Imipenem + Cilastatine (combinatie preparaat)

Stofnaam
Imipenem + Cilastatine (combinatie preparaat)
Merknaam
ATC code
J01DH51

Imipenem + Cilastatine (combinatie preparaat)

Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Infecties: On-label
Infecties bij CF:
< 40 kg: Off-label
> 40 kg: Dosering tot 90 mg/kg/dag: On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Kinderen>40 kg:
Lichte infecties: 250 mg IV 4 dd
Matig ernstige infecties: 500 mg IV 3 -4  5, zo nodig verhogen tot max. 1000 mg IV 3-4 dd  tot max. 50 mg/kg lich.gewicht per dag; bij patiënten met cystische fibrose is wel tot 90 mg/kg lich.gewicht per dag (max. 4 g per dag) toegediend
Kinderen > 1 jaar <40 kg: 15 mg/kg/6 uur IV (max 2g/dag).

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Per poeder voor infusieopl.: Imipenem (als 1-water) 500 mg Cilastatine (als Na-zout) 500 mg

Eigenschappen

Imipenem is een bactericide bèta-lactam antibioticum, behorend tot de carbapenems. Remt de synthese van de bacteriële celwand door binding aan penicillinebindende eiwitten (PBP's). Cilastatine is een competitieve, reversibele remmer van dehydropeptidase-1, het nierenzym dat imipenem metaboliseert en inactiveert. Dit verhoogt de concentratie van imipenem, vooral in de urinewegen. Er zijn aanwijzingen dat cilastatine de nefrotoxiciteit van imipenem vermindert door opname van imipenem in de tubuluscellen te voorkomen. Algemeen gevoelig zijn: Enterococcus faecalis, Staphylococcus aureus (meticilline–gevoelig), Staphylococcus coagulasenegatief (meticilline–gevoelig), Streptococcus agalactiae, Streptococcus pneumoniae, Streptococcus pyogenes, Streptococcus viridans–groep, Citrobacter freundii, Enterobacter aerogenes, Enterobacter cloacae, Escherichia coli, Haemophilus influenzae, Klebsiella oxytoca, Klebsiella pneumoniae, Moraxella catarrhalis, Serratia marcescens, Clostridium perfringens, Peptostreptococcus spp., Bacteroides fragilis, Bacteroides fragilis–groep, Fusobacterium spp., Porphyromonas asaccharolytica, Prevotella spp. en Veillonella spp. Een verworven resistentie kan een probleem zijn bij: Acinetobacter baumannii en Pseudomonas aeruginosa. Ongevoelig zijn: Enterococcus faecium, Staphylococcus aureus (meticilline–resistent), Staphylococcus aureus coagulasenegatief (meticilline–resistent), sommige stammen van Burkholderia cepacia, Legionella spp., Stenotrophomonas maltophilia, Chlamydia spp., Chlamydophila spp., Mycoplasma spp. en Ureoplasma urealyticum. Imipenem is ongevoelig voor de meeste bèta-lactamasen; het kan wel bèta-lactamasevorming induceren.

Kinetische gegevens

Vd = ca. 0,20 l/kg (imipenem, cilastatine). Bij kinderen ca. 45% hoger (imipenem). Eliminatie: met de urine, ca. 70% onveranderd (imipenem, cilastatine). T1/2 = 1 uur (imipenem, cilastatine), langer bij verminderde nierfunctie. Langer bij kinderen.

Doseringen

Indicatie: Infecties
  • Intraveneus
    • < 40 kg
      [4]
      • 60/60 mg/kg/dag in 4 doses, max 2.000/2.000 mg/dag

    • ≥ 40 kg
      [4]
      • 2.000/2.000 mg/dag in 4 doses, max:4.000/4.000 mg/dag

Indicatie: Infecties bij Cystic Fibrosis
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • 100/100 mg/kg/dag in 4 doses, max: 4.000/4.000 mg/dag

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Er zijn geen gegevens bekend over doseeraanpassing bij nierfunctiestoornissen.

OVERIGE BETALACTAM-ANTIBIOTICA

CEFALOSPORINES VAN DE EERSTE GENERATIE

Cefalexine

Keforal
J01DB01

Cefalotine

Keflin
J01DB03

Cefazoline

Kefzol
J01DB04
CEFALOSPORINES VAN DE TWEEDE GENERATIE

Cefaclor

Ceclor
J01DC04

Cefamandol

Mandol
J01DC03
J01DC02
CEFALOSPORINES VAN DE DERDE GENERATIE
J01DD01

Ceftazidim

Fortum
J01DD02

Ceftibuten

Cedax
J01DD14

Ceftriaxon

Rocephin
J01DD04
MONOBACTAM-ANTIBIOTICA
J01DF01
CARBAPENEM-ANTIBIOTICA

Meropenem

Meronem
J01DH02
CEFALOSPORINES VAN DE EERSTE GENERATIE

Cefalexine

Keforal
J01DB01

Cefalotine

Keflin
J01DB03

Cefazoline

Kefzol
J01DB04
CEFALOSPORINES VAN DE TWEEDE GENERATIE

Cefaclor

Ceclor
J01DC04

Cefamandol

Mandol
J01DC03
J01DC02
CEFALOSPORINES VAN DE DERDE GENERATIE
J01DD01

Ceftazidim

Fortum
J01DD02

Ceftibuten

Cedax
J01DD14

Ceftriaxon

Rocephin
J01DD04
MONOBACTAM-ANTIBIOTICA
J01DF01
CARBAPENEM-ANTIBIOTICA

Meropenem

Meronem
J01DH02

Bijwerkingen bij kinderen

Bij orale toediening treden vaak lichte maag-darm stoornissen op.

Bijwerkingen bij volwassenen

Vaak (1–10%) eosinofilie. Misselijkheid en braken (vaker bij granulocytopene patiënten), diarree. Stijging van de serum transaminasen en/of serum AF. Huiduitslag (bv. exanthemateus). Tromboflebitis. Soms (0,1–1%): leukopenie, neutropenie, trombocytopenie, trombocytose, pancytopenie. Jeuk, urticaria. Pijn, erytheem en verharding op de infusieplaats, koorts. Hypotensie. Myoklonische activiteit, insult, slaperigheid, (draai)duizeligheid. Psychische stoornissen, inclusief hallucinaties en verwardheid. Verlaagd hemoglobine, verhoogde waarden van serumbilirubine, serumcreatinine en bloedureum, verlengde protrombinetijd. Zelden (0,01–0,1%): pseudomembraneuze colitis, candidiasis. Agranulocytose. Verkleuring van tanden en/of tong. Anafylactische reactie. Toxische epidermale necrolyse, angio–oedeem, Stevens–Johnsonsyndroom, erythema multiforme, exfoliatieve dermatitis. Acuut nierfalen, oligurie, anurie, polyurie. Leverfalen, hepatitis. Paresthesie, focale tremoren, encefalopathie, smaakstoornis. Gehoorverlies. Zeer zelden (< 0,01%): glossitis, hypertrofie van de tongpapillen, zuurbranden, gastro–enteritis, hemorragische colitis. Fulminante hepatitis. Hemolytische anemie. Blozen. Hoofdpijn, verergering myasthenia gravis. Oorsuizen. Dyspneu, hyperventilatie, pijn in de farynx. Polyartralgie, pijn in thoracale wervelkolom. Pijn op de borst, asthenie. Hyperhidrose, veranderingen in de huidweefselstructuur. Pruritus vulvae.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij volwassenen

Overgevoeligheidsreacties zoals anafylactische reacties na eerdere toediening van penicillinen, cefalosporinen of carbapenems.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Voorzichtigheid is geboden bij nierfunctiestoornissen. Kan epilepsie-aanvallen veroorzaken bij patienten die daarvoor gepredisponeerd zijn.

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Dit preparaat is niet geïndiceerd voor de behandeling van meningitis. Er bestaat kruisovergevoeligheid met andere bèta–lactam antibiotica zoals cefalosporinen, penicillinen en andere carbapenems; vóór toediening zorgvuldig nagaan of de patiënt overgevoelig is voor bèta–lactam antibiotica. Gezien de kans op levertoxiciteit de leverfunctie vóór en tijdens de behandeling controleren. Bijwerkingen op het CNS zoals myoklonieën, insulten of verwardheid komen vooral voor bij bestaande aandoeningen van het CNS en/of accumulatie van imipenem (bv. bij een verminderde nierfunctie). Indien focale tremoren, myoclonus of insulten optreden een anticonvulsieve therapie starten; bij aanhouden van deze bijwerkingen de dosering van imipenem verlagen of de therapie staken. Indien tijdens toepassing ernstige diarree ontstaat de diagnose pseudomembraneuze colitis overwegen. Er kan een positievedirecte Coombs-test ontstaan

Interacties

Interacties cilastine
Relevant: de plasmaconcentratie van valproïnezuur kan sterk dalen; dit effect treedt vaak binnen 24 uur op.

Tetracyclines (bacteriostatisch effect) kunnen in vitro het bactericide effect van imipenem antagoneren. Dit berust op de aanname dat bactericide antibiotica uitsluitend groeiende bacteriën kunnen doden. Het klinische belang daarvan is alleen aannemelijk gemaakt bij meningitis, endocarditis en bij patiënten met ernstige neutropenie. Bij deze levensbedreigende infecties moet de combinatie worden vermeden.

Niet beoordeeld: bij combinatie met ganciclovir zijn gegeneraliseerde convulsies gemeld.

Interacties carbapenems algemeen:

Relevant: de plasmaconcentratie van valproïnezuur kan sterk dalen, dit effect treedt vaak binnen 24 uur op.
Tetracyclines (bacteriostatisch effect) kunnen in vitro het bactericide effect van ertapenem antagoneren. Dit berust op de aanname dat bactericide antibiotica uitsluitend groeiende bacteriën kunnen doden. Het klinisch belang daarvan is alleen aannemelijk gemaakt bij meningitis, endocarditis en bij patiënten met ernstige neutropenie. Bij deze levensbedreigende infecties moet de combinatie worden vermeden.

Interacties antimicrobiele middelen algemeen
Relevant: de werking van oraal buiktyfusvaccin kan worden verminderd bij gelijktijdige inname van antibacteriële middelen. Gescheiden inname met een interval van 3 dagen wordt aanbevolen. Alternatief: parenteraal buiktyfusvaccin.

Het effect van cumarinederivaten kan worden versterkt, waarschijnlijk door een verhoogde afbraak van stollingsfactoren gedurende de koortsperiode.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met orale anticonceptiva (dit geldt niet voor de enzyminducerende antibiotica rifabutine en rifampicine) of met TNF-α-antagonisten.

Referenties

  1. Hartwig NC, et al, Vademecum pediatrische antimicrobiële therapie, 2005
  2. ZorgInstituut Nederand, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 27 okt 2014
  3. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), Geraadpleegd 08 okt 2015
  4. MSD BV, SPC Tienam (RVG 11089), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 4 juni 2010, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h11089.pdf

Wijzigingen