Ibuprofen

Stofnaam
Ibuprofen
Merknaam
Nurofen, Pedea, Brufen, Spidifen, Advil
ATC code
M01AE01

Voor ouders op Apotheek.nl
Eigenschappen - PK data - Registratiestatus
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Sluiten ductus arteriosus:
<34 wk GA, <72 uur PNA: On-label
≥34 wk GA, >72 uur PNA: Off-label
Koorts en pijn: On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Pijn (matig tot gemiddeld) en koorts:
>3 mnd: 20-30 mg/kg/dag RECT/PO in 3-4 doses
>12 jr: PO eerste dosis 400 mg, daarna 200-400 mg/dosis elke 4-6 uur, max 1200 mg/24 uur.
Reumatische pijn:
>2 jaar: 20 mg/kg/dag in 3-4 doses
>12 jr: eerste dosis 400 mg, daarna 200-400 mg/dosis elke 4-6 uur, max 1200 mg/24 uur.
Gewrichtsaandoeningen:
> 12 jr: 1200-1600 mg/dag, in ernstige gevallen tijdelijk verhogen tot 2400 mg/dag in 3-4 giften
Sluiten Ductus arteriosus:
<34 wk GA: 1e injectie: 10 mg/kg, 2e en 3e injectie: 5 mg/kg

 

 

 



 

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Dragee 200 mg, 400 mg
Tablet 200 mg, 400 mg, 600 mg
Tablet (als lysine) 400 mg
Tablet (als arginine) 400 mg
Capsule zacht 200 mg, 400 mg
Zetpil 125 mg (doorgeleverde bereiding)
Bruisgranulaat 400 mg, 600 mg
Granulaat (als Na-zout-2-water) 600 mg
Smelttablet "lemon" 200 mg
Tablet met gereguleerde afgifte 800 mg
Susp. oraal "voor kinderen" 20 mg/ml en 40 mg/ml
Kauwcapsule 100 mg
Inj.vlst. 5 mg/ml
Infusievlst. 4 mg/ml, 6 mg/ml

Eigenschappen

Prostaglandinesynthetaseremmer (NSAID). Arylpropionzuurderivaat met analgetische, antiflogistische en antipyretische werking. Verder remt ibuprofen de trombocytenaggregatie. Veroorzaakt sluiting van een open ductus arteriosus waarschijnlijk door remming van de prostaglandinesynthese.

Kinetische gegevens

De volgende farmacokinetische parameters zijn gevonden na intraveneuze toediening bij prematuren (Hirt et al. 2008, Van Overmeire et al. 2001, Aranda et al. 1997)

  PNA 0-3 h (n=21) PNA 3 days (n=93) PNA 5 days (n=93)
Cmax (mg/l) 1 dosis (10 mg/kg): 180.6 ± 11.1 1 dosis (10 mg/kg): 33.3-43.5 3 doses (10-5-5 mg/kg): 28.4-42.4
t½ (h) 30.5 ± 4.2 42.2-43.1 19.7-26.8
Cl (ml/h/kg) 2.1 ± 0.3 9.5 ± 6.8 10.8 ± 6.5
Vd (ml/kg) 62.1 ± 3.9 357 ± 121 349 ± 152

Na orale toediening bij prematuren zijn onderstaande farmacokinetische parameters gevonden (Barzilay et al. 2012, Sangtawesin et al. 2006, Sharma, Garg, and Narang 2003):

Cmax (10 mg/kg) n=55 20.1-31.8 mg/l
Tmax n=55 3-17 h
n=20 15.7 ± 3.8 h
Vd n=22 313 ml/kg

Na eenmalige rectale toediening van 20 mg/kg na inductie van anesthesie aan 24 zuigelingen 1 tot 52 weken werd de tmax na 1-2 uur bereikt. Er werden geen verschillen gevonden in Cmax en t½ tussen deze zuigelingen en volwassenen (Kyllönen et al. 2005).

De volgende farmacokinetische parameters werden gevonden bij kinderen 3 maanden tot 17 jaar die ibuprofen oraal kregen toegediend (Brown et al. 1992, Rey et al. 1994, Kelley et al. 1992, Nahata et al. 1991, Gelotte et al. 2010, Tarabar et al. 2020, Kauffman and Nelson 1992, Playne et al. 2018):

Tmax (uur) 0,5-6,1
T½ (uur) 1,3-2
Cl (ml/min/kg) 1-1,8
Vd (ml/kg) 147-217

Daarnaast vonden (Playne et al. 2018, Gelotte et al. 2010, Kauffman and Nelson 1992, Brown et al. 1992, Nahata et al. 1991) een Cmax die varieerde van 25 tot 53 mg/L bij eenmalige orale toediening van 7-10 mg/kg/dosis bij kinderen 3 maanden tot 12 jaar.

Doseringen

Pijnbestrijding en ontstekingsremming (onder andere bij Juveniele Idiopathische Arthritis (JIA)); Koorts
  • Oraal
    • 3 maanden tot 12 jaar
      [6]
      • 7 - 10 mg/kg/dosis, zo nodig tot 3-4 x per dag, max: 30mg/kg/dag, maar niet hoger dan 1.600 mg/dag. Maximale dosering per gift: 400 mg/dosis.
      • Jongere kinderen hebben veelal doseringen aan de bovenkant van de doseerrange nodig

    • 12 jaar tot 18 jaar
      [6]
      • 200 - 400 mg/dosis, zo nodig max 6 x per dag, max: 30mg/kg/dag, maar niet hoger dan 1.600 mg/dag. Maximale dosering per gift: 400 mg/dosis. Maximum bij kortdurend gebruik: 2400 mg/dag..
  • Rectaal
    • 3 maanden tot 12 jaar
      [5]
      • 7 - 10 mg/kg/dosis, zo nodig tot 3-4 x per dag, max: 30 mg/kg/dag.
Sluiten ductus arteriosus
  • Intraveneus
    • Prematuren, Zwangerschapsduur < 37 weken
      [13] [16]
      • Postnatale leeftijd < 72 uur 
        Dag 1: 10 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Dag 2:   5 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Dag 3:   5 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Postnatale leeftijd 72-108 uur
        Dag 1: 14 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Dag 2:   7 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Dag 3:   7 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Postnatale leeftijd ≥108 uur
        Dag 1: 18 mg/kg geboortegewicht * in 1 dosis
        Dag 2:   9 mg/kg geboortegewicht * in 1 dosis
        Dag 3:   9 mg/kg geboortegewicht * in 1 dosis

        *Indien het huidige gewicht al hoger is dan het geboortegewicht dient de dosering op basis het huidige gewicht berekend te worden.

        • Indien de ductus arteriosis na dag 3 niet gesloten is, kan direct aansluitend een tweede kuur worden gegeven op basis van de dan geldende postnatale leeftijd. De dag 1 dosis dient dan gelijk te zijn aan de dag 2 en 3 dosis.  
        • Wanneer de ductus arteriosus na 48 uur na de laatste injectie niet gesloten is of opnieuw opent kan een tweede kuur op dezelfde wijze worden toegediend. Geef de tweede kuur op basis van de op dat moment geldende postnatale leeftijd, inclusief de dubbele dosis op dag 1.
  • Oraal
    • Prematuren, Zwangerschapsduur < 37 weken
      [13] [16] [17] [18] [19]
      • Postnatale leeftijd < 72 uur 
        Dag 1: 10 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Dag 2:   5 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Dag 3:   5 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Postnatale leeftijd 72-108 uur
        Dag 1: 14 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Dag 2:   7 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Dag 3:   7 mg/kg geboortegewicht in 1 dosis
        Postnatale leeftijd ≥108 uur
        Dag 1: 18 mg/kg geboortegewicht * in 1 dosis
        Dag 2:   9 mg/kg geboortegewicht * in 1 dosis
        Dag 3:   9 mg/kg geboortegewicht * in 1 dosis

         *Indien het huidige gewicht al hoger is dan het geboortegewicht dient de dosering op basis het huidige gewicht berekend te worden.

        • Indien de ductus arteriosis na dag 3 niet gesloten is, kan direct aansluitend een tweede kuur worden gegeven op basis van de dan geldende postnatale leeftijd. De dag 1 dosis dient dan gelijk te zijn aan de dag 2 en 3 dosis.  
        • Wanneer de ductus arteriosus na 48 uur na de laatste injectie niet gesloten is of opnieuw opent kan een tweede kuur op dezelfde wijze worden toegediend. Geef de tweede kuur op basis van de op dat moment geldende postnatale leeftijd, inclusief de dubbele dosis op dag 1.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Aanpassingen als volgt:

GFR 50-80 ml/min/1.73 m2
Overweeg of gebruik van een NSAID is gerechtvaardigd
Als ibuprofen toch wordt voorgeschreven en de patiënt behoort tot een risicogroep: controleer de nierfunctie voorafgaand aan en binnen 1 week na starten van ibuprofen
GFR 30-50 ml/min/1.73 m2
Overweeg of gebruik van een NSAID is gerechtvaardigd
Als ibuprofen toch wordt voorgeschreven en de patiënt behoort tot een risicogroep: controleer de nierfunctie voorafgaand aan en binnen 1 week na starten van ibuprofen
GFR 10-30 ml/min/1.73 m2
Overweeg of gebruik van een NSAID is gerechtvaardigd
Als ibuprofen toch wordt voorgeschreven en de patiënt behoort tot een risicogroep: controleer de nierfunctie voorafgaand aan en binnen 1 week na starten van ibuprofen
GFR < 10 ml/min/1.73 m2
Een algemeen advies wordt niet gegeven.
Klinische gevolgen

Risicofactoren zijn hartfalen, levercirrose, nefrotisch syndroom, chronische nieraandoening, oorzaken die leiden tot dehydratie (bijvoorbeeld ook zomerwarmte), gebruik van geneesmiddelen die de nierfunctie kunnen verminderen, zoals diuretica of RAAS-remmers.

NSAID's (inclusief COX-2-remmers) kunnen acute nierinsufficiëntie veroorzaken door verminderde nierperfusie (door hypovolemie). Normaal gesproken wordt een te sterke daling van de nierperfusie voorkomen door een verhoogde prostaglandinesynthese in de nieren; NSAID's verstoren dit compensatiemechanisme. Verminderde nierperfusie leidt bovendien tot water- en zoutretentie, met als gevolg verergering of het ontstaan van hypertensie en hartfalen.

 

Bij Dialyse

Hemodialyse / continue venoveneuze hemodialyse/hemo(dia)filtratie:

  • restfunctie nieren (urineproductie) WEL aanwezig: gebruik vermijden om restfunctie nieren te sparen
  • restfunctie nieren (urineproductie) NIET aanwezig: gebruik vermijden is niet nodig

Patiënten die dialyse ondergaan hebben een hoger bloedingsrisico, waarschijnlijk gerelateerd aan een abnormale plaatjesfunctie. Het bloedingsrisico kan extra worden verhoogd door gebruik van een LMWH aan het begin van de hemodialyse om stolling in de extracorporale circulatie te voorkomen.

 

NIET-STEROIDE ANTI-INFLAMMATOIRE EN ANTIREUMATISCHE MIDD.

AZIJNZUURDERIVATEN EN VERWANTE VERBINDINGEN

Diclofenac

Voltaren, Cataflam
M01AB05
M01AB01
OXICAMDERIVATEN
M01AC01
PROPIONZUURDERIVATEN

Naproxen

Aleve
M01AE02
COXIBS

Celecoxib

Celebrex
M01AH01

Bijwerkingen bij kinderen

Parenterale toepassing (bij premature neonaten):
Zeer vaak (> 10%): neutropenie, trombocytopenie, verhoogd serumcreatinine, verlaagd natriumgehalte. Bronchopulmonaire dysplasie.

Vaak (1-10%): intraventriculaire hemorragie, periventriculaire leukomalacie. Pulmonale hemorragie. Necrotiserende enterocolitis, intestinale perforatie. Oligurie, vochtretentie, hematurie.

Soms (0,1-1%): hypoxemie. Maag-darmhemorragie. Acuut nierfalen.

Verder is gemeld: pulmonale hypertensie.

Bijwerkingen algemeen

Zeer vaak (> 10%): diarree, dyspepsie.

Vaak (1-10%): hoofdpijn, duizeligheid. Maag-darmstoornissen zoals buikpijn, misselijkheid, braken, opgeblazen gevoel, flatulentie, obstipatie, brandend maagzuur, bloed in de feces, haematemesis, gastro-intestinale bloeding (soms fataal, met name bij ouderen). Vermoeidheid.

Soms (0,1-1%): allergische reacties, anafylactische reacties (incl. anafylactische shock), reacties op het ademhalingsstelsel (zoals astma, bronchospasmen en dyspneu), huidreacties (zoals huiduitslag, jeuk, urticaria, purpura en angio-oedeem), gezichtsoedeem, zwelling van tong of strottenhoofd, tachycardie, hypotensie. Mondzweren, gastritis, ulcus pepticum, ulcus duodeni. Hepatitis, geelzucht. Fotosensibilisatie en nefrotoxiciteit (waaronder interstitiële nefritis, nefrotisch syndroom en nierfalen). Rinitis. Gehoorverlies. Visusstoornissen (wazig zien, veranderingen in kleurperceptie). Angst, slapeloosheid, agitatie, prikkelbaarheid. Aplastische anemie, trombocytopenie, leukopenie. Oedeem, natrium- en vochtretentie.

Zelden (0,01-0,1%): gastro-intestinale perforatie. Depressie, psychotische reacties, verwardheid, lethargie. Meningitis, aseptische meningitis (m.n. bij SLE of andere collageenziekten), slaperigheid. Optische neuritis, reversibele toxische amblyopie, toxische optische neuropathie. Tinnitus, vertigo. Exfoliatieve dermatitis, dermatosen met blaarvorming, Stevens-Johnsonsyndroom (SJS), toxische epidermale necrolyse (TEN) en erythema multiforme); meestal optredend in de eerste maand van de behandeling. Verergering van psoriasis. Nierinsufficiëntie, hematurie, proteïnurie, necrose van de nierpapillen met name bij langdurig gebruik en samenhangend met verhoogde waarden serumureum en met oedeem. Verlaagde hemoglobinewaarden.

Zeer zelden (< 0,01%): hypertensie, vasculitis, hartfalen, palpitaties, cerebrovasculair accident. Acuut pulmonaal oedeem. Ulceratieve stomatitis, oesofagitis, pancreatitis. Leverfunctiestoornis (stijging van de transaminasewaarden, vooral bij langdurig gebruik). Verlaagd hematocriet- en Hb-waarden. Stoornissen in de menstruatiecyclus. Exacerbatie van infectiegerelateerde ontstekingen zoals necrotiserende fasciitis, ernstige huidinfecties en complicaties van weke delen tijdens een varicella. Perifeer oedeem. Nervositeit.

Verder zijn gemeld: arteriële trombose (bv. myocardinfarct, herseninfarct) vooral bij gebruik van hoge doseringen (2400 mg), verlengde bloedingstijd. Angina pectoris. Leverfalen. Paresthesie. (Hemolytische) anemie, granulocytopenie, neutropenie, agranulocytose, pancytopenie. Verlaagde calciumspiegel. Anorexie. Verergering van colitis ulcerosa of M. Crohn. Lupusachtig syndroom. Reversibele alopecia (bij vrouwen van het negroïde ras). Geneesmiddelenreactie met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS), acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose (AGEP).

Het granulaat kan een voorbijgaand branderig gevoel in mond of keel veroorzaken.

Na rectale toediening kan irritatie van het rectumslijmvlies optreden, zich uitend in een brandend gevoel, proctitis, hyperemie van de mucosa en diarree.

Na infusie kunnen lokale reacties optreden, zoals zwelling, blauwe plekken of bloeden.

 

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij kinderen

Intraveneuze toediening:

  • Levensbedreigende infectie;
  • Actieve bloeding, met name intracraniële of gastro-intestinale hemorragie;
  • Trombocytopenie (<50 x 10^9/l) of stollingsstoornis;
  • Ernstige nierinsufficiëntie;
  • Congenitale hartziekte waarbij de ductus arteriosus open moet blijven voor een bevredigende long- of systemische bloeddoorstroming (bv. ernstige tetralogie van Fallot, ernstige coarctatie van de aorta);
  • Bekende of vermoede necrotiserende enterocolitis.

 

Contra-indicatie algemeen

Oraal:

  • ulcus pepticum (actief of ten minste 2 perioden in de voorgeschiedenis), maag-darmbloedingen (actief of in de voorgeschiedenis), maag-darmbloeding of -perforatie bij eerder gebruik van een NSAID, gastritis;
    cerebrovasculaire of andere actieve bloedingen;
  • hemorragische diathese;
  • onverklaarde stoornis in de bloedaanmaak, verhoogde bloedingsneiging;
  • ernstig hartfalen (NYHA-klasse IV);
  • ernstige dehydratie;
  • ernstige nierfunctiestoornis (< 30 ml/min);
  • ernstige leverfunctiestoornis;
  • optreden van astma-aanval, urticaria, angio-oedeem, neuspoliepen of rinitis na gebruik van acetylsalicylzuur of andere NSAID's.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Toediening van ibuprofen aan jonge neonaten gaat gepaard met een reductie in glomerulaire filtratie, wat zorgt voor een langzamere uitscheiding van geneesmiddelen die afhankelijk zijn van renale klaring.

Er bestaat een risico op een nierfunctiestoornis bij gedehydrateerde kinderen en adolescenten.

Als bij kinderen > 5 maanden die in de thuissituatie ibuprofen langer dan 3 dagen nodig hebben of als de symptomen verergeren, dient een arts te worden geraadpleegd. Voor kinderen 3-5 maanden oud maanden dient medisch advies te worden
ingewonnen als de symptomen verergeren of binnen 24 uur als de symptomen aanhouden.

In uitzonderlijke gevallen kan varicella leiden tot ernstige infectieuze complicaties van de huid en weke delen. Tot nu toe kan niet worden uitgesloten dat NSAIDS bijdragen aan het verergeren van deze infecties. Daarom wordt aangeraden ibuprofen niet te gebruiken in geval van varicella (bron SmPC).

Bij kinderen met obesitas wordt op basis van beperkte gegevens aangeraden om te doseren op basis van adjusted body weight (ABW) (Ross et al. 2015). Dit kan als volgt worden berekend:

ABW = ideaal lichaamsgewicht + 0,4 x (totaal lichaamsgewicht-ideaal lichaamsgewicht)

Verdeling van ibuprofen in lichaamsgewicht boven het ideale lichaamsgewicht blijkt namelijk ongeveer 0,44 keer zo uitgebreid als verdeling in ideaal lichaamsgewicht.

 

Bij intraveneuze toediening:

Bij geen enkele zwangerschapsduur profylactisch gebruiken. Niet gebruiken bij baby's met duidelijk verhoogde bilirubineconcentratie. Bij gebruik bij prematuren na een zwangerschap van minder dan 27 weken, bleek de effectiviteit beperkt (sluitingssnelheid van de ductus arteriosus laag (33–50%)) bij de aanbevolen dosering.

Alvorens ibuprofen toe te dienen, adequaat echocardiografisch onderzoek uitvoeren ter bevestiging van een hemodynamisch significante open ductus arteriosus en ter uitsluiting van pulmonale hypertensie en een ductaal-afhankelijke hartziekte.

Vanwege mogelijke remming van de bloedplaatjesaggregatie door ibuprofen, de pasgeborene observeren op tekenen van bloeding.

Als hypoxemie optreedt, de pulmonale arteriële druk nauwlettend volgen.

Wanneer oligurie optreedt met een volgende toediening wachten tot de urineproductie is teruggekeerd tot een normaal niveau.

Ibuprofen kan de tekenen van infectie maskeren

Ibuprofen wordt voornamelijk gemetaboliseerd door CYP2C8 en CYP2C9. CYP2C polymorfismen hebben geen invloed op de werking van ibuprofen bij het sluiten van de ductus arteriosus.

Waarschuwingen en voorzorgen algemeen

Bij ouderen en risicopatiënten (bv. ulcus in voorgeschiedenis) beginnen met de laagst mogelijke dosering, overweeg combinatie met maagbeschermende middelen. Bij hen is er meer kans op gastro-intestinale complicaties, met name bloedingen en (mogelijk fatale) perforaties.

Wees voorzichtig (en vermijd hoge doses (d.i. 2400 mg/dag)) bij astma, hooikoorts, stollingsstoornissen, inflammatoire darmziekten (in remissie) zoals de ziekte van Crohn, porfyrie, systemische lupus erythematodes of andere collageenziekten, dehydratie, lever- en nierfunctiestoornissen, direct na grote operaties, bij ongecontroleerde hypertensie, hartfalen (NYHA-klasse II-III), ischemische hartziekte, perifeer arterieel vaatlijden, cerebrovasculaire ziekte en bij risicofactoren voor cardiovasculaire ziekte (o.a. diabetes mellitus, hypertensie, hyperlipidemie, roken).

Gebruik van ibuprofen in hoge doseringen (2400 mg) is in verband gebracht met iets meer kans op arteriële trombotische complicaties; lage doseringen (≤ 1200 mg/dag) hebben dat verband niet.

NSAID's kunnen hartfalen verergeren en de glomerulaire filtratiesnelheid verlagen.

NSAID's voorzichtig toepassen bij patiënten met idiopathische trombocytopenische purpura en bloedende diathese.

Door combinatie met alcohol kunnen bijwerkingen toenemen, met name die van maag-darmkanaal of centraal zenuwstelsel.

Staak de behandeling bij optreden van bloedbeeldafwijkingen, ernstige leverfunctiestoornissen en bij gastro-intestinale ulceratie of bloedingen. Ook bij de eerste tekenen van huiduitslag, mucosale laesies of andere tekenen van overgevoeligheid de behandeling staken, aangezien ernstige en soms fatale huidreacties (o.a. exfoliatieve dermatitis, Stevens-Johnson-syndroom (SJS), toxische epidermale necrolyse (TEN), acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose (AGEP)) met NSAID's zijn gemeld. Vooral bij systemische lupus erythematodes kunnen ernstige systemische overgevoeligheidsreacties optreden. Bij blootstelling aan varicellavirus de behandeling tijdelijk staken, omdat NSAID's mogelijk de door varicella veroorzaakte infectieuze complicaties van huid en weke delen kunnen verergeren.

Controles: bij langere therapieduur regelmatig bloedbeeld, lever- en nierfunctie controleren. Met name dagelijks gebruik van (combinaties van) pijnstillers kan blijvende nierschade veroorzaken (analgetische nefropathie). Bij een afname van de nierfunctie kan aanpassing van de dosering nodig zijn. Gedehydrateerde kinderen, adolescenten en ouderen lopen meer risico op nierfunctiestoornis. Controleer diurese en nierfunctie bij patiënten met hartfalen, nier- of leverinsufficiëntie, diureticagebruik of een recente zware operatieve ingreep met vochtverlies.

Bij visusklachten is oogheelkundig onderzoek gewenst.

Langdurig gebruik kan hoofdpijn verergeren, houd rekening met hoofdpijn als gevolg van overgebruik.

Bij een voorgeschiedenis van astma, chronische neusslijmvliesontsteking, sinusitis, neuspoliepen of allergische aandoeningen bestaat meer kans op allergische reacties zoals astma-aanvallen, bronchospasmen, Quincke-oedeem of urticaria.

Bij lupus erythematodes of gemengde bindweefselziekte ('mixed connective tissue disease') bestaat meer kans op aseptische meningitis.

Ibuprofen kan de verschijnselen die optreden bij een infectie en koorts maskeren. Bij bacteriële complicaties bij varicella-infectie en bij community-acquired pneumonie is verergering van de infectie waargenomen, doordat een passende behandeling vertraagd werd gestart.

Bij behandeling als zelfzorgmiddel wordt aanbevolen een arts te raadplegen bij toepassing > 3 dagen bij koorts, > 4 dagen bij pijn, of als de verschijnselen toenemen.


 

Interacties

Relevant:
Ibuprofen remt de irreversibele trombocytenaggregatieremmende werking van acetylsalicylzuur en carbasalaatcalcium. Ibuprofen moet worden vermeden.

De (nefro)toxiciteit van tenofovir disoproxil kan toenemen.

Niet relevant:
Bij combinatie met tacrolimus kan de nefrotoxiciteit worden versterkt.

De Cmax en AUC van pemetrexed kunnen toenemen.

Niet beoordeeld:
Het risico op bloedingen bij HIV-positieve hemofiliepatiënten wordt verhoogd bij gelijktijdige behandeling met zidovudine.


Interacties NSAIDS algemeen

Relevant:
NSAID's versterken het effect van: VKA's; NSAID's verhogen het bloedingsrisico, maar dit komt niet altijd tot uiting in de INR. Bij sommige patiënten wordt ook de INR beïnvloed. Bij NSAID-gebruik tot 1 week is dit weinig relevant. NSAID's hebben bovendien een ulcerogeen effect. Bij gebruik van meer dan 3 g acetylsalicylzuur per dag kan acetylsalicylzuur de INR verhogen. NSAID's moeten zo min mogelijk worden voorgeschreven aan patiënten die VKA's gebruiken. Fenylbutazon en piroxicam (uitzondering bij spondylitis ankylopoetica) en acetylsalicylzuur in een analgetische dosering zijn gecontraïndiceerd. Maagprotectie moet worden overwogen (zie de rubriek Bijwerkingen).

NSAID's versterken ook het effect van DOAC's (direct werkende orale anticoagulantia), hierdoor neemt het bloedingsrisico toe. Maagprotectie moet worden overwogen (zie de rubriek Bijwerkingen).

De bloedingsneiging neemt toe bij combinatie met ibrutinib.

Door toevoeging aan methotrexaat kan de methotrexaatconcentratie stijgen. Hierdoor kunnen ernstige bijwerkingen ontstaan, zeker bij hogere doseringen. Bij combinatie moeten de (neven)effecten van methotrexaat (bloedbeeld, ASAT, ALAT), alsmede de nierfunctie worden gemonitord. Bij 'high dose' methotrexaat moet tevens de methotrexaatconcentratie worden gevolgd.

De nefrotoxiciteit van ciclosporine kan worden versterkt. De nierfunctie moet worden gecontroleerd.

Door toevoeging aan lithium kan de concentratie van lithium stijgen.

NSAID's verminderen het effect van: diuretica, RAAS-remmers, β-blokkers; NSAID's veroorzaken water- en zoutretentie. Door de verminderde werking kan hartfalen kan manifest worden of verergeren. Dit effect kan al optreden binnen enkele dagen na start van het NSAID en is vooral van belang bij ernstig hartfalen. De combinatie wordt bij voorkeur vermeden; als dit niet mogelijk is, moet de nierfunctie worden gecontroleerd en te sterke ontwatering worden vermeden.

Bij hypertensie kunnen NSAID's de antihypertensieve werking van de RAAS-remmer, het diureticum of de β-blokker verminderen, vooral bij nierfunctiestoornis. Bij NSAID-gebruik tot 2 weken is dit weinig relevant.

Overig effect: bij gebruik van een SSRI, duloxetine, trazodon, venlafaxine of een salicylaat in antitrombotische dosering (preparaten tot en met 100 mg acetylsalicylzuur of carbasalaatcalcium per doseereenheid) neemt het risico op een maagbloeding toe als tevens een NSAID wordt gebruikt.

Glucocorticoïden kunnen de ulcerogene werking van de NSAID's versterken. Het risico op een peptisch ulcus neemt toe bij hogere leeftijd, hogere doses en chronisch gebruik. Maagprotectie moet worden overwogen (zie de rubriek Bijwerkingen) in de hierboven genoemde gevallen.

Combinatie met desmopressine kan leiden tot waterintoxicatie en hyponatriëmie. Deze interactie geldt niet voor de coxibs.

Geen interactie:
In de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met heparines.

Niet beoordeeld:
De digoxineconcentratie kan stijgen door indometacine en mogelijk ook door andere NSAID's.

Alcohol of combinatie van verschillende NSAID's kan het risico op een maagbloeding verhogen.

Gelijktijdig oculair gebruik van een corticosteroïd en oculair gebruik van een NSAID bij reeds bestaande hoornvliesontsteking verhoogt het risico op hoornvliescomplicaties.

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-formularium voor Kinderen, 2007
  2. ZorgInstituut Nederand, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 24 jun 2021
  3. Informatorium Medicamentorum, (Interacties en verminderde nierfunctie), Geraadpleegd 24 jun 2021
  4. Allegaert K et al, Impact of ibuprofen administration on renal drug clearance in the first weeks of life., B.J. Methods Find EXp Clin Pharmacol, 2006, Oct:28(8), 519-22
  5. Reckitt Benckiser Healthcare B.V, SPC Nurofen zetpil 60-125 mg (RVG 33132/31759), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 10 juli 2010, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h31759.pdf
  6. Reckitt Benckiser Healthcare B.V. 17/11/2008, SPC Nurofen suspensie 100 mg/5 ml (RVG 19838) 01-07-2016, www.cbg-meb.nl
  7. Orphan Europe SARL, SPC Pedea (EU/1/04/284/001) 11-12-2015, www.ema.europa.eu
  8. NVK, Richtlijn pijnmeting en behandeling pijn bij kinderen, www.nvk.nl, 2007, http://www.nvk.nl/Kwaliteit/Richtlijnenenindicatoren/Richtlijnen/Pijnmetingenbehandelingvan/tabid/348/language/nl-NL/Default.aspx
  9. CBO, Richtlijn Postoperatieve Pijnbehandeling, www.cbo.nl, 2003, 127-156, http://www.cbo.nl/Downloads/108/postoppijn2003.pdf
  10. Franssen MJAM et al, Werkboek Kinderreumatologie, VU Uitgeverij, 2008, 2e druk
  11. Farmanco/KNMP, Geneesmiddeltekorten, www.farmanco.knmp.nl, http://www.farmanco.knmp.nl/tekortgeneesmiddelen/diversen/pedea
  12. Bijl, D., Varicella zoster, herpes zoster en NSAID’s: ernstige dermatologische complicaties, Geneesmiddelbulletin, 2010, 44: 9 (Sept), 103-4
  13. Werkgroep Neonatale Farmacologie NVK sectie Neonatologie, Expert opinie 13 nov 2018
  14. Aranda, J. V. et al , Pharmacokinetics and protein binding of intravenous ibuprofen in the premature newborn infant." , Acta Paediatr 86, 1197, 86 (3), 289-93
  15. Barzilay, B. et al 2012. , Pharmacokinetics of oral ibuprofen for patent ductus arteriosus closure in preterm infants, Arch Dis Child Fetal Neonatal Ed, 2012, 97 (2), F116-9
  16. Hirt, D. et al , An optimized ibuprofen dosing scheme for preterm neonates with patent ductus arteriosus, based on a population pharmacokinetic and pharmacodynamic study, Br J Clin Pharmacol , 2008, 65 (5), 629-36
  17. Ohlsson, A. et al, Ibuprofen for the treatment of patent ductus arteriosus in preterm or low birth weight (or both) infants, Cochrane Database Syst Rev , 2015, (2) , Cd003481
  18. Sangtawesin, V. et al, Oral ibuprofen prophylaxis for symptomatic patent ductus arteriosus of prematurity., J Med Assoc Thai, 2006, 89(3), 314-21
  19. Sharma, P.K. et al, Pharmacokinetics of oral ibuprofen in premature infants., J Clin Pharmacol, 2003, 43(9), 968-73
  20. Van Overmeire, B. et al, Ibuprofen pharmacokinetics in preterm infants with patent ductus arteriosus, Clin Pharmacol Ther , 2001, 70(4), 336-43
  21. Anderson, B. J., et al., A target concentration strategy to determine ibuprofen dosing in children., Paediatr Anaesth, 2019, 29 (11), 1107-1113
  22. Brown, R. D., et al , Single-dose pharmacokinetics of ibuprofen and acetaminophen in febrile children, J Clin Pharmacol, 1992, 32 (3), 231-41
  23. Gelotte, C. K., et al, Multiple-dose pharmacokinetics and safety of an ibuprofen-pseudoephedrine cold suspension in children, Clin Pediatr (Phila), 2010, 49 (7), 678-85
  24. Kauffman, R. E., et al, Effect of age on ibuprofen pharmacokinetics and antipyretic response, J Pediatr, 1992, 121 (6), 969-73
  25. Kelley, M. T., et al , Pharmacokinetics and pharmacodynamics of ibuprofen isomers and acetaminophen in febrile children, Clin Pharmacol Ther, 1992, 52 (2), 181-9
  26. Kyllönen, M., et al, Perioperative pharmacokinetics of ibuprofen enantiomers after rectal administration, Paediatr Anaesth, 2005, 15 (7), 566-73
  27. Nahata, M. C., et al, Pharmacokinetics of ibuprofen in febrile children, Eur J Clin Pharmacol, 1991, 40 (4), 427-8
  28. Playne, R., et al, Analgesic effectiveness, pharmacokinetics, and safety of a paracetamol/ibuprofen fixed-dose combination in children undergoing adenotonsillectomy: A randomized, single-blind, parallel group trial, Paediatr Anaesth, 2018, 28 (12), 1087-1095
  29. Rey, E., et al. , Stereoselective disposition of ibuprofen enantiomers in infants, Br J Clin Pharmacol, 1994, 38 (4), 373-5
  30. Tarabar, S., et al, Phase I Pharmacokinetic Study of Fixed-Dose Combinations of Ibuprofen and Acetaminophen in Healthy Adult and Adolescent Populations., Drugs R D, 2020, 20 (1), 23-37

Wijzigingen

  • 24 juni 2021 20:29: De beschikbare wetenschappelijke literatuur over de toepassing van ibuprofen bij kinderen is beoordeeld. Dit heeft geleid tot het toevoegen van PK informatie en het samenvoegen van verschillende indicaties onder één indicatie " pijnbestrijding en ontstekingsremming" . Tevens is er informatie over toepassing bij kinderen met obesitas toegevoegd.
  • 17 februari 2021 14:16: Indicatie migraine toegevoegd aan indicatie 'koorts en pijn' , aangezien dosering gelijk is. rectaal doseeradvies voor kinderen > 12 jaar verwijderd, omdat geschikte toedieningsvorm (zetpil 500 mg) niet bestaat.
  • 12 maart 2019 09:30: Verduidelijking neonatale oplaaddosis bij doorstart 2e kuur
  • 14 augustus 2018 17:39: Het doseeradvies voor toepassing van ibuprofen bij open ductus is gewijzigd op basis beoordeling van de wetenschappelijke literatuur en de expert opinie van de werkgroep neonatale farmacologie. Het doseeradvies uit het registratiedossier (smPC) is alleen adequaat wanneer binnen 72 uur postnataal gestart wordt met de behandeling. De meeste NICU's starten later met een aangepaste dosering. Daarnaast wordt ibuprofen ook oraal toegepast bij deze indicatie
  • 10 april 2018 14:36: Waarschuwing tav varicella aangepast en bron vermelding toegevoegd
  • 22 februari 2018 10:30: Obv SmpC contra-indicatie tav toepassing ibuprofen bij waterpokken verwijderd. Een waarschuwing tav toepassing bij waterpokken is toegevoegd
  • 11 juli 2016 15:03: Het doseeradvies is van toepassing op prematuur geboren neonaten en niet zoals vermeld werd a terme neonaten (bron SmPC Pedea)
  • 29 september 2015 11:38: Correctie indicatie preventie en behandeling acute pijn/postoperatieve pijn: geen startdosering op basis van gebruikte bronnen
  • 23 juni 2015 13:10: Waarschuwing ten aanzien van nierfunctie bij dehydratie toegevoegd. Voorzorg toegevoegd om na 3 dagen gebruik arts te raadplegen
  • 11 mei 2015 11:52: Ten onrechte werd de dosering bij migraine bij kinderen 3-8 jaar vermeld als een dosering per dag ipv dosering per dosis. Dit is gecorrigeerd

Therapeutic Drug Monitoring


Overdosering