Meropenem

Stofnaam
Meropenem
Merknaam
Meronem
ATC code
J01DH02
Doseringen

Therapeutic Drug Monitoring
Nierfunctiestoornissen

Produkten, hulpstoffen, toediening en tekorten
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen

Interacties
Eigenschappen (PD/PK)

Registratiestatus
Middelen uit dezelfde ATC groep
Referenties
Versiebeheer

Eigenschappen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

Meropenem is een bactericide β-lactamantibioticum, behorend tot de carbapenems. Het remt de synthese van de bacteriecelwand door binding aan penicillinebindende eiwitten (PBP's). Het werkingsspectrum is zeer breed en omvat Gram-positieve en Gram-negatieve, aerobe en anaerobe bacteriën. Meropenem is ongevoelig voor alle serine β-lactamasen, ook is het bestand tegen afbraak door het nierenzym dehydropeptidase-1. De tijd dat de concentratie meropenem hoger is dan de minimum remmende concentratie (T>MIC) correleert het best met de werkzaamheid van meropenem.

Doorgaans gevoelig zijn o.a. Enterococcus faecalis, meticilline-gevoelige stafylokokken (o.a. S. aureus ('MSSA') en S. epidermidis), Streptococcus agalactiae (groep B), Streptococcus milleri groep (S. anginosis, S. constellatus, S. intermedius) Streptococcus pneumoniae, Streptococcus pyogenes (groep A), Citrobacter freudii, Citrobacter koseri, Enterobacter spp., Escherichia coli, Haemophilus influenzae, Klebsiella spp. (K. oxytoca, K. pneumoniae), Morganella morganii, Neisseria meningitidis, Proteus spp. (P. mirabilis, P. vulgaris), Serratia marcescens, Clostridium perfringens, Peptoniphilus asaccharolyticus, Peptostreptococcus spp. (P. micros, P. anaerobius, P. magnus), Bacteroides caccae, Bacteroides fragilis groep, Prevotella bivia en Prevotella disiens.

Een verworven resistentie kan een probleem zijn bij: Acinetobacter spp., Burkholderia cepacia en Pseudomonas aeruginosa. Enterococcus faecium is van nature intermediair gevoelig voor meropenem en de resistentie bedraagt ≥ 50% in één of meer EU-landen.

Inherent resistent zijn: Stenotrophomonas maltophilia, Legionella spp., Chlamydophila pneumoniae en Chlamydophila psittaci, Coxiella burneti en Mycoplasma pneumoniae.

Farmacokinetiek bij kinderen

De volgende mediane farmacokinetische parameters bij steady state zijn geschat op basis van een populatie farmacokinetiek model (op basis van 753 samples van 188 premature en á terme neonaten (Smith et al. 2011):

Zwangerschapsduur <32 weken <32 weken ≥32 weken ≥32 weken
Postnatale leeftijd <14 dagen ≥14 dagen <14 dagen ≥14 dagen
n= 39 103 31 27
Dosering (mg/kg/dag) 40 in 2 doses 60 in 3 doses 90 in 3 doses 90 in 3 doses
Cmax (µg/ml) 44,3 46,5 44,9 61
t½ (uur) 3,82 2,68 2,33 1,58
Cl (l/uur/kg) 0,089 0,122 0,135 0,202
Vd (l/kg) 0,489 0,467 0,463 0,451

Overige PK parameters (SmPC):

Leeftijd Cl
2 – 5 maanden 4,3 ml/min/kg 1,6 uur
6 – 23 maanden 5,3 ml/min/kg 1 uur
2 – 5 jaar 6,2 ml/min/kg 1 uur
6 – 12 jaar 5,8 ml/min/kg 1 uur

Label dosisadvies Kinderformularium

Infecties:
<3 mnd: Off-label
>3 mnd: On-label
Meningitis:
1 mnd-3 mnd:
Off-label
> 3 mnd: On-label
Infecties bij CF: On-label

Toon SmPC tekst Toon SmPC tekst

SmPC tekst

> 3 maanden-10 jaar, <50 kg:
Ernstige of gecompliceerde infecties: 30 of 60 mg/kg/dag verdeeld over 3 giften IV.
Meningitis, bronchopulmonale infecties bij cystische fibrose: 120 mg/kg/dag verdeeld over 3 giften IV.
Febriele neutropenie: 60 mg/kg/dag verdeeld over 3 giften IV.

Voor kinderen >50 kg of 11-17 jaar:
Ernstige of gecompliceerde infecties: 1500 of 3000 mg/dag verdeeld over 3 giften IV.
Meningitis, bronchopulmonale infecties bij cystische fibrose: 6000 mg/dag verdeeld over 3 giften IV.
Febriele neutropenie: 3000 mg/dag verdeeld over 3 giften IV.

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Poeder voor inj.vlst. (als 3-water) 500 mg, 1000 mg

Overige info toediening/beschikbaarheid

Informatie over geneesmiddeltekorten

Doseringen

Bacteriele infecties
  • Intraveneus
    • Preterme neonaten Zwangerschapsduur < 32 weken
      [1] [5] [6] [7] [8] [9] [10]
        • Postnatale leeftijd < 2 weken:
          • 40 mg/kg/dag in 2 doses
            Bij een MIC >4 kan de dosering verdubbeld worden.

        • Postnatale leeftijd > 2 weken:
          • 60 mg/kg/dag in 3 doses
            Bij een MIC >4 kan de dosering verdubbeld worden.
          • (Shabaan et al. 2017) heeft laten zien dat een infusieduur van 4 uur beter resultaat geeft dan een infusieduur van 30 minuten. De klinische verbetering en microbiële eradicatie traden eerder op. Daarnaast was de mortaliteit, duur van de respiratoire ondersteuning en het voorkomen van acute nierinsufficiëntie lager.
    • Premature en a terme neonaten Zwangerschapsduur ≥ 32 weken
      [1] [5] [6] [7] [8] [9] [10]
        • Postnatale leeftijd < 2 weken:
          • 60 mg/kg/dag in 3 doses
            Bij een MIC >4 kan de dosering verdubbeld worden.
        • Postnatale leeftijd > 2 weken tot 3 maanden:
          • 90 mg/kg/dag in 3 doses
            Bij een MIC >4 kan de dosering verder verhoogd worden naar 120 mg/kg/dag in 3 doses.
      • Advies inname/toediening:

        (Shabaan et al. 2017) heeft laten zien dat een infusieduur van 4 uur beter resultaat geeft dan een infusieduur van 30 minuten. De klinische verbetering en microbiële eradicatie traden eerder op. Daarnaast was de mortaliteit, duur van de respiratoire ondersteuning en het voorkomen van acute nierinsufficiëntie lager.

    • 3 maanden tot 18 jaar
      [2] [3] [4]
      • 60 mg/kg/dag in 3 doses. Max: 6 g/dag.
      • Kinderen ouder dan 3 maanden krijgen een lagere dosis dan kinderen jonger dan 3 maanden; deze lagere dosis is de geregistreerde dosis (on-label), terwijl meropenem niet geregistreerd is voor kinderen jonger dan 3 maanden (off-label). De beschikbare wetenschappelijke literatuur heeft uitgewezen dat kinderen jonger dan 3 maanden een hogere dosis nodig hebben. Het is vooralsnog onduidelijk of een hogere dosis ook bij oudere kinderen nodig is in de behandeling van bacteriële infecties anders dan meningitis of infecties bij CF.

Meningitis
  • Intraveneus
    • Preterme neonaten Zwangerschapsduur < 32 weken
      [6] [9]
        • Postnatale leeftijd < 2 weken:
          • 80 mg/kg/dag in 2 doses

        • Postnatale leeftijd > 2 weken:
          • 120 mg/kg/dag in 3 doses
          • Advies inname/toediening: (Shabaan et al. 2017) heeft laten zien dat een infusieduur van 4 uur beter resultaat geeft dan een infusieduur van 30 minuten. De klinische verbetering en microbiële eradicatie traden eerder op. Daarnaast was de mortaliteit, duur van de respiratoire ondersteuning en het voorkomen van acute nierinsufficiëntie lager.
    • Premature en a terme neonaten Zwangerschapsduur ≥ 32 weken
      [6] [9]
      • Onafhankelijk van postnatale leeftijd:  120 mg/kg/dag in 3 doses.
      • Advies inname/toediening:

        (Shabaan et al. 2017) heeft laten zien dat een infusieduur van 4 uur beter resultaat geeft dan een infusieduur van 30 minuten. De klinische verbetering en microbiële eradicatie traden eerder op. Daarnaast was de mortaliteit, duur van de respiratoire ondersteuning en het voorkomen van acute nierinsufficiëntie lager.

    • 1 maand tot 18 jaar
      [2] [3] [4]
      • 120 mg/kg/dag in 3 doses. Max: 6 g/dag.
Infecties bij cystische fibrose
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1] [3]
      • 120 mg/kg/dag in 3 doses. Max: 6 g/dag.
      • Alternatief: 100 mg/kg/dag continue infuus

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Aanpassingen als volgt:

GFR 50-80 ml/min/1.73 m2
Aanpassing niet nodig
GFR 30-50 ml/min/1.73 m2
100 % van normale keerdosis en interval tussen twee doseringen: 12 uur
Zie waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen
GFR 10-30 ml/min/1.73 m2
1e dosis: 100% van normale keer dosis, Vervolgdoses: 50%. Doseerinterval 12 uur
Zie waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen
GFR < 10 ml/min/1.73 m2
1e dosis: 100% van normale keer dosis, Vervolgdoses: 50%. Doseerinterval 24 uur
Klinische gevolgen

Bijwerkingen zijn onder andere maagdarmstoornissen, hoofdpijn, paresthesie, orale en vaginale candidiasis, reversibele trombocytose, eosinofilie, trombocytopenie en neutropenie, reversibele stijging van leverfunctiewaarden.

Bij Dialyse

Hemodialyse en peritoneaal dialyse: 50% van normale keerdosis en interval tussen twee doseringen: 24 uur

Bijwerkingen bij kinderen

Er zijn geen aanwijzingen dat het veiligheidsprofiel voor kinderen anders is dan voor volwassenen. [SmPC]

Bijwerkingen algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

Vaak (1-10%): hoofdpijn. Misselijkheid, braken, diarree, buikpijn. Ontstekingsverschijnselen en pijn op de injectieplaats. Huiduitslag, jeuk. Trombocytemie, stijgingen van de serum transaminasen, alkalische fosfatase of LDH.

Soms (0,1-1%): orale en vaginale candidiasis. Paresthesie. Urticaria, ernstige huidreacties zoals toxische epidermale necrolyse (TEN), Stevens-Johnsonsyndroom (SJS), erythema multiforme. Tromboflebitis. Trombocytopenie, eosinofilie, leukopenie, neutropenie. Stijging van waarden bilirubine, creatinine en/of ureum in het bloed.

Zelden (0,01-0,1%): convulsies. Delier.

Verder zijn nog gemeld: angio-oedeem, anafylactische reacties, andere ernstige huidreacties zoals acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose (AGEP) en geneesmiddelexantheem met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS-syndroom). Agranulocytose, hemolytische anemie. Pseudomembraneuze colitis (variërend van licht tot levensgevaarlijk).

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contra-indicatie algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

  • overgevoeligheid voor andere carbapenemantibiotica;
  • ernstige overgevoeligheid voor andere β-lactamantibiotica (penicillinen, cefalosporinen).

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Meropenem is een reserve antibioticum. Bij cystic fibrosis op strikte indicatie, altijd in combinatie met aminoglycoside.

Gelijktijdig gebruik met valproïnezuur wordt afgeraden; de valproïnespiegel daalt sterk en is niet te herstellen door het ophogen van de dosis. Kies daarom een ander antibioticum.

Waarschuwingen en voorzorgen algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

Ernstige huidreacties: waaronder het Stevens-Johnsonsyndroom (SJS), toxische epidermale necrolyse (TEN), erythema multiforme, acuut gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose (AGEP) en het DRESS-syndroom zijn gemeld; indien zich symptomen van ernstige huidreacties ontwikkelen (huiduitslag met koorts, malaise, vermoeidheid, spier- en/of gewrichtspijn, blaren, laesies in de mond, conjunctivitis, hepatitis en/of eosinofilie) het gebruik van meropenem onmiddellijk staken en een andere behandeling overwegen.

Bij gestoorde leverfunctie regelmatig de transaminasen en bilirubinespiegels controleren.

Bij aanhoudende ernstige diarree de diagnose pseudomembraneuze colitis overwegen.

Door gebruik kan de Coombs-test fout-positief worden.

Interacties Bron: KNMP Kennisbank

Niet beoordeeld:
Probenecide verhoogt de plasmaconcentratie en verlengt de eliminatiehalfwaardetijd door remming van de renale tubulaire secretie.

Interacties carbapenems algemeen:

Relevant:
Het effect van VKA's kan worden versterkt, waarschijnlijk door een verhoogde afbraak van stollingsfactoren gedurende de koortsperiode.

De concentratie van valproïnezuur kan sterk dalen, dit effect treedt vaak binnen 24 uur na start van het carbapenem op. Na staken van het carbapenem stijgt de valproïnezuurspiegel weer geleidelijk, dit kan 1-2 weken duren.

Geen interactie:
In de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met orale anticonceptiva, tetracyclines of TNF-α-antagonisten.

OVERIGE BETALACTAM-ANTIBIOTICA

Deze pagina geeft een overzicht van geneesmiddelen uit dezelfde ATC groep. Let op: Dit betekent niet per definitie dat deze middelen onderling uitwisselbaar zijn.

CEFALOSPORINES VAN DE EERSTE GENERATIE

Cefalexine

Keforal
J01DB01

Cefazoline

Kefzol
J01DB04
CEFALOSPORINES VAN DE TWEEDE GENERATIE

Cefaclor

Ceclor
J01DC04
J01DC02
CEFALOSPORINES VAN DE DERDE GENERATIE
J01DD01
J01DD02
J01DD52

Ceftibuten

Cedax
J01DD14

Ceftriaxon

Rocephin
J01DD04
CEFALOSPORINES VAN DE VIERDE GENERATIE
J01DE01
MONOBACTAM-ANTIBIOTICA

Aztreonam

Cayston
J01DF01
CARBAPENEM-ANTIBIOTICA

Ertapenem

Invanze
J01DH03
J01DH51
OVERIGE CEFALOSPORINES EN PENEMS

Ceftaroline

Zinforo
J01DI02

Referenties

  1. Hartwig NC, et al, Vademecum pediatrische antimicrobiële therapie, 2005
  2. AstraZeneca BV, SPC Meronem (RVG 17864), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 10 juni 2010, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h17864.pdf
  3. Centrafarm BV, SmPC Meropenem (RVG 109673) 15-06-2018, www. geneesmiddeleninformatiebank.nl
  4. Dr. Friedrich Eberth, SmPC Meropenem Dr. F. Eberth 500 mg Plv. z. Herst. e. Inj.-/Inf.lsg. (1-31186), https://www.univadis.at/, 05/2018
  5. Bradley, J. S., et al , Meropenem pharmacokinetics, pharmacodynamics, and Monte Carlo simulation in the neonate, Pediatr Infect Dis J, 2008, 27(9), 794-9
  6. Germovsek, E., et al , Plasma and CSF pharmacokinetics of meropenem in neonates and young infants: results from the NeoMero studies, J Antimicrob Chemother, 2018, 73(7), 1908-1916
  7. Lutsar, I. et al, Meropenem vs standard of care for treatment of neonatal late onset sepsis (NeoMero1): A randomised controlled trial. , PLoS One, 2020, 15(3), e0229380
  8. Pfizer, Inc. , Prescribing information Merrem IV (FDA label) rev. 04/2019, https://www.accessdata.fda.gov.
  9. Shabaan, A. E., , Conventional Versus Prolonged Infusion of Meropenem in Neonates With Gram-negative Late-onset Sepsis: A Randomized Controlled Trial., Pediatr Infect Dis J, 2017, 36(4), 358-363
  10. Smith, P.B. et al, Population pharmacokinetics of meropenem in plasma and cerebrospinal fluid of infants with suspected or complicated intra-abdominal infections. , Pediatr Infect Dis J , 2011, 30(10), 844-9

Wijzigingen

  • 09 oktober 2023 15:44: Doseeraanpassingen bij nierfucntie stoornissen aangepast op basis van adviezen bij volwassenen en pediatrische expert opinion.
  • 04 maart 2021 13:11: De beschikbare wetenschappelijke literatuur over de toepassing van meropenem bij neonaten is beoordeeld. Dit heeft geleid tot de toevoeging van PK data,
  • 18 september 2019 15:31: PK data bij kinderen toegevoegd op basis van SmPC
  • 18 september 2019 15:31: Dosering voor CF aangepast op basis van de SmPC
  • 26 januari 2017 11:28: Wijziging advies verminderde nierfunctie, toevoeging advies bij dialyse

Overdosering