Hydroxychloroquine

Stofnaam
Hydroxychloroquine
Merknaam
Plaquenil
ATC code
P01BA02
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

JIA en SLE: On-label (Doseringen > 6,5 mg/kg:
Off-label)
Profylaxe malaria: On-label
Behandeling malaria: On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Profylaxe malaria:
kinderen: 6,5 mg/kg/week, max 400 mg/week
Behandeling malaria:
kinderen:
1e dosering: 10 mg/kg, maximaal eenmalig 800 mg
2e dosering: 5 mg/kg, max 400 mg/dosis 6 uur na 1e dosering
3e dosering: 5 mg/kg, max 400 mg/dosis, 18 uur na 2e dosering
4e dosering: 5 mg/kg, max 400 mg/dosis, 24 uur na 3e  dosering.
Totaal maximaal 2000 mg over 3 dagen.
JIA en SLE:  Kinderen: max 6,5 mg/kg/dag gebaseeerd op ideaal gewicht

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Tablet omhuld (sulfaat) 200 mg

Eigenschappen

Malariamiddel. Het heeft een bloedschizonticide werking waardoor de aseksuele erytrocytaire vormen van Plasmodia worden gedood. Het is ook werkzaam tegen de extraintestinale vorm van Entamoeba histolytica (weefselamoebicide werking). Het werkingsmechanisme bij reumatoïde artritis is onbekend.

 

Kinetische gegevens

Geen informatie

Algemene opmerkingen

Hydroxychloroquine dient alleen te worden voorgeschreven door een kinderreumatoloog/immunoloog.

Doseringen

Indicatie: Juveniele Idiopathische Arthritis (JIA) en Systemische Lupus Erythematodes (SLE)
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [4]
      • 5 - 7 mg/kg/dag in 1 dosis , max: 600mg/dag
Indicatie: Profylaxe malaria
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [3]
      • 6,5 mg/kg/dosis 1 x per week Maximale dosering per gift: 400mg/dosis
      • Behandelduur:

        Profylaxe dient één week voor aankomst in een gebied met malaria te beginnen en voortgezet te worden tot vier à acht weken na vertrek uit dat gebied.

Indicatie: Behandeling malaria tropica
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [3]
      • Een totaaldosering van maximaal 2000 mg wordt toegediend over 3 dagen, als volgt:
        1e dosering: 10 mg/kg, maximaal eenmalig 800 mg
        2e dosering: 5 mg/kg, max 400 mg/dosis 6 uur na 1e dosering
        3e dosering: 5 mg/kg, max 400 mg/dosis, 18 uur na 2e dosering
        4e dosering: 5 mg/kg, max 400 mg/dosis, 24 uur na 3e dosering.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Er zijn geen gegevens bekend over doseeraanpassing bij nierfunctiestoornissen.

MALARIAMIDDELEN

AMINOCHINOLINES

Chloroquine

A-CQ100
P01BA01
BIGUANIDEN

Atovaquon+proguanil

Malarone, Malarone junior
P01BB51

Proguanil

Paludrine
P01BB01
METHANOLCHINOLINEN

Kinine

A–QS 200
P01BC01

Mefloquine

Lariam
P01BC02
DIAMINOPYRIMIDINES

Pyrimethamine

Daraprim
P01BD01
ARTEMISININE EN AFGELEIDE VERBINDINGEN

Artesunaat

Malacef
P01BE03
AMINOCHINOLINES

Chloroquine

A-CQ100
P01BA01
BIGUANIDEN

Atovaquon+proguanil

Malarone, Malarone junior
P01BB51

Proguanil

Paludrine
P01BB01
METHANOLCHINOLINEN

Kinine

A–QS 200
P01BC01

Mefloquine

Lariam
P01BC02
DIAMINOPYRIMIDINES

Pyrimethamine

Daraprim
P01BD01
ARTEMISININE EN AFGELEIDE VERBINDINGEN

Artesunaat

Malacef
P01BE03

Bijwerkingen bij kinderen

Maagdarmklachten, huidafwijkingen, haarverlies, myopathie, duizeligheid, tinnitus, irreversibele retinopathie [ACR]

Bijwerkingen bij volwassenen

Vaak (1-10%): anorexie.

Soms (0,1–1%): maag-darmstoornis zoals misselijkheid, diarree, buikpijn. Huiduitslag.

Zelden (0,01–0,1%): braken. Retinopathie met veranderingen in pigmentatie en gezichtsveldsdefecten. Psychose. Beenmergdepressie. Convulsies. Cardiomyopathie eventueel resulterend in (fataal) hartfalen, T-top-afwijkingen in het ECG.

Zeer zelden: (irreversibel) gehoorverlies. Acute gegeneraliseerde exanthematische pustulose (AGEP) die gepaard kan gaan met koorts en hyperleukocytose, erythema multiforme, Stevens-Johnsonsyndroom (SJS) en toxische epidermale necrolyse (TEN).

Frequentie niet bekend: allergische reacties (als urticaria, angio-oedeem en bronchospasme). Hoofdpijn, tinnitus, duizeligheid, vertigo, nervositeit, sneller geëmotioneerd zijn. Veranderingen in het hoornvlies (voorbijgaand of reversibel na het staken) of netvlies, verstoring van de accommodatie (dosisafhankelijk en reversibel). Afwijkingen in het bloedbeeld (anemie, trombocytopenie, leukopenie, agranulocytose), verergering porfyrie. Bi-ventriculaire hypertrofie, hartgeleidingsstoornis (bundeltak- of AV-blok), verlengde QT-tijd bij patiënten met een toegenomen kans daarop, mogelijk leidend tot aritmie ('torsade de pointes', ventriculaire tachycardie). Abnormale leverfunctiewaarde en fulminante leverinsufficiëntie. Huidaandoeningen (jeuk, pigmentatieveranderingen, alopecia, lichter worden van het haar, fotosensibilisatie, exfoliatieve dermatitis), lichen planus, (verergering) psoriasis. Myopathie, neuromyopathie, atrofie en spierzwakte, gevoelsstoornissen, verminderde peesreflexen, afwijkende zenuwgeleiding.


 

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij volwassenen

Myasthenia gravis. Maculopathie van het oog en retinitis pigmentosa. Overgevoeligheid voor 4-aminochinolinederivaten.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Vooral jonge kinderen zijn gevoelig voor 4-aminochinolinederivaten en betrekkelijk geringe doses kunnen zeer ernstige intoxicaties (zoals dodelijk verlopende ademhaling- en circulatie-insufficiëntie) met zich meebrengen.
Bij toepassing bij J.I.A.: therapeutisch effect treedt pas op na enkele weken tot maanden. In geval van ernstige bijwerkingen moet de behandeling worden gestaakt.

Doseringen hoger dan 5 mg/kg werkelijk lichaamsgewicht/dag geven een hoger risico op retinopathie, met name bij gebruik langer dan 5 jaar. Tevens is het risico op retinopathie sterk verhoogd bij nierfunctiestoornissen (eGRF < 60 ml/min) en moet een aangepaste dosis gegeven worden naast (dal)spiegelcontrole.  

Alhoewel evidence over rethinopathie bij kinderen ontbreekt, wordt oogheelkundig onderzoek bij kinderen geadviseerd voorafgaand aan de behandeling en vervolgens jaarlijks. Bij de eerste tekenen van retinopathie (bv. verstoring van gezichtsscherpte, kleurenzien) de behandeling onmiddellijk staken.

Visusstoornissen kunnen ook na beëindiging van de behandeling progressie vertonen.

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Kruisresistentie met proguanil en pyrimethamine is opgetreden. In veel gebieden bestaat chloroquine resistentie van P. falciparum en in toenemende mate van P. vivax, wat de bruikbaarheid beperkt. Officiële richtlijnen en lokale informatie over resistentie in acht nemen.

Wees voorzichtig bij:

  • aangeboren of gedocumenteerd verworven verlengde QT-tijd en/of bekende risicofactoren voor verlenging van het QT-interval (met het oog op kanstoename van ventriculaire ritmestoornissen, soms met fatale afloop) zoals:hartaandoeningen, zoals hartfalen of na een myocardinfarct;
  • proaritmische aandoeningen, bv. bradycardie < 50 slagen/min;
  • een voorgeschiedenis van ventriculaire ritmestoornissen;
  • niet-gereguleerde hypokaliëmie en/of hypomagnesiëmie;
  • gelijktijdige toediening van QT-tijd-verlengende geneesmiddelen (zie ook rubriek Interacties).
  • lever- en nierfunctiestoornissen;
  • ernstige gastro-intestinale, neurologische (waaronder epilepsie) of hematologische aandoeningen;
  • psoriasis (meer kans op huidreacties);
  • porfyrie;
  • G6PD-deficiëntie;
  • overgevoeligheid voor kinine.

QT-verlenging: de grootte van de verlenging van de QT-tijd kan stijgen met toenemende concentratie van hydroxychloroquine.

Bij het optreden van hartgeleidingsstoornissen de behandeling staken.

Oogheelkundig onderzoek is geïndiceerd voorafgaand aan de behandeling en daarna periodiek. Retinatoxiciteit is dosisafhankelijk; bij dosering < 6,5 mg/kg/dag is er weinig kans op. De fabrikant adviseert 2×/jaar controle en frequenter bij mensen met gestoorde lever- of nierfunctie, afgenomen gezichtsscherpte, bij ouderen, bij een cumulatieve dosering > 200 g of bij langdurig gebruik van doseringen > 6,5 mg/kg mager lichaamsgewicht per dag. Specialisten echter adviseren 2×/jaar controle bij een dosering hoger dan 800 mg per dag, 1×/jaar bij 400–800 mg per dag en verder alleen bij klachten bij 400 mg per dag of lager. Bij de eerste tekenen van retinopathie (bv. verstoring van gezichtsscherpte, kleurenzien) de behandeling onmiddellijk staken. Gezichtsstoornissen kunnen ook na beëindiging progressie vertonen.

Het bloedbeeld regelmatig controleren ('full blood count'), in verband met enige kans op beenmergdepressie. Bij het optreden van bloedbeeldafwijkingen de behandeling staken.

Spier- en peesfunctie: Bij langdurige behandeling de skeletspierfunctie en peesreflexen periodiek controleren. Bij het optreden van spierzwakte, de behandeling staken

Interacties

Hydroxychloroquine remt CYP2D6.

Relevant: de concentratie van digoxine kan stijgen.

Tamoxifen verhoogt het risico op retinale toxiciteit met een factor 5.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met mefloquine.

Niet beoordeeld: hydroxychloroquine kan het hypoglykemische effect van insuline en orale bloedglucoseverlagende middelen versterken, waardoor een aanpassing van de dosering van het bloedglucoseverlagende middel nodig kan zijn.

Combinatie met middelen die retinale toxiciteit induceren wordt ontraden.
Voorzichtigheid is geboden bij combinatie met middelen die het QTc-interval verlengen. 

Referenties

  1. ZorgInstituut Nederand, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 02 juli 2019
  2. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), Geraadpleegd 02 juli 2019
  3. Sanofi-Aventis Netherlands BV, SPC Plaquenil (RVG 00853), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 26 maart 2013
  4. Franssen MJAM et al, Werkboek Kinderreumatologie, VU Uitgeverij, 2008, 2e druk
  5. Nederlandse Vereniging voor Reumatologie, Standpunt HCQ Retinopathie screening, 2018, November
  6. American college of Rheumatology (ACR) , Position statement Screening for Hydroxychloroquine Retinopathy, 2017
  7. Sectie Kinderreumatologie/immunologie Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde, Expert opinie Hydroxychloroquine en rethinopathie, 2019, Juni

Wijzigingen

  • 30 augustus 2019 07:19: Nieuwe waarschuwing ten aanzien van optreden van retinopathie bij gebruik hydroxychloroquine.