Mivacurium

Stofnaam
Mivacurium
Merknaam
Mivacron
ATC code
M03AC10
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Verslapping van de skeletspieren bij intubatie: On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Verslapping skeletspieren bij algehele anaesthesie:
2 mnd-6 mnd: 0,1-0,15 mg/kg als bolusinjectie, onderhoudsdosis: 0,1 mg/kg geeft een verlenging van ongveer 7 min.
7 mnd-12jr: initiele dosis 0,10-0,20 mg/kg als bolusinjectie, onderhoudsdosis 0,1 mg/kg geeft een verlenging van ongeveer 6-9 min.
In het algemeen vereisen kinderen hogere infuussnelheden dan volwassenen. De gemiddelde infuussnelheid die vereist is om 89 tot 99% neuromusculaire blokkade te handhaven:
2 tot 23 maanden
onder halothaananesthesie, is ongeveer 11 μg/kg/min (ongeveer 0,7 mg/kg/uur)
2 tot 12 jaar is de overeenkomstige gemiddelde infuussnelheid ongeveer 13 tot 14
μg/kg/min. (ongeveer 0,8 mg/kg/uur)
Onderhoudsdoses dienen bij kinderen in het algemeen frequenter te worden toegediend,
Endotracheale intubatie:
2-6 maanden:
0,15 mg/kg
7 mnd-12 jr:
0,2 mg/kg
 

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Inj.vlst. (als dichloride) 2 mg/ml

Eigenschappen

Is een kortwerkend spierrelaxans. Heeft geen vagolytische werking. Effect binnen 1-1,5 minuut. Werkingsduur 9 minuten.

Kinetische gegevens

Geen informatie

Doseringen

Indicatie: Verslapping van skeletspieren
  • Intraveneus
    • 2 maanden tot 7 maanden
      [3]
      • Startdosering: 0,1 - 0,15 mg/kg/dosis éénmalig
      • Onderhoudsdosering: 0,1 mg/kg/dosis zo nodig herhalen  
        • ALTERNATIEF CONTINU INFUUS: 0,2-1,5 mg/kg/uur (4-24 mcg/kg/min)
        • Bij toepassing gedurende stabiele gebalanceerde anesthesie of anesthesie met halothaan geeft een dosis van 0,15 mg/kg een klinisch effectieve blokkade gedurende 9 minuten
        • Onderhoudsdoses moeten bij kinderen in het algemeen frequenter worden toegediend. Een onderhoudsdosis van 0,1 mg/kg geeft een verlenging van ongeveer 7 minuten.
    • 7 maanden tot 2 jaar
      [3]
      • Startdosering: 0,1 - 0,2 mg/kg/dosis éénmalig
      • Onderhoudsdosering: 0,1 mg/kg/dosis zo nodig herhalen  
        • ALTERNATIEF CONTINU INFUUS: 0,2-1,6 mg/kg/uur (3-26 microg/kg/min)
        • Bij toepassing gedurende stabiele gebalanceerde anesthesie of anesthesie met halothaan geeft een dosis van 0,2 mg/kg een klinisch effectieve blokkade gedurende 9 minuten
        • Onderhoudsdoses moeten bij kinderen in het algemeen frequenter worden toegediend. Een onderhoudsdosis geeft een verlenging van 6-9 minuten.
    • 2 jaar tot 12 jaar
      [3]
      • Startdosering: 0,1 - 0,2 mg/kg/dosis éénmalig
      • Onderhoudsdosering: 0,1 mg/kg/dosis zo nodig herhalen  
        • ALTERNATIEF CONTINU INFUUS: 0,3-1,9 mg/kg/uur (5-31 microg/kg/min)
        • Bij toepassing gedurende stabiele gebalanceerde anesthesie of anesthesie met halothaan geeft een dosis van 0,2 mg/kg een klinisch effectieve blokkade gedurende 9 minuten
        • Onderhoudsdoses moeten bij kinderen in het algemeen frequenter worden toegediend. Een onderhoudsdosis geeft een verlenging van 6-9 minuten.
    • 12 jaar tot 18 jaar
      [3]
      • Startdosering: 0,07 - 0,25 mg/kg/dosis éénmalig
      • Onderhoudsdosering: 0,1 mg/kg/dosis zo nodig herhalen


      • ALTERNATIEF CONTINU INFUUS: 0,5-0,6 mg/kg/uur (8-10 microg/kg/min)

        • Doses van 0,10 mg/kg geven tijdens gebalanceerde anesthesie steeds een verlenging van ongeveer 15 minuten van een klinisch adequate blokkade. Opvolgende, aanvullende doses leiden niet tot cumulatievan het neuromusculair blokkerende effect.
        • De initiële infuussnelheid moet worden aangepast aan de respons van de patiënt op stimulatie van een perifere zenuw en aan klinische criteria. Verhogingen van de infuussnelheid dienen te geschieden in stappen van ongeveer 1 microg/kg/min (0,06 mg/kg/uur).
Indicatie: Endotracheale intubatie
  • Intraveneus
    • 2 maanden tot 7 maanden
      [3]
      • 0,15 mg/kg/dosis éénmalig
      • Een maximale blokkade wordt binnen ongeveer 1,4 minuten na toediening van deze dosis
        bereikt en binnen deze periode zal intubatie mogelijk zijn.

    • 7 maanden tot 12 jaar
      [3]
      • 0,2 mg/kg/dosis éénmalig
      • Binnen 2 minuten na toediening van deze dosis wordt gewoonlijk een maximale neuromusculaire blokkade bereikt en binnen deze periode zal intubatie mogelijk zijn 

    • 12 jaar tot 18 jaar
      [3]
      • 0,2 mg/kg/dosis éénmalig
      • Alternatief: 0,25 mg/kg in 2 verdeelde doses: 0,15 mg/kg, na 30 seconden gevolgd door 0,1 mg/kg

        De duur van de neuromusculaire blokkade is afhankelijk van de hoogte van de gekozen dosis. Doses van 0,07 mg/kg, 0,15 mg/kg, 0,20 mg/kg en 0,25 mg/kg geven een klinisch adequate relaxatie van
        respectievelijk 13, 16, 20 en 23 minuten.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

PERIFEER WERKENDE SPIERRELAXANTIA

CHOLINEDERIVATEN

Suxamethonium

Curalest
M03AB01
OVERIGE KWATERNAIRE AMMONIUMVERBINDINGEN

Atracurium

Tracrium
M03AC04

Cisatracurium

Nimbex
M03AC11

Pancuronium

Pavulon
M03AC01

Rocuronium

Esmeron
M03AC09

Vecuronium

Norcuron
M03AC03
OVERIGE PERIFEER WERKENDE SPIERRELAXANTIA
M03AX01
CHOLINEDERIVATEN

Suxamethonium

Curalest
M03AB01
OVERIGE KWATERNAIRE AMMONIUMVERBINDINGEN

Atracurium

Tracrium
M03AC04

Cisatracurium

Nimbex
M03AC11

Pancuronium

Pavulon
M03AC01

Rocuronium

Esmeron
M03AC09

Vecuronium

Norcuron
M03AC03
OVERIGE PERIFEER WERKENDE SPIERRELAXANTIA
M03AX01

Bijwerkingen bij kinderen

Het veiligheidsprofiel bij kinderen is vergelijkbaar met dat van volwassenen.

Bijwerkingen bij volwassenen

Bij meer dan 10% van de patiënten: blozen.

Bij minder dan 1%: tachycardie, hypotensie, bronchospasmen, erytheem en urticaria.

Deze bijwerkingen zijn het gevolg van vrijzetting van histamine en zijn afhankelijk van de dosis en de toedieningssnelheid.

Zelden zijn ernstige anafylactische reacties gemeld bij gebruik in combinatie met anaesthetica.

Bijwerkingen spierrelaxantia algemeen
De meest voorkomende bijwerking van de niet-depolariserende spierrelaxantia is een verlenging van de werking tot een periode die langer is dan nodig. Dit kan variëren van zwakte tot diepe en verlengde neuromusculaire blokkade van de dwarsgestreepte spieren resulterend in ademhalingsstoornissen of apneu.

Andere bijwerkingen worden veroorzaakt door het vrijmaken van histamine of door muscarinereceptorblokkade (vagolytisch effect). De niet-depolariserende spierrelaxantia hebben geen vagolytische werking (behalve pancuronium) en maken weinig tot geen histamine vrij.

Bijwerkingen ten gevolge van het vrijmaken van histamine zijn urticaria, jeuk, vasodilatatie met hypotensie, bronchospasmen en overgevoeligheidsreacties (soms anafylaxie). Suxamethonium veroorzaakt dit het meest, gevolgd door atracurium (dosisafhankelijk). Ook bij de andere niet-depolariserende spierrelaxantia kunnen deze bijwerkingen (zelden) voorkomen.

Door blokkade van muscarinereceptoren in het hart en van sympatische ganglia en noradrenerge vezels kunnen tachycardie en verhoogde bloeddruk (soms hypertensie) optreden, met name bij pancuronium.

Maligne hyperthermie kan voorkomen bij suxamethonium en vermoedelijk ook bij mivacurium bij patiënten die homozygoot zijn voor het atypische pseudocholinesterase gen (zie de rubriek Contra-indicaties).

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Verder is voorzichtigheid geboden bij ernstige infecties, kanker, collageenziekten, gedecompenseerd hartfalen, leverfalen en nierfalen vanwege verminderde pseudocholinesterase-activiteit en daardoor een verlengde werkingsduur.

Interacties

Niet relevant: cyclofosfamide kan de werkingsduur verlengen; mivacurium wordt snel gehydrolyseerd door pseudocholinesterase, de pseudocholinesteraseconcentratie kan dalen door cyclofosfamide.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met irinotecan.

Niet beoordeeld: isofluraan en sevofluraan versterken het effect van mivacurium. Bij gebruik van isofluraan voor (stabiele) anesthesie dient de aanvangsdosis te worden verminderd met max. 25% en de infusiesnelheid te worden verlaagd met max. 40%; bij gebruik van sevofluraan dient de infusiesnelheid te worden verlaagd met max. 50% (bij kinderen van 2-12 jaar met max. 70%).

Interacties Perifeer werkende spierrelaxantia algemeen:
Niet-depolariserende stoffen:

Niet beoordeeld:

Afname effect: de neuromusculaire blokkade kan worden geantagoneerd door cholinesteraseremmers als neostigmine; een dergelijke werking wordt ook verwacht van centraal werkende cholinesteraseremmers als rivastigmine. De blokkade kan ook worden verminderd door carbamazepine, fenytoïne en calciumzouten (intraveneus).

Toename effect: aminoglycosiden, colistine en polymyxine B hebben zelf een neuromusculair blokkerende werking en kunnen de neuromusculaire blokkade versterken. Ook kunnen inhalatie-anaesthetica (desfluraan en isofluraan het meest), esketamine, kinine, kinidine, chloroquine, corticosteroïden (hoge doseringen), magnesiumzouten (parenteraal) en voorafgaande toediening van suxamethonium de neuromusculaire blokkade versterken.

Als suxamethonium na een niet-depolariserende stof wordt toegediend, kan zowel versterking als verzwakking van de neuromusculaire blokkade optreden.

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-Formularium voor Kinderen, 2007
  2. Informatorium Medicamentorum, (Eigenschappen,Bijwerkingen, Contra-indicaties, Waarschuwingen en voorzorgen, Interacties), Geraadpleegd 05 nov 2014
  3. GlaxoSmithKline BV, SPC Mivacron (RVG 16146), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 16 april 2013, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h16146.pdf

Wijzigingen