jun;68(6), 815-9
  4. Shaddy RE, et al, Continuous intravenous phenylephrine infusion for treatment of hypoxemic spells in tetralogy of Fallot., J Pediatr., 1989, Mar;114(3), 468-70
  5. Oshita S, et al, Correlation between arterial blood pressure and oxygenation in tetralogy of Fallot, J Cardiothorac Anesth. , 1989 , Oct;3(5), 597-600
  6. von Ungern-Sternberg BS, et al, Changes in lung volume during spells in children with Tetralogy of Fallot under general anesthesia., Pediatr Crit Care Med., 2011 , Jan;12(1), e40-2.

Wijzigingen

  • 23 februari 2023 12:11: CORRECTIE: de dosering voor behandeling cyanotic spells (bron: voormalige WKZ formularium) is onjuist (te hoog). Op basis van een voorlopige beoordeling van beschikbare wetenschappelijke literatuur en experts op het gebied van toepassing van feneylefrine voor deze indicatie is de dosering aangepast.

Therapeutic Drug Monitoring


Overdosering