Selectieve vasculaire 5-HT1-receptoragonist vooral van de 5-HT1D-receptor. Deze receptor brengt vasoconstrictie van bepaalde craniale bloedvaten tot stand. Tevens zijn er aanwijzingen dat de activiteit van de nervus trigeminus wordt geremd.
5-17 jaar:
T1/2= 1,4-2 uur
Migraine aanval:
< 12 jaar: Off-label
> 12 jaar: On-label, dosering > 10 mg/dag Off-label
Neusspray (als waterstofsulfaat) 10 mg, 20 mg
| Migraine aanval: acute behandelingtijdens de hoofdpijnfase; cluster hoofdpijn |
|---|
|
GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.
GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.
Ernstige bijwerkingen zoals myocardinfarct, cva’s, verlies van zicht en sterfte zijn gemeld bij orale, nasale en subcutane toediening. De incidentie is nog niet bepaald.
Zeer vaak (> 10%): vieze smaak (bij neusspray). Pijn/steken/branderig gevoel op injectieplaats, zwelling, erytheem, blauwe plekken en bloedingen (bij injectie).
Vaak (1-10%): duizeligheid, slaperigheid, sensibele stoornis (incl. paresthesie), opvliegers, dyspneu, warmte- of koudesensaties, zwaar gevoel, beklemdheid en een drukkend gevoel, onder meer in borst en keel, zwakte, vermoeidheid. Kort na toediening een voorbijgaande stijging van de bloeddruk.
Verder zijn gemeld: (< 0,01%): bradycardie, tachycardie, palpitaties, aritmieën, ECG-veranderingen, coronaire vaatspasmen, angina, myocardinfarct, hypotensie, Raynaudfenomeen, diarree, ischemische colitis, slikstoornis, convulsies, tremor, dystonie, nystagmus, scotoom, visusstoornissen, vermindering tot tijdelijk verlies van het gezichtsvermogen, overgevoeligheidsreacties variërend van huiduitslag tot anafylaxie, geringe afwijkingen in leverfunctiewaarden, artralgie, stijve nek, angst, hyperhidrose. Bij neusspray tevens irritaties of brandend gevoel in neus of keel, epistaxis.
Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb
Sluit vóór behandeling ernstige neurologische aandoeningen als CVA, TIA uit bij atypische symptomen of als er geen duidelijke diagnose is.
Wees voorzichtig bij risicofactoren die de convulsiedrempel verlagen, bij aanwezigheid van risicofactoren voor coronaire hartziekten (zoals bij zware rokers of bij gebruik van vervangende nicotineproducten, mannen ouder dan 40 jaar, vrouwen in de postmenopauze), bij hypertensie (ook als die onder controle is), convulsies in de anamnese, en lever- en nierinsufficiëntie. Bij optreden van symptomen als pijn en/of een beklemd gevoel op borst en keel die duiden op ischemische hartziekte, geen sumatriptan meer geven en de patiënt op de juiste wijze evalueren.
Wees voorzichtig bij overgevoeligheid voor sulfonamiden; er zijn relatief weinig aanwijzingen voor kruisovergevoeligheid.
Bij dagelijkse hoofdpijn rekening houden met medicatieovergebruikshoofdpijn (MOH). Overmatig gebruik van pijnstillers (incl triptanen) kan leiden tot MOH en ook exacerbatie van hoofdpijn, waardoor tijdelijk staken van de behandeling nodig is.
Sumatriptan niet profylactisch toepassen.
Latexallergie. De beschermkap van de naald van de s.c. injectie bevat natuurlijk latex, dat in contact met de naald kan komen en bij voor latex overgevoelige personen allergische reacties kan geven.
Dit middel kan invloed hebben op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen. Raadpleeg ‘Rij Veilig met Medicijnen’ van het IVM.
Sumatriptan is substraat voor OCT1.
Niet relevant:
Toename sumatriptan: de concentratie stijgt door ritlecitinib.
Overig effect: niet-selectieve MAO-remmers en moclobemide kunnen de concentratie van sumatriptan verhogen door remming van het metabolisme via MAO-A; het is echter niet bekend of hierdoor meer bijwerkingen optreden. Gelijktijdig gebruik of gebruik van een MAO-remmer tot 2 weken voor toediening van sumatriptan wordt ontraden door de fabrikant van sumatriptan.
Geen interactie:
In de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met duloxetine, hypericum of venlafaxine.
Niet beoordeeld:
Bij combinatie met ergotamine of een andere 5-HT1-receptoragonist kan het risico op coronaire vaatspasmen zijn verhoogd. Geadviseerd wordt na staken van een triptan ten minste 6 uur (bij eletriptan, frovatriptan en naratriptan ten minste 24 uur) te wachten voordat ergotamine of methysergide wordt gegeven en ten minste 24 uur voordat een andere 5-HT1-receptorantagonist wordt gegeven. Na staken van ergotamine, methysergide of een andere 5-HT1-receptoragonist wordt aanbevolen ten minste 24 uur te wachten voordat een triptan wordt gegeven.
Deze pagina geeft een overzicht van geneesmiddelen uit dezelfde ATC groep. Let op: Dit betekent niet per definitie dat deze middelen onderling uitwisselbaar zijn.
| SELECTIEVE SEROTONINE-AGONISTEN | ||
|---|---|---|
|
Maxalt
|
N02CC04 | |
| OVERIGE MIGRAINEMIDDELEN | ||
|---|---|---|
|
Sandomigran
|
N02CX01 | |