Clofarabine

Stofnaam
Clofarabine
Merknaam
Evoltra
ATC code
L01BB06
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Recidiverende/refractaire AML: Off-label
Recidiverende/refractaire ALL: On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Recidiverende/refractaire ALL: 52 mg/m2 lichaamsoppervlak IV gedurende 5 opeenvolgende dagen 

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Concentraat voor oplossing voor infusie; 1 mg/ml

Eigenschappen

Purine-antagonist. Clofarabine wordt intracellulair geconjugeerd tot het actieve clofarabine-5'-trifosfaat, een purinenucleoside antimetaboliet. Het remt DNA polymerase–alfa en ribonucleotidereductase en verstoort de mitochondriale membraanintegriteit. Hierdoor wordt DNA–ketenverlenging en/of DNA–synthese/reparatie voorkómen en komen pro–apoptotische factoren vrij resulterend in geprogrammeerde celdood.

Kinetische gegevens

De volgende kinetische parameters zijn gevonden bij 40 kinderen van 2-19 jaar na toediening van meerdere doses:
Vd = 172 l/m².
T½ clofarabine = 5,2 uur;
T½ clofarabinetrifosfaat > 24 uur.
Cl = 28,8 l/uur/m2.

Doseringen

Indicatie: Recidiverende/refractaire acute lymfatische leukemie (ALL), recidiverende/refractaire acute myeloïde leukemie (AML)
  • Intraveneus
    • 1 jaar tot 18 jaar
      [1] [2] [4]
      • Dosis en dosisfrequentie van oncologische middelen zijn afhankelijk van de aandoening en sterk aan nieuwe inzichten onderhevig. Oncologische middelen worden veelal in combinatie gebruikt. Om deze redenen wordt verwezen naar de gedetailleerde behandelprotocollen, zie hiervoor www.skion.nl

        Als indicatie wordt de volgende dosering uit de literatuur genoemd:
        - 52 mg/m2/dag in 1 dosis.
        Op 5 achtereenvolgende dagen; herhalen na 2-6 weken indien de hematopoëse hersteld is.
        Start de volgende cyclus pas als de hematopoëse volledig hersteld is.
        Er is beperkte ervaring met toediening van meer dan 3 cycli.

      • Behandeling door of na overleg met een kinderarts-specialist (oncologie) die ervaring heeft met gebruik van clofarabine voor deze indicatie.

Indicatie: Conditionering voor SCT bij AML/ALL
  • Intraveneus
    • 1 jaar tot 18 jaar
      [6]
      • Dosis en dosisfrequentie van oncologische middelen zijn afhankelijk van de aandoening en sterk aan nieuwe inzichten onderhevig. Oncologische middelen worden veelal in combinatie gebruikt. Om deze redenen wordt verwezen naar de gedetailleerde behandelprotocollen, zie hiervoor www.skion.nl

        Als indicatie wordt de volgende dosering uit de literatuur genoemd:
        - 30 mg/m2/dag op dag -5 t/m -2 vóór SCT.
        Op 4 achtereenvolgende dagen.

      • Behandeling door of na overleg met een kinderarts-specialist (oncologie) die ervaring heeft met gebruik van clofarabine voor deze indicatie.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Aanpassingen als volgt:

GFR 50-80 ml/min/1.73 m2
Dosisaanpassing is niet nodig
GFR 30-50 ml/min/1.73 m2
50 % van normale keerdosis en interval tussen twee doseringen: 24 uur
GFR 10-30 ml/min/1.73 m2
Gecontra-indiceerd
GFR < 10 ml/min/1.73 m2
Gecontra-indiceerd
Klinische gevolgen

Er zijn geen gegevens beschikbaar over gebruik van clofarabine bij patiënten met verminderde nierfunctie. In een studie met 23 patiënten (2-19 jaar) met creatinineklaring 90-200 ml/min, die meerdere doses clofarabine intraveneus kregen, nam de AUC toe naarmate de creatinineklaring kleiner was. Mogelijke symptomen van overdosering zijn misselijkheid, braken, diarree en ernstige beenmergdepressie

Bij Dialyse

Een algemeen advies wordt niet gegeven.

ANTIMETABOLIETEN

PURINEDERIVATEN

Fludarabine

Fludara
L01BB05

Mercaptopurine

Puri-Nethol, Xaluprine
L01BB02

Nelarabine

Atriance
L01BB07

Tioguanine

Lanvis
L01BB03
PYRIMIDINEDERIVATEN

Cytarabine

DepoCyte
L01BC01
L01BC05
PURINEDERIVATEN

Fludarabine

Fludara
L01BB05

Mercaptopurine

Puri-Nethol, Xaluprine
L01BB02

Nelarabine

Atriance
L01BB07

Tioguanine

Lanvis
L01BB03
PYRIMIDINEDERIVATEN

Cytarabine

DepoCyte
L01BC01
L01BC05

Bijwerkingen bij kinderen

Zeer vaak (> 10%): febriele neutropenie. Onrust. Koorts, hoofdpijn, vermoeidheid. Mucositis, misselijkheid, braken, diarree. Blozen. Jeuk, hand–voetsyndroom. Vaak (1-10%): tumorlysissyndroom. Septische shock, sepsis, bacteriëmie, longontsteking, herpes zoster, herpes simplex, orale candidiasis. Neutropenie. Overgevoeligheidsreactie. Anorexia, gewichtsafname, dehydratie. Agitatie, rusteloosheid, veranderde mentale toestand. Perifere neuropathie, paresthesie, slaperigheid, duizeligheid, tremor. Gehoorverlies. Pericardeffusie, tachycardie. Capillaire-lek-syndroom, hypotensie, hematoom. Tachypneu, epistaxis, dyspneu, hoesten. Stomatitis, mondbloeding incl. tandvleesbloeding, mondzweren, hematemese, (boven)buikpijn, proctalgie. Geelzucht, hepatische veno-occlusieve ziekte, hyperbilirubinemie, stijgingen van ASAT en ALAT. Multi–orgaanfalen, 'systemic inflammatory response syndrome' (SIRS), rillingen, (perifeer) oedeem, het heel warm (heet) hebben. Gegeneraliseerde huiduitslag zoals maculopapulaire uitslag, huidschilfering of erythemateuze huiduitslag, hyperpigmentatie van de huid, droge huid, toegenomen transpiratie, alopecia, petechiën. Myalgie, artralgie, botpijn, pijn aan de borstwand, nek– en rugpijn, pijn in de ledematen. Hematurie, verhoogde creatinineconcentratie[5]. Anemie en trombocytopenie[4]. Verder zijn gemeld: colitis veroorzaakt door Clostridium difficile, neutropene colitis, overige enterocolitis, verhogingen van amylase en lipase in serum ten gevolge van pancreatitis, cholecystitis, cholelithiasis. Stevens-Johnsonsyndroom, toxische epidermale necrolyse. Hyperurikemie, acuut nierfalen.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij kinderen

Ernstig gestoorde lever- of nierfunctie.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Bij kinderen < 20 kg een infusieduur langer dan 2 uur overwegen om symptomen van angst en prikkelbaarheid te verminderen.

Indien profylaxe met een azool nodig is, stop deze tijdens het gebruik van clofarabine en herstart liefst ten minste 5 dagen na de laatste clofarabine dosis. Dit in verband met mogelijke leverintoxicatie [SKION].

Onderbreek de behandeling als zich binnen de 5 dagen dat clofarabine wordt toegediend hypotensie ontwikkelt. Staak de behandeling direct bij een aanzienlijke stijging van de waarde voor creatinine of bilirubine. Voorzichtig bij een bestaande cardiale ziekte, comedicatie die bloeddruk of hartfunctie beïnvloedt en/of een lichte tot matige lever- of nierfunctiestoornis. De werkzaamheid en veiligheid bij > 3 behandelcycli zijn niet vastgesteld. De veiligheid en werkzaamheid bij kinderen ≤ 1 jaar of volwassenen zijn niet vastgesteld.

Interacties

Interacties onclytica algemeen

Relevant: de meeste cytostatische oncolytica (niet de tyrosinekinaseremmers en de monoklonale antilichamen) kunnen het effect van cumarinederivaten op vele manireren beïnvloeden. Hierdoor kan/zal de verlenging van de stollingstijd sterker fluctueren. Bovendien kan chemotherapie trombocytopenie veroorzaken. Trombocytopenie bij gebruik van cumarines geeft een extra verhoogde bloedingsneiging. Voor de meeste cytostatische oncolytica is toename van de werking van het cumarinederivaat gemeld, voor mercaptopurine en mitotaan is afname van de werking gemeld. Behalve enzymremming spelen ook andere factoren een rol, zoals de ziekte kanker zelf en chemotherapie gerelateerde factoren, zoals braken en leverinsufficiëntie door metastasen.

Levende vaccins: vanwege de immunosuppressieve werking van veel oncolytica kan vaccinatie met levende micro-organismen een gegeneraliseerde infectie veroorzaken. Dit geldt ook voor de monoklonale antilichamen en de tyrosinekinaseremmers met immunosuppressieve werking (zie aldaar). De combinatie moet worden vermeden.

Niet-levende vaccins: tijdens gebruik van oncolytica die immunosuppressief werken kunnen vaccinaties met gedode verwekker of afgeleid antigeen minder effectief zijn door een verminderde immuunrespons. In sommige gevallen kan het vaccin herhaald worden toegediend of kan een titerbepaling worden gedaan.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met allergenen van natuurlijke oorsprong.

Niet beoordeeld: omega-3-vetzuren verminderen de effectiviteit van sommige oncolytica. KWF Kankerbestrijding ontraadt visoliesupplementen of vette vis te gebruiken vanaf 24 uur voorafgaand aan chemotherapie met irinotecan of platinaverbindingen tot en met 24 uur daarna.

Referenties

  1. Cooper TM et al., AAML0523: a report from the Children's Oncology Group on the efficacy of clofarabine in combination with cytarabine in pediatric patients with recurrent acute myeloid leukemia., Cancer. , 2014, Aug 15;120(16):, 2482-9
  2. Genzyme Europe B.V. , SPC Evoltra (EU/1/06/334/001-5) 27-4-2015., www.geneesmiddeleninformatiebank.nl
  3. Informatorium Medicamentorum, (interacties), Geraadpleegd 25 april 2016
  4. Jeha S et al., Phase II study of clofarabine in pediatric patients with refractory or relapsed acute myeloid leukemia., J Clin Oncol., 2009, Sep 10;27(26):, 4392-7
  5. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 17 feb 2016
  6. SKION. , Behandelschema’s ALL11., www.skion.nl

Wijzigingen