Atracurium

Stofnaam
Atracurium
Merknaam
Tracrium
ATC code
M03AC04
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Verslapping van de skeletspieren:
< 1 mnd: Off-label
> 1 mnd:
On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Neuromusculaire blokkade:
>1 mnd: Volledig blok: 0,3-0,6 mg/kg. Blok verlengen door aanvullende doses van 0,1-0,2 mg/kg.
Endotracheale intubatie:
> 1 mnd: 0,5-0,6 mg/kg.
Bij IC-patienten:
> 1 mnd: na een facultatieve initiele bolusdosis van 0,3-0,6 mg/kg, 0,66-0,78 mg/kg/uur. Er bestaat echter een grote variatie in doseringsvereisten (0,27-1,77 mg/kg/uur).
 

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Inj.vlst. (dibesilaat) 10 mg/ml 2.5 ml, 5 ml, 25 ml

Eigenschappen

Neuromusculair werkende spierrelaxantia grijpen aan op de motorische eindplaat. Zij veroorzaken een verminderde respons van acetylcholine. Niet-depolariserende stoffen hebben hoge affiniteit voor de receptor, maar veroorzaken geen polarisatie. Er ontstaat direct een verlamming van de spieren. Effect binnen 2 minuten. Werkingsduur 15-30 minuten.

Kinetische gegevens

Het verdelingsvolume is bij neonaten groter dan bij oudere kinderen. Bij eenzelfde dosis bij neonaten en oudere kinderen zal de concentratie bij de myoneurale overgang bij neonaten geringer zijn.
eliminatie onafhankelijk van lever-en nierfunctie.

Doseringen

Indicatie: Verslapping van skeletspieren
  • Intraveneus
    • a terme neonaat
      • Startdosering: Intubatie: 0,3 mg/kg/dosis éénmalig
      • Onderhoudsdosering: 0,3 - 0,6 mg/kg/uur continu infuus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [3]
      • Startdosering: Intubatie: 0,5 mg/kg/dosis éénmalig
      • Onderhoudsdosering: 0,3 - 0,6 mg/kg/uur continu infuus

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

PERIFEER WERKENDE SPIERRELAXANTIA

CHOLINEDERIVATEN

Suxamethonium

Curalest
M03AB01
OVERIGE KWATERNAIRE AMMONIUMVERBINDINGEN

Cisatracurium

Nimbex
M03AC11

Mivacurium

Mivacron
M03AC10

Pancuronium

Pavulon
M03AC01

Rocuronium

Esmeron
M03AC09

Vecuronium

Norcuron
M03AC03
OVERIGE PERIFEER WERKENDE SPIERRELAXANTIA
M03AX01
CHOLINEDERIVATEN

Suxamethonium

Curalest
M03AB01
OVERIGE KWATERNAIRE AMMONIUMVERBINDINGEN

Cisatracurium

Nimbex
M03AC11

Mivacurium

Mivacron
M03AC10

Pancuronium

Pavulon
M03AC01

Rocuronium

Esmeron
M03AC09

Vecuronium

Norcuron
M03AC03
OVERIGE PERIFEER WERKENDE SPIERRELAXANTIA
M03AX01

Bijwerkingen bij kinderen

Histamine release.

Bijwerkingen bij volwassenen

De bijwerkingen worden veroorzaakt door het vrijmaken van histamine, door muscarinereceptorblokkade (vagolytisch effect) of door ganglionblokkade. De nieuwere niet-depolariserende spierrelaxantia hebben geen ganglionblokkerende eigenschappen, geen vagolytische werking (behalve pancuronium) en maken weinig tot geen histamine vrij. Vrijmaking histamine: urticaria, jeuk, vasodilatatie met hypotensie, bronchospasmen en overgevoeligheidsreacties (soms anafylaxie). Suxamethonium veroorzaakt dit het meest, gevolgd door atracurium (dosisafhankelijk). De stoffen met een steroïdskelet (pancuronium, rocuronium, vecuronium) en de nieuwere benzylisochinoliniumverbindingen (cisatracurium, mivacurium) maken in principe geen histamine vrij. Vagolytische werking: door blokkade van muscarinereceptoren in het hart en van sympatische ganglia en noradrenerge vezels kunnen tachycardie en verhoogde bloeddruk (soms hypertensie) optreden. Pancuronium kan dit veroorzaken. Ganglionblokkade: de niet-depolariserende stoffen en suxamethonium vertonen geen of vrijwel geen ganglionblokkerende eigenschappen (leidend tot bijvoorbeeld hypotensie en tachycardie).

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties, Waarschuwingen en voorzorgen

Er is hier op dit moment nog geen informatie over beschikbaar.

Interacties

Interacties perifeer werkende spierrelaxantie algemeen:

Niet-depolariserende stoffen

Niet beoordeeld:

Afname effect: de neuromusculaire blokkade kan worden geantagoneerd door cholinesteraseremmers als neostigmine; een dergelijke werking wordt ook verwacht van centraal werkende cholinesteraseremmers als rivastigmine. De blokkade kan ook worden verminderd door carbamazepine, fenytoïne en calciumzouten (intraveneus).

Toename effect: aminoglycosiden, colistine en polymyxine B hebben zelf een neuromusculair blokkerende werking en kunnen de neuromusculaire blokkade versterken. Ook kunnen inhalatie-anaesthetica (desfluraan en isofluraan het meest), esketamine, kinine, kinidine, chloroquine, corticosteroïden (hoge doseringen), magnesiumzouten (parenteraal) en voorafgaande toediening van suxamethonium de neuromusculaire blokkade versterken.

Als suxamethonium na een niet-depolariserende stof wordt toegediend, kan zowel versterking als verzwakking van de neuromusculaire blokkade optreden.

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-Formularium voor Kinderen, 2007
  2. GlaxoSmithKline BV, SPC Tracrium (RVG 09981), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 20 okt 2010, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h09981.pdf
  3. Informatorium Medicamentorum, Interacties, bijwerkingen, eigenschappen, waarschuwingen, Geraadpleegd 08 okt 2014

Wijzigingen