Isofluraan

Stofnaam
Isofluraan
Merknaam
ATC code
N01AB06
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Gecontraindiceerd bij kinderen<2 jaar.
De geïnhaleerde concentratie die benodigd is om klinische narcose te bereiken is afhankelijk van de leeftijd van de patiënt. De Minimale Alveolaire Concentratie (MAC) van isofluraan in zuurstof loopt op van een gemiddelde van 1,6% in pasgeborenen tot 1,87% bij babies van 6 maanden, en neemt dan geleidelijk of met de leeftijd tot 1,28% in jonge volwassenen en 1,05% in bejaarde patiënten

Premedicatie: Geneesmiddelen voor premedicatie dienen voor elke patiënt afzonderlijk te worden bepaald. Daarbij dient rekening te worden gehouden met het depressieve effect dat isofluraan op de ademhaling heeft. Toepassing van geneesmiddelen met een anticholinergische werking is facultatief, maar het gebruik ervan is aan te bevelen ter inductie van inhalatie bij met name kinderen.
Het wordt aanbevolen om isofluraan-inductie te beginnen met een concentratie van 0,5%, met opeenvolgende verhogingen van 1,5 - 3%, concentraties die normaal leiden tot chirurgische narcose in 7 tot 10 minuten.
Onderhoud: De onderhoudsdosering bij een operatieve ingreep bedraagt 1,0-2,5% isofluraan in zuurstof/stikstofoxidenmengsels. Indien isofluraan uitsluitend met zuurstof wordt toegediend, kan het noodzakelijk zijn om 0,5-1,0% extra isofluraan toe te voegen. Gelijktijdig gebruik van spierverslappers vermindert de benodigde hoeveelheid isofluraan

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Inhalatiegas 100 ml, 250 ml

Eigenschappen

Dampvormig anaestheticum. Werkt sneller en korter dan halothaan. Door slijmvliesirritatie minder geschikt voor inductie.

Isofluraan vermindert snel de faryngeale en laryngeale reflexen, waardoor intubatie gemakkelijker wordt.

Kinetische gegevens

De geïnhaleerde concentratie die benodigd is om klinische narcose te bereiken is afhankelijk van de leeftijd van de patiënt. De Minimale Alveolaire Concentratie (MAC) van isofluraan in zuurstof loopt op van een gemiddelde van 1,6% in pasgeborenen tot 1,87% bij babies van 6 maanden, en neemt dan geleidelijk of met de leeftijd tot 1,28% in jonge volwassenen en 1,05% in bejaarde patiënten.

Doseringen

Indicatie: Inhalatie anaesthesie
  • Inhalatie
    • 1 maand tot 18 jaar
      [3]
      • Dosering wordt individueel bepaald

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Er zijn geen gegevens bekend over doseeraanpassing bij nierfunctiestoornissen.

ALGEMENE ANAESTHETICA

GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN

Desfluraan

Suprane
N01AB07

Fentanyl (citraat) Transdermaal

Durogesic (pleister)
N01AB03

Sevofluraan

Sevorane
N01AB08
BARBITURATEN

Thiopental

Pentothal
N01AF03
OPIOIDE ANAESTHETICA

Alfentanil

Rapifen
N01AH02
N01AH01

Remifentanil

Ultiva
N01AH06

Sufentanil

Sufenta
N01AH03
OVERIGE ALGEMENE ANAESTHETICA
N01AX01

Esketamine

Ketanest S
N01AX14

Etomidaat

Etomidaat lipuro
N01AX07

Propofol

Diprivan, Propofol Lipuro
N01AX10
GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN

Desfluraan

Suprane
N01AB07

Fentanyl (citraat) Transdermaal

Durogesic (pleister)
N01AB03

Sevofluraan

Sevorane
N01AB08
BARBITURATEN

Thiopental

Pentothal
N01AF03
OPIOIDE ANAESTHETICA

Alfentanil

Rapifen
N01AH02
N01AH01

Remifentanil

Ultiva
N01AH06

Sufentanil

Sufenta
N01AH03
OVERIGE ALGEMENE ANAESTHETICA
N01AX01

Esketamine

Ketanest S
N01AX14

Etomidaat

Etomidaat lipuro
N01AX07

Propofol

Diprivan, Propofol Lipuro
N01AX10

Bijwerkingen bij volwassenen

Hypotensie, ademhalingsdepressie, aritmieën, stijging van het aantal leukocyten, maligne hyperthermie, leverfunctiestoornissen zoals icterus, hepatitis en fatale levernecrose, zijn gemeld.

Tijdens de inductiefase kunnen bij kinderen de secretie van speeksel, hoesten en trancheobroncheale secretie toenemen.

Postoperatief kunnen misselijkheid, braken en rillingen optreden.

Bronchoconstrictie kan optreden bij personen die daarvoor gevoelig zijn.

Voorbijgaande verhoging van de bloedglucose- en serumcreatinineconcentratie gepaard gaande met een daling van de serumconcentratie van cholesterol, ureum en AF kunnen voorkomen.

Zelden is hyperkaliëmie opgetreden.

Het kan slaapapneu verergeren.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij volwassenen

Overgevoeligheid, een contra-indicatie voor algemene anesthesie, bekende of vermoede genetische aanleg voor maligne hyperthermie, en leverfunctiestoornis, geelzucht, leukocytose en eosinofilie of koorts na toediening van een gehalogeneerd anestheticum in de anamnese.

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Voorzichtigheid is geboden bij (een risico op) een hart- en vaataandoening, bij een verhoogde intracraniale druk, bij slaapapneu omdat dit kan verergeren, en bij myasthenia gravis vanwege een verhoogde gevoeligheid voor ademhalingsdepressie

Interacties

Niet beoordeeld: gehalogeneerde anesthetica versterken de spierverslappende werking van niet-depolariserende spierrelaxantia. De dosering van het spierrelaxans kan met een derde tot de helft worden verlaagd. Lachgas heeft dit effect niet.
Bij combinatie van gehalogeneerde anesthetica met adrenaline of noradrenaline kunnen hartritmestoornissen optreden.
Combinatie van gehalogeneerde anesthetica met amfetamine of efedrine verhoogt het risico op plotselinge bloeddrukverhoging tijdens de operatie.
Bij gebruik van β-blokkers tijdens de ingreep kan het cardiovasculaire compensatiemechanisme worden geblokkeerd. Dit kan leiden tot versterking van de negatief-inotrope en negatief-chronotrope effecten. Therapie met een β-blokker kan echter meestal worden voortgezet tijdens inhalatie-anesthesie met gehalogeneerde anesthetica. Tijdens de ingreep kan de werking van β-blokkers worden onderdrukt door β-sympathicomimetica.
Combinatie van gehalogeneerde anesthetica met vasodilatantia kan het hypotensieve effect versterken.
De werking van gehalogeneerde anesthetica kan worden versterkt door opioïden.
Combinatie met opioïden, zoals fentanyl en remifentanil, verlaagt de MAC van de anesthetica.
Bij combinatie van gehalogeneerde anesthetica met lachgas neemt de MAC af.
Bij combinatie van gehalogeneerde anesthetica met isoniazide kunnen de hepatotoxische effecten van isoniazide worden versterkt. Geadviseerd wordt 1 week voorafgaand aan de ingreep tot 15 dagen na de ingreep de behandeling met isoniazide te staken.

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-Formularium voor kinderen, 2007
  2. Informatorium Medicamentorum, (Bijwerkingen, Interacties, Contraindicaties), Geraadpleegd 27 okt 2014
  3. Minrad EU, SPC Isofluraan Minrad (RVG 22940), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 4 juni 2010, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h22940.pdf

Wijzigingen