Lorazepam

Stofnaam
Lorazepam
Merknaam
Temesta
ATC code
N05BA06

Voor ouders op Apotheek.nl
Eigenschappen - PK data - Registratiestatus
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Oraal: Off-label
IV: < 12 jaar: Off-label
> 12 jaar: sedatie: on-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Premedicatie:
> 12 jaar:
IV: 0,044 mg/kg/dosis, max 2 mg, 15-20 min voor de verwachte procedure. Hogere doses, tot 0,05 mg/kg met een maximum van totaal 4 mg, kunnen worden toegediend.
IM: 0,05 mg/kg/dosis, max 4 mg tenminste 2 uur voor de verwachte procedure.

Angst en spanning:
> 12 jaar: indien orale toediening niet mogelijk is: 2-4 mg (0,05 mg/kg) IV of IM, ZN na 2 uur herhalen

Premedicatie bij tandheelkundige of chirurgische ingrepen :
6-12 jaar: 0.5-1 mg/dosis, max 0,05 mg/kg/dosis 1-2 uur voorafgaand aan de ingreep.
13-18 jaar: 1-4 mg/dosis 1-2 uur voorafgaand aan de ingreep.

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Inj.vlst. 4 mg/ml
Tablet 0,5 mg, 1 mg, 2,5 mg
Drank 0,5 mg/ml; 1 mg/ml ( 1 mg/ml drank bevat 30 mg/ml propyleenglycol)
Capsule 0,1 mg

Eigenschappen

Benzodiazepine, toegepast als hypnoticum en anxiolyticum.

Kinetische gegevens

Biologische beschikbaarheid ongeveer 90%. Kinderen metaboliseren de benzodiazepine-agonisten sneller dan jeugdigen en volwassenen.

Algemene opmerkingen

Bij toepassing in de Kind-en jeugdpsychiatrie:
De indicaties voor het voorschrijven van benzodiazepines zijn zeer beperkt. In de praktijk worden de middelen eventueel kort gebruikt bij acute angsten en plotselinge extreme slapeloosheid. Langduriger gebruik kan sporadisch voorkomen bij patiënten met schizofrenie, OCD, manie en catatonie Middelen met een korte halfwaardetijd hebben natuurlijk de voorkeur indien kort en/of incidenteel gebruik noodzakelijk is. Het voordeel van middelen met een langere halfwaardetijd is het minder voorkomen van angstdoorbraken, minder frequente inname per dag en mildere onttrekkingsverschijnselen.

Doseringen

Ga snel naar:

Sedatie
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • 0,2 - 0,4 mg/kg/dag in 4 doses. Maximale dosering per gift: 3 mg/dosis.
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1] [11]
      • Orale toediening alleen tijdens afbouwen van intraveneuze medicatie om ontwenningsverschijnselen te voorkomen na langdurige intraveneuze sedatie. Orale therapie wordt gestart waarna de intraveneuze medicatie wordt afgebouwd. De dosis is afhankelijk van de gebruikte intraveneuze dosis. 

         

Status epilepticus
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [5] [10]
      • 0,1 mg/kg/dosis, bolus. Maximale dosering per gift: 4 mg/dosis.
Acute angsten (kort gebruik)
  • Oraal
    • 6 jaar tot 18 jaar
      [2]
      • 0,02 - 0,1 mg/kg/dag in 2 - 3 doses.
      • Starten met lage begindosis met langzame ophoging op klinisch beeld.

Premedicatie bij tandheelkundige of chirurgische ingrepen
  • Oraal
    • 6 jaar tot 13 jaar
      [6] [7] [8] [9]
      • 0,5 - 1 mg/dosis, éénmalig, max: 0,05 mg/kg/dosis. 1 tot 2 uur voorafgaand aan de ingreep.
    • 13 jaar tot 18 jaar
      [6] [9]
      • 1 - 4 mg/dosis, éénmalig. 1 tot 2 uur voorafgaand aan de ingreep.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

ANXIOLYTICA

BENZODIAZEPINEDERIVATEN
N05BA12

Clobazam

Frisium
N05BA09

Diazepam

Stesolid rectiole
N05BA01

Oxazepam

Seresta
N05BA04
DIFENYLMETHAANDERIVATEN
N05BB01
AZASPIRODECAANDIONDERIVATEN
N05BE01

Bijwerkingen bij kinderen

Vooral bij kinderen kunnen zich paradoxale reacties met acute opwinding, verwarring en verandering van de psychische toestand voordoen, disinhibitie. Bij neonaten met een zeer laag geboortegewicht zijn epileptische aanvallen en myoklonie gemeld. Sedatie, concentratie-/geheugen problemen, tolerantie/afhankelijkheid bij langer durend gebruik.

Bijwerkingen algemeen

Zeer vaak (> 10%): vermoeidheid.

Vaak (1-10%): slaperigheid overdagsufheid, duizeligheid, ataxie. Spierzwakte.

Soms (0,1-1%): hoofdpijn, verminderde oplettendheid, Emotionele vervlakking, verwardheid, depressie, slaapstoornissen, libidoverandering. Visusstoornis, dubbelzien. Maag-darmstoornissen. Allergische huidreacties.

Zelden: anterograde amnesie. Hypotensie, hypertensie. Bloeddyscrasie. Abnormale leverfunctietesten.

Verder zijn gemeld: tolerantie na herhaald gebruik, fysieke en psychische afhankelijkheid, onthoudings- en rebound-verschijnselen, partiële obstructie van de luchtwegen bij zware sedatie. Neiging tot vallen. Flebitis, pijn en roodheid op de injectieplaats.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contra-indicatie algemeen

  • overgevoeligheid voor benzodiazepinen;
  • myasthenia gravis;
  • ernstige respiratoire insufficiëntie;
  • slaap-apneusyndroom;
  • ernstige leverinsufficiëntie;

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

De injectievloeistof bevat propyleenglycol en benzylalcohol. Prematuren, neonaten met een laag geboortegewicht en kinderen die hoge doses krijgen zijn gevoeliger voor de effecten van benzylalcohol, propyleenglycol en macrogol

Waarschuwingen en voorzorgen algemeen

Staak de behandeling bij het optreden van paradoxale reacties.

Risicogroepen: Verlaag de dosering bij chronische respiratoire insufficiëntie. 

Amnesie: Bij onvoldoende slaapduur is hier meer kans op. Indien minder dan 7–8 uur beschikbaar is om te slapen en bij hogere doseringen is er meer kans op anterograde amnesie. Amnestische effecten kunnen gepaard gaan met onaangepast gedrag.

Afhankelijkheid, tolerantie en rebound: De kans op afhankelijkheid neemt toe bij hogere doseringen, een langere gebruiksduur en bij alcohol- en/of drugsmisbruik in de anamnese; wees terughoudend bij middelenmisbruik in de anamnese. Bij herhaald gebruik gedurende enkele weken kan het hypnotisch effect van benzodiazepinen minder worden (tolerantie). Beperk het gebruik als slaapmiddel in verband met de kans op afhankelijkheid, tolerantie en centrale bijwerkingen tot 1–2 weken, maximaal 4 weken en als anxiolyticum tot maximaal 8–12 weken (incl. uitsluipen). Sluip lorazepam uit bij staken van langdurige behandeling en bij overschakeling van een lang- op een kortwerkend benzodiazepine, om mogelijke onthoudings- en/of rebound-verschijnselen te voorkomen.

Comorbiditeit: Wees voorzichtig bij acuut nauwe-kamerhoekglaucoom. Wees voorzichtig met het gebruik als premedicatie bij ouderen, bij zwaar zieke of verzwakte patiënten en bij patiënten met beperkte longreserves, vanwege de kans op apneu en hypoxische hartstilstand.

Specifiek voor injectievloeistof: Na gebruik van de injectievloeistof wordt een observatieperiode van 24 uur aanbevolen. Gebruik geen alcohol en vermijd activiteiten die aandacht vereisen (autorijden) gedurende 24–48 uur na toediening van de injectievloeistof. De injectievloeistof wordt niet aanbevolen bij een nierfunctiestoornis; patiënten met een nierfunctiestoornis zijn gevoeliger voor propyleenglycol. Bij langdurig gebruik van de injectievloeistof is regelmatig bloed- en leverfunctieonderzoek aangewezen, wees voorzichtig bij patiënten bij wie bloeddrukdaling tot cardiovasculaire of cerebrovasculaire complicaties kan leiden.

Hulpstoffen

Benzylalcohol (in injectievloeistof) bij voorkeur niet gebruiken bij pasgeborenen (< 4 w.) vanwege ernstige bijwerkingen (zoals ‘gasping’-syndroom) én maximaal één week gebruiken bij jonge kinderen (< 3 j.), vanwege stapeling. Gebruik van benzylalcohol bij nier- of leverfunctiestoornis kan door ophoping leiden tot metabole acidose.
Wees voorzichtig met propyleenglycol (in drank) bij zuigelingen < 4 weken, zeker in combinatie met andere middelen die propyleenglycol of alcohol bevatten.
De hoge dosis propyleenglycol (in injectievloeistof) bij voorkeur niet gebruiken en alleen met extra medische controle; bij (langdurig) gebruik kunnen ernstige (reversibele) bijwerkingen optreden, zoals hyperosmolaliteit, melkzuuracidose, convulsies, cardiotoxiciteit, hemolytische reacties, ademhalingsdepressie, acuut nierfalen, multiorgaanfalen, coma. Niet gebruiken bij kinderen < 5 jaar.

Interacties

Niet beoordeeld: de sedatieve werking van alcohol en andere centraal-depressieve stoffen kan worden versterkt.

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-Formularium voor Kinderen, 2007
  2. Landelijk Kenniscentrum Kind-enJeugdpsychiatrie (Ketelaars), Anxiolytica/hypnotica, 2009
  3. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 19 april 2021
  4. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), 2008
  5. Waardenburg van DA, et al., Richtlijn status epilepticus kinderen ouder dan één maand., Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde, Augustus 2005
  6. Prolepha Research B.V, SmPC Lorazepam Prolepha (RVG 119556 en 119557) 25-10-2018, www.geneesmiddelinformatiebank.nl
  7. neuraxpharm, SmPC, Lorazepam-neuraxpharm® (7791.00.00/7791.01.00), 11/2013
  8. Pfizer, SmPC, Tavor® 0,5 mg/ 1,0 mg/ Tabs 2 mg/ 2,5 mg Tabletten (6174941.00.00), 07/17
  9. Pfizer, SmPC, Tavor® 1,0/ 2,5 mg Expidet Plättchen (6948.00.00), 07/17
  10. Nederlandse Vereniging voor Neurologie, Richtlijn Epilepsie > Status Epilepticus > Bij kinderen, https://epilepsie.neurologie.nl/cmssite/index.php?pageid=610&tabid=20110429141709 , Geraadpleegd 11 juli 2019
  11. Van der Vossen, AC. et al, Oral lorazepam can be substituted for intravenous midazolam when weaning paediatric intensive care patients off sedation, Acta Paediatr, 2018, Mar 23;107(9), 1594-1600

Wijzigingen

  • 11 juli 2019 14:41: De doseringen voor status epilepticus is aangepast obv herziene richtlijn Status Epilepticus bij kinderen van de Nederlandse Vereniging voor Neurologie
  • 27 november 2018 14:01: Indicatie premedicatie bij tandheelkundige en chirugische ingrepen toegevoegd

Therapeutic Drug Monitoring


Overdosering