Kalium-natrium fosfaat (combinatie preparaat)

Stofnaam
Kalium-natrium fosfaat (combinatie preparaat)
Merknaam
ATC code
B05XA06

Kalium-natrium fosfaat (combinatie preparaat)

Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Er is hier op dit moment nog geen informatie over beschikbaar.

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Niet geregistreerd als geneesmiddel

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Er is hier op dit moment nog geen informatie over beschikbaar.

Eigenschappen

1 ml bevat:
1,25 mmol kalium
0,5 mmol natrium
1,5 mmol fosfaat
Toepassing bij onderhoudsbehoefte fosfaat in Totaal Parenterale Voeding (TPV).

Kinetische gegevens

Geen informatie

Doseringen

Indicatie: Onderhoudsbehoefte fosfaat in TPV
  • Intraveneus
    • < 2 kg
      [1]
      • Vanaf de vijfde levensdag: 1,2 mmol/kg/dag continu infuus
        • = 0,8 ml/kg/dag bij concentratie 1,5 mmol fosfaat/ml
        • Doseren op geleide van plasmaconcentratie.
        • Niet als bolus onverdund toedienen. Cave aritmieen bij te snelle infusie: maximale toedieningssnelheid 0,05 mmol fosfaat/kg/uur, met spuitpomp.

         Er is geen onderzoek verricht naar de toepassing van kalium-natrium-fosfaat bij kinderen.

    • 2 tot 7 kg
      [1]
      • Vanaf de vijfde levensdag: 0,75 mmol/kg/dag continu infuus
        • = 0,5 ml/kg/dag bij concentratie 1,5 mmol fosfaat/ml
        • Doseren op geleide van plasmaconcentratie.
        • Niet als bolus onverdund toedienen. Cave aritmieen bij te snelle infusie: maximale toedieningssnelheid 0,05 mmol fosfaat/kg/uur, met spuitpomp

        Er is geen onderzoek verricht naar de toepassing van kalium-natrium-fosfaat bij kinderen.

         

    • 7 tot 30 kg
      [1]
      • 0,65 mmol/kg/dag continu infuus
        • = 0,4 ml/kg/dag bij concentratie 1,5 mmol fosfaat/ml
        • Doseren op geleide van plasmaconcentratie.
        • Niet als bolus onverdund toedienen. Cave aritmieen bij te snelle infusie: maximale toedieningssnelheid 0,05 mmol fosfaat/kg/uur, met spuitpomp.

        Er is geen onderzoek verricht naar de toepassing van kalium-natrium-fosfaat bij kinderen.

    • 30 tot 50 kg
      [1]
      • 0,5 mmol/kg/dag continu infuus
        • = 0,3 ml/kg/dag bij concentratie 1,5 mmol fosfaat/ml
        • Doseren op geleide van plasmaconcentratie.
        • Niet als bolus onverdund toedienen. Cave aritmieen bij te snelle infusie: maximale toedieningssnelheid 0,05 mmol fosfaat/kg/uur, met spuitpomp.

        Er is geen onderzoek verricht naar de toepassing van kalium-natrium-fosfaat bij kinderen.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Er zijn geen gegevens bekend over doseeraanpassing bij nierfunctiestoornissen.

Bijwerkingen bij volwassenen

Overmatige toediening van fosfaat kan leiden tot hyperfosfatemie, hypocalciëmie, ectopische calcificatie, hypotensie, acuut nierfalen en tetani

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij volwassenen

Fosfaten dienen niet te worden gebruikt bij hyperfosfatemie, hypocalciëmie en struvietstenen.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Niet als bolus onverdund toedienen. Cave aritmieen bij te snelle infusie: maximale toedieningssnelheid 0,05 mmol fosfaat/kg/uur, met spuitpomp. Cave reactie met calcium

Interacties

Relevant: combinatie met kaliumsparende diuretica dient bij voorkeur te worden vermeden, omdat hyperkaliëmie kan optreden. Bij combinatie dient de kaliumconcentratie te worden gecontroleerd.

Het risico op hyperkaliëmie neemt toe bij combinatie met een ACE-remmer of een angiotensine-II-antagonist, aangezien deze middelen de plasmakaliumconcentratie kunnen verhogen. De combinatie wordt bij voorkeur vermeden.

Niet beoordeeld: het risico op hyperkaliëmie neemt toe bij gebruik van geneesmiddelen waarbij hyperkaliëmie als bijwerking kan optreden, zoals β-blokkers, ciclosporine, digoxine (bij ernstige intoxicatie), heparine, NSAID's, oncolytica en tacrolimus.

De kaliumbehoefte kan zijn verhoogd bij gebruik van middelen die hypokaliëmie kunnen veroorzaken, zoals amfotericine B, levodopa, corticosteroïden en cisplatine.

Drospirenon kan het risico op hyperkaliëmie verhogen via aldosteronantagonisme.

Referenties

  1. Rademaker C.M.A. et al, Geneesmiddelen-Formularium voor Kinderen, 2007
  2. Informatorium Medicamentorum., (Eigenschappen,Bijwerkingen, Contra-indicaties, Waarschuwingen en voorzorgen, Interacties), Geraadpleegd 28 okt 2014

Wijzigingen