Dexamethason

Stofnaam
Dexamethason
Merknaam
Oradexon
ATC code
H02AB02
Apotheek icon
Voor ouders op Apotheek.nl
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Orale toepassing: On-label
Intraveneuze toepassing: indicatie hersenoedeem: on-label, overige indicaties: Off-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Tabletten: De doseringsbehoeften zijn wisselend en de dosering dient te worden geindividualiseerd al naar de aard der aandoening en de reactie van de patient. algemeen volwassen en kinderen: 0,75-15 mg/dag  Bij zuigelingen en kinderen zal de aanbevolen dosering in de regel lager moeten zijn, waarbij men beter let op de ernst der aandoening dan op de leeftijd en lichaamsgewicht kan afgaan.
Injectievloeistof
hersenoedeem:
<35 kg: 20 mg, daarna 4 mg iedere 3 uur, dag 1-3, 4 mg iedere 6 uur dag 4, 2 mg iedere 6 uur dag 5, vervolgens verlagen met 1 mg/dag
>35 kg: 25 mg, daarna iedere 2 uur 4 mg dag 1-3, op dag 4 4 mg iedere 4 uur, op dag 5-8 iedere 6 uur 4 mg, vervolgens verlagen met 2 mg/dag. 

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Tablet 0.5 mg, 1.5 mg, 4 mg, 10 mg, 20 mg, 40 mg
Drank  1 mg/ml
Capsule 1 mg, 2 mg, 2.5 mg, 4 mg, 10 mg, 15 mg, 20 mg, 25 mg, 30 mg, 35 mg, 40 mg
Oogdruppel 1 mg/ml (als dinatriumfosfaat) FNA
Inj.vlst. 1mg/ml, 3,8 mg/ml (Oradexon), 4 mg/ml, 10mg/ml, 20 mg/ml

Let op: de injectievloeistof CF bevat benzylalcohol (de 4 mg/ml ampul bevat 10,5 mg/ml benzylalcohol) en is niet geschikt voor toediening aan (premature) neonaten.

Eigenschappen

Gefluorideerd corticosteroïd met sterke glucocorticoïde eigenschappen; het mineralocorticoïde effect is te verwaarlozen. Injecteerbare glucocorticoïden zijn vooral geïndiceerd indien orale therapie onmogelijk of ongewenst is. De injectievloeistof 20 mg/ml is uitsluitend voor i.v. gebruik wanneer hoge doses nodig zijn.

Kinetische gegevens

Geen informatie

Doseringen

Ga snel naar:

Indicatie: Meningitis
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • 0,6 mg/kg/dag in 4 doses , max: 40mg/dag
      • Behandelduur:

        4 dagen

Indicatie: Misselijkheid en braken bij chemotherapie
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [5]
      • < 0,6 m2: 2 mg/dosis, 2 x daags
        ≥ 0,6 m2: 4 mg/dosis, 2 x daags

      • Indien ondansetron/granisetron alleen onvoldoende werkzaam is en andere oorzaken van braken zijn uitgesloten. Starten voor cytostaticumtoediening.

  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [5]
      • < 0,6 m2: 2 mg/dosis, 2 x daags
        ≥ 0,6 m2: 4 mg/dosis, 2 x daags

      • Indien ondansetron en granisetron onvoldoende werkzaam zijn en andere oorzaken van braken zijn uitgesloten. Starten voor cytostaticumtoediening.

Indicatie: Misselijkheid en braken, postoperatief
  • Intraveneus
    • 1 jaar tot 18 jaar
      [1]
      • 0,1 mg/kg/dosis éénmalig Maximale dosering per gift: 4mg/dosis
Indicatie: Extubatie bij te verwachten reactief tube-oedeem
  • Intraveneus
    • a terme neonaat
      [1]
      • Startdosering: 30 minuten vóór extubatie: 0,5 mg/kg/dosis éénmalig
      • Onderhoudsdosering: 0,25 mg/kg/dosis 8 uur en 16 uur na extubatie
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • 16 - 20 mg/m2/dag in 4 doses
      • Behandelduur:

        Starten 24 uur voor extubatie, tot 24 uur erna

Indicatie: Dexamethason suppressie test, kort
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • 0,58 mg/m2/dosis éénmalig
      • Eénmalige dosis toedienen om 23.00 uur, dosis naar boven afronden op 0,25 mg. Plasmaconcentratie meten om 08.00 uur.

Indicatie: Dexamethason suppressie test, lang
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • 2 mg/dag in 4 doses
      • Alternatief 2 mg/1,73m2 gedurende 2 dagen in overleg met endocrinoloog

Indicatie: Stressdosering indien orale toediening in thuissituatie niet mogelijk is.
  • Intramusculair
    • < 1 jaar
      [1]
      • 1 mg/dosis éénmalig
      • Zie waarschuwingen en voorzorgen voor omschrijving stress situaties

    • 1 jaar tot 6 jaar
      [1]
      • 2 mg/dosis éénmalig
      • Zie waarschuwingen en voorzorgen voor omschrijving stress situaties

    • ≥ 6 jaar
      [1]
      • 4 mg/dosis éénmalig
      • Zie waarschuwingen en voorzorgen voor omschrijving stress situaties

Indicatie: Afbouwschema
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • Afbouwen bij gebruik langer dan 10 dagen
        0,5 mg dexamethason komt overeen met ca 15 mg hydrocortison (4 mg met 120 mg). Bij langer gebruik dexamethason afbouwen tot 4 mg/dag, dan omzetten op hydrocortison(of 30 mg prednison) en afbouwen volgens schema hydrocortison dan wel prednison.

Indicatie: Laryngitis subglottica (pseudokroep)
  • Oraal
    • 3 maanden tot 18 jaar
      [4]
      • 0,15 - 0,6 mg/kg/dosis éénmalig Maximale dosering per gift: 15mg/dosis
      • Zo nodig na onvoldoende respons na 24-48 uur een tweede gift overwegen

Indicatie: Hersenoedeem
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • 10 mg/m2/dag in 4 doses

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Er zijn geen gegevens bekend over doseeraanpassing bij nierfunctiestoornissen.

CORTICOSTEROIDEN VOOR SYSTEMISCH GEBRUIK

GLUCOCORTICOIDEN

Hydrocortison

Hydrocortison oraal, IV; Solu-Cortef
H02AB09

Methylprednisolon

Solu-medrol
H02AB04
H02AB06

Triamcinolon (injectievloeistof)

Kenacort A, Lederspan
H02AB08
H02AB08
MINERALOCORTICOIDEN

Fludrocortison

Florinef
H02AA02

Bijwerkingen bij kinderen

Hyperglycemie, ritmestoornissen.
Bij langdurig gebruik van suprafysiologische doseringen: groeiremming en osteoporose, naast maagdarmulcera, verminderde afweer tegen infecties, vetzucht en onderdrukkeing van de hypothalamus-hypofyse bijnieras. Intracraniële drukverhoging met papiloedeem (pseudotumor cerebri), vooral bij kinderen tijdens of kort na snelle onttrekking,

Bijwerkingen bij volwassenen

Vocht- en elektrolytenevenwicht: natrium- en vochtretentie, hartfalen bij daarvoor gevoelige patiënten, kaliumverlies, hypokaliëmische alkalose, hypertensie en verhoogde calciumuitscheiding.

Bewegingsapparaat: spierzwakte en spieratrofie (steroïdmyopathie), osteoporose met kans op compressiefracturen van de wervels of pathologische fracturen, aseptische botnecrose (vooral van de femur- en humeruskoppen) en peesruptuur (vooral van de Achillespees). Intra-articulaire toediening: na herhaalde injecties kan pijnloze destructie van het gewricht gelijkend op artropathie van Charcot optreden.

Maag-darmstelsel: ulcus pepticum met als mogelijke complicaties perforatie en bloeding, pancreatitis, oesofagitis, misselijkheid en opgezette buik.

Huid: vertraagde wondgenezing, dunne kwetsbare huid, rode striae, erytheem van het gezicht, toegenomen transpiratie, verminderde respons bij huidtesten, acne, allergische reacties zoals urticaria en een versnelde groei van Kaposi-sarcoom (waarschijnlijk reversibel). I.m. toediening: hypopigmentatie en atrofie op de plaats van injectie.

Hematologische effecten: petechiën en ecchymose, erytro- en granulocytose, lymfo- en eosinopenie, trombo-embolie.

Neurologische effecten: intracraniële drukverhoging met papiloedeem (pseudotumor cerebri), vooral bij kinderen tijdens of kort na snelle onttrekking, convulsies, vertigo en hoofdpijn.

Endocriene effecten: menstruatiestoornissen, impotentie, hirsutisme, ontstaan van het Cushingsyndroom, belemmering van de groei bij kinderen, secundaire remming van hypofyse en bijnierschors, vooral nadelig ten tijde van stress (zoals trauma, operatie en ziekte), verlaagde koolhydraattolerantie, waardoor latente diabetes mellitus manifest kan worden.

Oog: subcapsulaire lenscataracten, verhoogde oogdruk met kans op glaucoom en exophthalmus. Retinopathie bij prematuren.

Psychische reacties: variërend van euforie, slapeloosheid, angst, stemmingswisselingen, persoonlijkheidsveranderingen en ernstige depressie tot duidelijke verschijnselen van psychose. Ook kunnen bestaande emotionele instabiliteit en psychotische neigingen verergeren.

Stofwisseling: negatieve stikstofbalans door eiwitafbraak, toename eetlust, gewichtstoename, centripetale vetzucht (gelaat, romp).

Overige: overgevoeligheidsreacties (waaronder bronchospasmen, glottis-oedeem, urticaria en anafylaxie), hik. Hypertrofe cardiomyopathie bij zuigelingen met een laag geboortegewicht. Tumorlysissyndroom bij de behandeling van hematologische maligniteiten (al dan niet in combinatie met andere chemotherapeutica). Na langdurige therapie kan staken van de toediening van corticosteroïden een corticosteroïdonthoudingssyndroom tot gevolg hebben, begeleid door koorts, myalgie, artralgie en malaise; dit kan zelfs zonder tekenen van bijnierschorsinsufficiëntie optreden.

Bij een vroege behandeling (binnen 96 uur na de geboorte) met dexamethason in een startdosering van 0,25 mg/kg lichaamsgewicht 2×/dag bij prematuren met een chronische longziekte, zijn bijwerkingen op de lange termijn op de neurologische ontwikkeling gevonden.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij kinderen

Injectievloeistof met benzylalcohol: prematuren en neonaten.

Contraindicaties bij volwassenen

Voor systemische therapie: ulcus ventriculi en ulcus duodeni. Acute infectieuze processen, m.n. virusinfecties en systemische schimmelinfecties. Parasitaire infecties, tropische worminfecties. Voor lokale therapie: infectie van de plaats van aandoening, bijvoorbeeld septische artritis ten gevolge van gonorroe of tuberculose. Bacteriëmie of systemische schimmelinfecties. Instabiliteit van het gewricht.

Injectievloeistof met benzylalcohol: prematuren en neonaten.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

De groei en ontwikkeling van zuigelingen en kinderen nauwlettend volgen bij langdurig gebruik van corticosteroïden; om groeiremming te voorkomen streven naar een alternerende dosering. Waterpokken en mazelen kunnen bij niet-immune patiënten die corticosteroïden gebruiken een ernstiger en zelfs fataal beloop hebben; blootgestelde patiënten dienen zich direct onder medische behandeling te stellen.

Let op: de injectievloeistof CF bevat benzylalcohol (de 4 mg/ml ampul bevat 10,5 mg/ml benzylalcohol) en is niet geschikt voor toediening aan (premature) neonaten.

Lichte stress: niet lekker, hangerig, temperatuur <38,0 C, kortdurende lichamelijke inspanning
Matige stress: lichte temperatuurverhoging tussen 38.0-39.0 graden C, milde griep.infectie, vaccinatie, verdoving (tandarts). Ook psychische stress (toets, examen) of ernstige lichamelijke inspanning kan in uitzonderingsgevallen een reden zijn om de substitutiedosis tijdelijk te verhogen naar een 2-3 voudige dosis. De temperatuur is niet altijd een goede parameter om stress te beoordelen
Ernstige stress: Temperatuur >39 graden C, braken, diarree, ernstig ziek, ongeval, operatie, narcose (zie voor peri-operatief beleid monografie prednison)

De beschikbare gegevens wijzen op bijwerkingen op lange termijn op de neurologische ontwikkeling van premature baby’s met een chronische longziekte bij gebruik van een vroege behandeling (<96 uur) dexamethason met een startdosering van 0,25 mg/kg tweemaal per dag.

 

 


 

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Bij langdurige behandeling kan zich bijnierschorsatrofie ontwikkelen, welke jaren na beëindiging van de behandeling kan voortduren. Om acute adrenale insufficiëntie te voorkomen, de corticosteroïdbehandeling altijd geleidelijk afbouwen, verspreid over weken of maanden naar gelang de dosis en de duur van de behandeling. Tussentijds optreden van ziekte, letsel of operaties gedurende langdurige behandeling vereist een tijdelijke dosisverhoging; ook na staken van de behandeling kan het nodig zijn om in dergelijke gevallen tijdelijk weer met corticosteroïden te behandelen.

Bij gebruik van glucocorticoïden bestaat een verhoogde gevoeligheid voor infectie met maskering van de klinische verschijnselen van infectie en ontsteking. Tevens kunnen latente infecties veroorzaakt door bijvoorbeeld Mycobacterium, Pneumocystis jiroveci, Strongyloides en Entamoeba histolytica manifest worden. Opleving van een infectie met Strongyloides kan leiden tot ernstige enterocolitis en sepsis. Waterpokken en mazelen kunnen bij niet-immune patiënten een ernstiger en zelfs fataal beloop hebben; blootgestelde patiënten direct onder medische behandeling stellen. Het gebruik bij actieve tuberculose beperken tot die gevallen van fulminerende of gedissemineerde tuberculose en hierbij een adequaat tuberculostaticum geven. Bij latente tuberculose of bij tuberculinereactiviteit chemoprofylaxe geven tijdens langdurige behandeling. Bij een patiënt die enige tijd in de tropen is geweest of die een onverklaarbare diarree heeft, latente of manifeste amoebiasis uitsluiten alvorens de behandeling te starten.

Gebruik glucocorticoïden terughoudend bij aspecifieke colitis ulcerosa, als de kans op een dreigende perforatie, abces of andere pyogene infectie bestaat. Wees ook terughoudend bij diverticulitis, recente darmanastomosen, peptisch ulcus in de anamnese, eerder door glucocorticoïd teweeggebrachte myopathie, gestoorde leverfunctie, nierinsufficiëntie, hypothyroïdie, diabetes mellitus, hypertensie, hartfalen, recent myocardinfarct, osteoporose, epilepsie, psychiatrische anamnese, glaucoom en oculaire herpes vanwege een mogelijke perforatie van de cornea. Bij risicofactoren voor maagcomplicaties kan profylactisch gebruik van een maagbeschermer noodzakelijk zijn.


Acute, gegeneraliseerde myopathie van oculaire en respiratoire spieren, eventueel leidend tot tetraplegie, is beschreven tijdens gebruik van hoge doses glucocorticoïden, meestal bij bestaande afwijkingen in de neuromusculaire transmissie (bv. myasthenia gravis) of bij gelijktijdige behandeling met neuromusculaire blokkers. Na staken van de behandeling kan het herstel enkele weken tot jaren duren.

Anafylactische reacties zijn voorgekomen bij behandeling met parenterale glucocorticoïden. Daarom vóór toediening de aangewezen voorzorgsmaatregelen nemen, in het bijzonder wanneer de patiënt eerder allergisch reageerde op een geneesmiddel. Bij behandeling van hematologische maligniteiten (al dan niet in combinatie met andere chemotherapeutica) is er kans op het tumorlysissyndroom. Tijdens de behandeling van hematologische maligniteiten hierop nauwlettend controleren en passende voorzorgsmaatregelen nemen.

Bij chronisch gebruik van glucocorticoïden is regelmatige oogheelkundige controle op (gesloten-kamerhoek)glaucoom gewenst, met name tijdens de instellingsfase van de behandeling.

I.m. injectie niet toepassen bij idiopathische trombocytopenische purpura. Sulfiet (aanwezig in sommige injectievloeistoffen) kan bij daarvoor gevoelige personen (m.n. asthmatici) bronchospasmen en/of anafylactische shock veroorzaken.

Interacties

Dexamethason induceert CYP3A4 en is substraat voor CYP3A4 en P-gp.

Relevant: de plasmaconcentratie van caspofungine, HCV-middelen en HIV-middelen daalt.

Niet relevant: het metabolisme wordt geremd door (fos)aprepitant en netupitant.

De plasmaconcentratie van praziquantel kan dalen.

Niet beoordeeld: de diagnostische test (op het syndroom van Cushing) kan worden verstoord door efedrine, hoge doses oestrogenen en enzyminducerende stoffen.

 

Interacties corticosteroiden algemeen

Relevant:

Afname corticosteroïden: de plasmaconcentratie van corticosteroïden daalt door inductoren. De interactie is niet relevant bij een stootkuur.

Overig effect: glucocorticoïden (behalve fludrocortison) kunnen de ulcerogene werking van NSAID's versterken. Het risico op een peptisch ulcus neemt toe bij hogere leeftijd, hogere doses van NSAID's en chronisch gebruik van NSAID's. Preventieve maatregelen moeten worden overwogen, zie verder inleidende tekst NSAID's.

Het effect van cumarinederivaten kan worden versterkt door hoge doses glucocorticosteroïden (behalve fludrocortison).

Levende vaccins: vaccinatie met levende micro-organismen tijdens immunosuppressieve therapie kan een gegeneraliseerde infectie veroorzaken. De combinatie wordt bij voorkeur vermeden; dit geldt zolang het corticosteroïd immunosuppressie veroorzaakt, met name bij systemisch gebruik langer dan 2 weken, echter niet bij suppletie en niet bij lokale toepassing (behalve bij grote oppervlakken onder occlusie).

Niet-levende vaccins: tijdens gebruik van immunosuppressiva kunnen vaccinaties met gedode verwekker of afgeleid antigeen minder effectief zijn door een verminderde immuunrespons. In sommige gevallen kan het vaccin herhaald worden toegediend of kan een titerbepaling worden gedaan.

De werking van immunocyanine kan worden verminderd.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met allergenen van natuurlijke oorsprong.

Niet beoordeeld: isoniazide kan het levermetabolisme van glucocorticoïden remmen; andersom kunnen corticosteroïden de isoniazideconcentratie verlagen.

Ketoconazol kan het metabolisme van glucocorticoïden remmen.

Glucocorticoïden kunnen de eliminatie van salicylaten versnellen.

Hoge doses corticosteroïden kunnen de werking van perifeer werkende spierrelaxantia verminderen en het risico op myopathie verhogen.

Glucocorticoïden kunnen de respons op somatropine verminderen.

Door het hyperglykemische effect kan de behoefte aan bloedglucoseverlagende middelen toenemen.

Oestrogenen kunnen het effect van corticosteroïden versterken.

Gelijktijdige toediening van lisdiuretica, thiazidediuretica of amfotericine B kan leiden tot kaliumdepletie.

Bij combinatie met ciclosporine kan de serumconcentratie van ciclosporine toenemen en de klaring van corticosteroïden afnemen.

 

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-Formularium voor Kinderen, 2007
  2. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 19 okt 2014
  3. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), Geraadpleegd 11 jun 2018
  4. Bjornson CL, et al, Croup., Lancet, 2008, Jan 26;371(9609), 329-39
  5. SKION, Werkboek supportive Care, www.skion.nl, Updateb 29-11-2016

Wijzigingen

  • 14 augustus 2018 14:59: Doseeradvies voor chronische beademing bij BPD toegevoegd op basis van expert opinie van de werkgroep neonatale farmacologie
  • 14 augustus 2018 14:45: Een doseeradvies voor post-detubatie stridor bij premature en aterme neonaten is aangepast/toegevoegd op basis van de expert opinie van de werkgroep neonatale farmacologie
  • 08 januari 2018 12:24: Reden van verwijderen bezoekers
  • 03 april 2017 10:54: Wijziging dosering obv Skion werkboek supportive care
  • 04 oktober 2016 08:06: Verschillende lage sterktes capsules/tabletten als beschikbare toedieningsvorm toegevoegd
  • 01 juni 2015 07:37: Maximale dosering (volwassen dosering) toegevoegd