Cocaine

Stofnaam
Cocaine
Merknaam
ATC code
N01BC01
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Unlicensed

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Niet geregistreerd als geneesmiddel

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Lokale bereiding, geen commercieel preparaat beschikbaar. Concentratie niet hoger dan 4%

Valt onder de opiumwet.

Eigenschappen

Indirect sympathicomimeticum. Heeft een lokaal anesthetische, vasoconstrictieve en mydriatische werking

Kinetische gegevens

Geen informatie

Doseringen

Indicatie: Oppervlakte anesthesie bij KNO ingrepen
  • Mucosaal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • Cocaine tot maximale concentratie 4% op slijmvliezen aanbrengen. 

        Maximum dosis: 3 mg/kg per ingreep.

         

         

      • Er zijn geen onderzoeken verricht naar de toepassing van cocaine bij kinderen bij operatieve ingrepen in het KNO gebied.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

ANAESTHETICA, LOKALE

AMIDEN

Bupivacaine

Marcaine 0,25 %, 0,5%
N01BB01

Levobupivacaine

Chirocaine
N01BB10

Lidocaine

Xylocaine
N01BB02

Lidocaine+chloorhexidine

Instillagel, Cathejell
N01BB52
N01BB20
N01BB20
N01BB03

Prilocaine

Citanest
N01BB04

Ropivacaine

Naropin
N01BB09
AMIDEN

Bupivacaine

Marcaine 0,25 %, 0,5%
N01BB01

Levobupivacaine

Chirocaine
N01BB10

Lidocaine

Xylocaine
N01BB02

Lidocaine+chloorhexidine

Instillagel, Cathejell
N01BB52
N01BB20
N01BB20
N01BB03

Prilocaine

Citanest
N01BB04

Ropivacaine

Naropin
N01BB09

Bijwerkingen bij volwassenen

De bijwerkingen van cocaïne verschillen in zoverre van de andere lokale anesthetica dat tegelijkertijd uitgesproken centrale en perifere sympathicomimetische effecten kunnen optreden.

Als centrale effecten kunnen optreden euforie en stimulering van de cortex, hetgeen zich uit als opwinding, rusteloosheid en tremoren gevolgd door tonisch-klonische convulsies.

Tachycardie, hypertensie en myocardischemie worden aanvankelijk ook gezien. Als gevolg van myocardischemie kunnen aanvallen van angina pectoris en in ernstige gevallen een myocardinfarct optreden.

Verlenging van het QTc-interval en torsade de pointes zijn gemeld.

Herhaald gebruik resulteert in psychische afhankelijkheid en tolerantie.

Bij lokale toepassing op de slijmvliezen van mond of neus neemt het onderscheidingsvermogen van de tastzin af, waardoor smaak en reuk verminderen of verdwijnen.

Bij intranasaal cocaïnemisbruik kan neusseptumperforatie optreden.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij volwassenen

Overgevoeligheid voor lokale anesthetica van hetzelfde type en toediening in ontstoken en/of geïnfecteerd gebied. Verder aangeboren of verworven lang-QT-intervalsyndroom en Brugada-syndroom vanwege een verhoogd risico op ventriculaire hartritmestoornissen, hartstilstand en plotselinge dood.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Uitsluitend voor oppervlakte anesthesie tijdens operatieve KNO ingrepen. Eventueel in combinatie met adrenaline 1:20.000

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Vanwege de indirect sympathicomimetische werking is voorzichtigheid geboden bij ernstige cardiovasculaire aandoeningen, zoals angina pectoris, recent doorgemaakt myocardinfarct en hartfalen, hypertensie, ritmestoornissen, en bij epilepsie. Patiënten met hyperthyreoïdie kunnen extra gevoelig zijn voor catecholaminen.

Interacties

Niet beoordeeld: cocaïne veroorzaakt vasoconstrictie. Bij combinatie met een andere vasoconstrictor kan overmatige stimulering van het centraal zenuwstelsel ontstaan. Ondanks de hoofdzakelijk lokale werking kunnen hartritmestoornissen optreden door de verhoogde concentratie circulerende catecholaminen.

β-Blokkers blokkeren het overgebleven α-effect van cocaïne niet, waardoor hypertensie en bradycardie kunnen optreden.

Interacties lokale anesthetica algemeen
Niet beoordeeld: lokale anesthetica van het ester-type zijn derivaten van 4-aminobenzoëzuur en zouden de werking van sulfonamiden kunnen antagoneren.
Combinatie met een vasoconstrictor
•Inhalatie-anesthetica kunnen het hart sensibiliseren voor catecholamines, waardoor hartritmestoornissen kunnen optreden.
•Bij gebruik van een niet-selectieve β-blokker kan ernstige hypertensie en bradycardie optreden.
•Bij gebruik van methylergometrine, ergotamine of van andere vasoconstrictiva kunnen aanhoudende hypertensie of cerebrovasculaire accidenten ontstaan.
•Het bloeddrukverhogende effect van adrenaline kan door tricyclische antidepressiva worden versterkt.
•Fenothiazines kunnen het bloeddrukverhogende effect van adrenaline verminderen of omkeren.

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-Formularium voor Kinderen, 2008
  2. Informatorium Medicamentorum, (Interacties, Contra-Indicaties, Bijwerkingen), Geraadpleegd 10 nov 2014

Wijzigingen