Levodopa + carbidopa 10:1

Stofnaam
Levodopa + carbidopa 10:1
Merknaam
Sinemet
ATC code
N04BA02
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Off-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Niet geregistreerd voor kinderen.

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Per tablet : Levodopa/carbidopa (als 1-water): 100 mg/10 mg; 100 mg/25 mg; 250 mg/25 mg
Per tablet met gereguleerde afgifte: Levodopa/Carbidopa (als 1-water) 100 mg /25 mg, 200 mg/50 mg

Eigenschappen

Combinatie van dopamineprecursor die de bloed-hersenbarrière passeert en enzymatisch wordt gedecarboxyleerd tot het werkzame dopamine en een decarboxylaseremmer die de bloed-hersenbarrière niet passeert. De decarboxylaseremmer remt de extracerebrale decarboxylering van levodopa, waardoor meer levodopa beschikbaar is voor transport naar de hersenen. (70–150 mg carbidopa blijkt perifeer dopadecarboxylase volledig te kunnen remmen.) Hierdoor kan levodopa lager worden gedoseerd, zal de werking sneller intreden en zullen minder perifere bijwerkingen optreden door een geringere hoeveelheid perifeer ontstaan dopamine. De werking berust waarschijnlijk op verhoging van de dopamineconcentratie in de hersenen. Hypokinesie, spierstijfheid en in mindere mate de tremor worden verbeterd. Werkingsduur: tablet 2–4 uur, CR-tablet 4–6 uur. Intestinale behandeling vermindert de motorische fluctuaties en verhoogt de 'on'-tijd omdat een stabielere levodopa plasmaconcentratie wordt gerealiseerd.

Kinetische gegevens

Geen informatie

Doseringen

Indicatie: GTP cyclohydrolase I deficientie (GTPCH); 6 pyruvoyl tetrahydropterin synthase deficientie (PTPS); Dihydropteridine reductase deficientie (DHPR)
  • Oraal
    • a terme neonaat
      [3]
      • Levodopa:carbidopa = 10:1
        Doseren uitgaande van  levodopa:
        1 - 3
        mg/kg/dag in 3 - 6 doses Langzaam ophogen na enkele dagen/weken in stappen van ten hoogste 1 mg/kg.
      • Behandeling door of na overleg met een kinderarts-specialist (metabole ziekten) die ervaring heeft met gebruik van Levodopa-carbidopa voor deze indicatie.

    • 1 maand tot 2 jaar
      [3]
      • Levodopa:carbidopa = 10:1
        Doseren uitgaande van levodopa: 4 - 7
        mg/kg/dag in 3 - 6 doses Langzaam ophogen na enkele dagen/weken in stappen van ten hoogste 1 mg/kg per dagen/week
      • Behandeling door of na overleg met een kinderarts-specialist (metabole ziekten) die ervaring heeft met gebruik van Levodopa-carbidopa voor deze indicatie.

    • ≥ 2 jaar
      [3]
      • Levodopa:carbidopa = 10:1
        Doseren uitgaande van levodopa 8 - 15
        mg/kg/dag in 3 - 6 doses Langzaam ophogen na enkele dagen/weken in stappen van ten hoogste 1 mg/kg per dagen/week.
      • Behandeling door of na overleg met een kinderarts-specialist (metabole ziekten) die ervaring heeft met gebruik van Levodopa-carbidopa voor deze indicatie.

Indicatie: Tyrosinehydroxylase deficientie
  • Oraal
    • 0 jaar tot 18 jaar
      [3]
      • Doseren uitgaande van levodopa: 1 - 10 mg/kg/dag in 2 - 6 doses . Langzaam ophogen na enkele dagen/weken in stappen van ten hoogste 1 mg/kg.
      • Product 25% (levodopa:carbidopa 4:1) gebruiken wanneer de totale dagdosis levodopa minder dan 400 mg is, anders 10% (Levodopa:carbidopa 10:1) gebruiken.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

Bijwerkingen bij volwassenen

Onwillekeurige bewegingen kunnen zowel vroeg als laat in de therapie optreden en zijn dosis-afhankelijk. Bij voortgezette behandeling heeft 50–80% last van 'peak-dose' dyskinesie (m.n. na gebruik van de tablet met gereguleerde afgifte); tevens treden op perioden van akinesie, tremor en stijfheid, die enkele minuten tot uren kunnen duren ('end of dose' akinesie, 'on-off'-verschijnsel, akinesia paradoxica) en ernstige gegeneraliseerde dyskinesie. Spiertrekkingen en blefarospasmen vormen de eerste tekenen om dosisverlaging te overwegen. (Zeer) vaak (> 1%): anorexie; hoofdpijn, paresthesie, spierkrampen, psychische stoornissen zoals hallucinatie, verwardheid, slaperigheid overdag, plotselinge slaapaanvallen, duizeligheid, nachtmerrie, slapeloosheid en depressie (zeer zeldzame zelfmoordpoging); pijn op de borst, asthenie, hartkloppingen, orthostatische hypotensie (m.n. in de beginperiode); dyspneu. Maag-darmstoornissen (misselijkheid, braken, diarree, obstipatie, droge mond, dyspepsie. Soms (0,1–1%): syncope, extrapiramidale aandoening, gastro-intestinale pijn, urticaria, afwijkingen in het lopen, gewichtsverlies. Vallen. Zelden (0,01–0,1%): oogaandoeningen als wazig zien, psychotische episode. Haaruitval, plotselinge roodheid van het gezicht, jeuk angio–oedeem. Maligne antipsychoticasyndroom. Het donker worden van zweet, urine en speeksel is beschreven. Verder zijn gemeld: stoornis in de impulsbeheersing (dwangmatig gokgedrag, toegenomen libido, hyperseksualiteit, compulsief koopgedrag, compulsief eetgedrag), euforie, tandenknarsen. Dementie, bittere smaak, ataxie, activering van het Horner-syndroom, gevoelsverlies, convulsies. diplopie, verwijde pupillen, oculogyrische crises. Leukopenie, trombocytopenie, (hemolytische) anemie, agranulocytose. (Maligne) melanoom. Hyperhidrose, Henoch–Schönlein-purpura. Trismus. Flebitis. Opvliegers, hypertensie. Malaise, oedeem. Gewichtstoename. Aritmieën (in het bijzonder bij bestaande hartstoornissen). Heesheid, hik. Speekselvloed, slikstoornissen, flatulentie. maag-darmbloedingen. Urineretentie, urine incontinentie, priapisme. Laboratoriumafwijkingen: fout-positieve uitslagen voor glucose en ketonlichamen in de urine. Lichte verhoging van transaminasewaarden, alkalisch fosfatase, LDH, creatinine- en ureumgehalte. Verminderde Hb en hematocriet. Verhoogde urinezuurspiegels. Positieve Coombs-test.

Intestinale sonde (> 10%): complicaties, zoals verplaatsing van de sonde naar de maag, occlusie of het verdraaien van de sonde (hoge druksignalen van de pomp) of volledig falen van sonde of pomp. Kort na de operatieve plaatsing: buikpijn, infectie en lekken van gastrische vloeistoffen. Plaatselijke infecties rondom de stoma.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij volwassenen

Niet-gecompenseerde cardiovasculaire, endocriene of hematologische aandoeningen; lever-, long- en nieraandoeningen. Nauwe kamerhoekglaucoom. Verdachte, ongediagnosticeerde gepigmenteerde huidaandoeningen; melanoom in de anamnese.

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Onwillekeurige bewegingen kunnen zowel vroeg als laat in de therapie optreden en zijn dosis-afhankelijk. Bij voortgezette behandeling heeft 50–80% last van 'peak-dose' dyskinesie (m.n. na gebruik van de tablet met gereguleerde afgifte); tevens treden op perioden van akinesie, tremor en stijfheid, die enkele minuten tot uren kunnen duren ('end of dose' akinesie, 'on-off'-verschijnsel, akinesia paradoxica) en ernstige gegeneraliseerde dyskinesie. Spiertrekkingen en blefarospasmen vormen de eerste tekenen om dosisverlaging te overwegen. (Zeer) vaak (> 1%): anorexie; hoofdpijn, paresthesie, spierkrampen, psychische stoornissen zoals hallucinatie, verwardheid, slaperigheid overdag, plotselinge slaapaanvallen, duizeligheid, nachtmerrie, slapeloosheid en depressie (zeer zeldzame zelfmoordpoging); pijn op de borst, asthenie, hartkloppingen, orthostatische hypotensie (m.n. in de beginperiode); dyspneu. Maag-darmstoornissen (misselijkheid, braken, diarree, obstipatie, droge mond, dyspepsie. Soms (0,1–1%): syncope, extrapiramidale aandoening, gastro-intestinale pijn, urticaria, afwijkingen in het lopen, gewichtsverlies. Vallen. Zelden (0,01–0,1%): oogaandoeningen als wazig zien, psychotische episode. Haaruitval, plotselinge roodheid van het gezicht, jeuk angio–oedeem. Maligne antipsychoticasyndroom. Het donker worden van zweet, urine en speeksel is beschreven. Verder zijn gemeld: stoornis in de impulsbeheersing (dwangmatig gokgedrag, toegenomen libido, hyperseksualiteit, compulsief koopgedrag, compulsief eetgedrag), euforie, tandenknarsen. Dementie, bittere smaak, ataxie, activering van het Horner-syndroom, gevoelsverlies, convulsies. diplopie, verwijde pupillen, oculogyrische crises. Leukopenie, trombocytopenie, (hemolytische) anemie, agranulocytose. (Maligne) melanoom. Hyperhidrose, Henoch–Schönlein-purpura. Trismus. Flebitis. Opvliegers, hypertensie. Malaise, oedeem. Gewichtstoename. Aritmieën (in het bijzonder bij bestaande hartstoornissen). Heesheid, hik. Speekselvloed, slikstoornissen, flatulentie. maag-darmbloedingen. Urineretentie, urine incontinentie, priapisme. Laboratoriumafwijkingen: fout-positieve uitslagen voor glucose en ketonlichamen in de urine. Lichte verhoging van transaminasewaarden, alkalisch fosfatase, LDH, creatinine- en ureumgehalte. Verminderde Hb en hematocriet. Verhoogde urinezuurspiegels. Positieve Coombs-test.

Intestinale sonde (> 10%): complicaties, zoals verplaatsing van de sonde naar de maag, occlusie of het verdraaien van de sonde (hoge druksignalen van de pomp) of volledig falen van sonde of pomp. Kort na de operatieve plaatsing: buikpijn, infectie en lekken van gastrische vloeistoffen. Plaatselijke infecties rondom de stoma.

Interacties

Relevant: dopaminerge parkinsonmiddelen, zoals levodopa, en dopamine-antagonisten (antipsychotica, anti-emetica) kunnen elkaars werking tegengaan. Combinatie wordt in het algemeen ontraden. Een uitzondering is clozapine, dit kan in lage doses worden toegepast bij psychose bij een parkinsonpatiënt. Als alternatief kan quetiapine worden gebruikt. Domperidon is ook een uitzondering, dit kan worden toegepast bij misselijkheid en braken en orthostatische hypotensie bij een parkinsonpatiënt.

Bij gelijktijdige inname met ijzerzouten kan de absorptie van levodopa afnemen, waarschijnlijk door vorming van een slecht oplosbaar complex. Levodopa dient 2 uur vóór ijzer (gewoon preparaat) te worden ingenomen.

Toediening gelijktijdig met of kort na het staken van behandeling met een niet-selectieve MAO-remmer kan een hypertensieve reactie veroorzaken; bij combinatie met een decarboxylaseremmer lijkt dit niet op te treden.

Niet relevant: pyridoxine versnelt (als co-enzym) reeds in kleine doses (vanaf 5 mg) de perifere afbraak van levodopa; bij combinatie met een decarboxylaseremmer treedt dit antagonisme niet op.

Antacida verlagen de absorptie van Madopar HBS® en verhogen de absorptie van levodopa in een gewoon preparaat.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met dacarbazine en tetrabenazine.

Niet beoordeeld: de werking van levodopa kan worden verminderd door fenytoïne.

Bij narcose met halothaan dient levodopa 12-48 uur voorafgaand aan de ingreep te worden gestaakt ter voorkoming van bloeddrukschommelingen en hartritmestoornissen.

Referenties

  1. ZorgInstituut Nederand, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 30 okt 2014
  2. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), Geraadpleegd 23 jun 2016
  3. Blau, Hoffmann, Leonard and Clarke, Physicians guide to the treatment and follow-up of metabolic diseases., Springer, 2006

Wijzigingen