Procarbazine

Stofnaam
Procarbazine
Merknaam
Natulan
ATC code
L01XB01
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

< 2 jaar: Off-label
> 2 jaar: On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Hodgkin Lymfoom
2-18 jaar: in combinatie met andere middelen: 100 mg/m²

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Capsule (als hydrochloride) 10 mg, 50 mg

Eigenschappen

Oncolyticum met alkylerende werking. Het intervenieert in de celdeling; dit heeft waarschijnlijk zowel effect op het reeds gevormde DNA als op de DNA-synthese. De effectiviteit berust ten dele op het waterstofperoxide en de hydroxyradicalen, die tijdens de oxidatieve afbraak worden gevormd.

Kinetische gegevens

Geen informatie

Doseringen

Indicatie: Oncologische aandoeningen
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [3]
      • Dosis en dosisfrequentie van cytostatica zijn afhankelijk van de aandoening en sterk aan nieuwe inzichten onderhevig. Cytostatica worden in de oncologie/hematologie veelal in combinatie gebruikt. Om deze redenen wordt verwezen naar de gedetailleerde behandelprotocollen en is er geen dosisadvies opgenomen.

        Als indicatie wordt de volgende dosering van de fabrikant genoemd: 100 mg/m2/dag tot maximaal 14 dagen.

         

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

OVERIGE ONCOLYTICA

MONOKLONALE ANTILICHAMEN

Blinatumomab

Blincyto
L01XC19
L01XC

Ipilimumab

Yervoy
L01XC11

Rituximab

Mabthera
L01XC02
PROTEINEKINASEREMMERS

Dasatinib

Sprycel
L01XE06

Imatinib

Glivec
L01XE01

Nilotinib

Tasigna
L01XE08

Vandetanib

Caprelsa
L01XE12
OVERIGE ONCOLYTICA

Amsacrine

Amsidine
L01XX01

Asparaginase

Spectrila (colaspase), Erwinase (crisantaspase)
L01XX02

Bortezomib

Velcade
L01XX32
L01XX05
L01XX19

Mitotaan

Lysodren
L01XX23

Pegaspargase

Oncaspar
L01XX24

Tretinoine oraal

Vesanoid
L01XX14
MONOKLONALE ANTILICHAMEN

Blinatumomab

Blincyto
L01XC19
L01XC

Ipilimumab

Yervoy
L01XC11

Rituximab

Mabthera
L01XC02
PROTEINEKINASEREMMERS

Dasatinib

Sprycel
L01XE06

Imatinib

Glivec
L01XE01

Nilotinib

Tasigna
L01XE08

Vandetanib

Caprelsa
L01XE12
OVERIGE ONCOLYTICA

Amsacrine

Amsidine
L01XX01

Asparaginase

Spectrila (colaspase), Erwinase (crisantaspase)
L01XX02

Bortezomib

Velcade
L01XX32
L01XX05
L01XX19

Mitotaan

Lysodren
L01XX23

Pegaspargase

Oncaspar
L01XX24

Tretinoine oraal

Vesanoid
L01XX14

Bijwerkingen bij kinderen

Bij kinderen is toegenomen toxiciteit gemeld incl. tremoren, convulsies en coma.

Bijwerkingen bij volwassenen

Infecties: intercurrente infecties, sepsis. Neoplasmata: secundaire niet-lymfoïde maligniteiten, inclusief longkanker en acute myeloïde leukemie, myelodysplastisch syndroom. Bloed- en lymfestelsel: beenmergdepressie, leukocytopenie, trombocytopenie, anemie, hemolytische anemie, pancytopenie, eosinofilie. Maag-darmkanaal: misselijkheid, braken, stomatitis, diarree, buikpijn, obstipatie. Lever/gal: verstoorde leverfunctie, hepatitis, geelzucht. Zenuwstelsel: convulsies, neuropathie, paresthesie, hoofdpijn. Oog: visusstoornissen. Huid: urticaria, alopecia, huiduitslag, toxische epidermale necrolyse, stevens-johnsonsyndroom. Psychische reacties: hallucinaties, depressies, verwardheid, slaperigheid, psychose. Overige reacties: overgevoeligheidsreacties, waaronder anafylaxie en angio-oedeem, anorexia, bloedingen, interstitiële pneumonie, myalgie, necrose van botten of gewrichten, permanente azoöspermie, koorts, asthenie.


Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij volwassenen

Bestaande ernstige leukocytopenie of trombocytopenie

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Zwakke MAO remmer, niet combineren met tyraminerijk voedsel, tricyclische antidepressiva, sympathicomimetica, lokale anesthetica, alcohol.

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Vóór starten van en ten minste 2× per week tijdens een cyclus het volledige bloedbeeld controleren in verband met beenmergremming, die ook na staken van de therapie nog kan optreden. Op grond hiervan kan onderbreking van de behandeling, dosisaanpassing of verlenging van het therapie-vrije interval nodig zijn. Vóór starten van en ten minste 1× per week tijdens een cyclus de lever- en nierfunctie controleren. Bij misselijkheid en braken eventueel de dosis reduceren. Bij allergische huidreacties de behandeling afbreken. Procarbazine is een zwakke MAO-remmer; het is daarom af te raden om tijdens de behandelperiode kaas te eten, vanwege een mogelijke bloeddrukverhoging. Daarnaast is alcoholabstinentie noodzakelijk.

Interacties

Niet relevant: de AUC van oraal toegediend digoxine en oraal toegediend verapamil kan afnemen.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met amfetaminen, carbamazepine, dopamine, efedrine, fenobarbital, fenothiazines, fenylefrine, fenytoïne, MAO-remmers, primidon of tricyclische antidepressiva.

Niet beoordeeld: in combinatie met alcohol kan een disulfiram-effect optreden.

Interacties oncolytica algemeen:

Relevant: de meeste cytostatische oncolytica (niet de tyrosinekinaseremmers en de monoklonale antilichamen) kunnen het effect van cumarinederivaten op vele manireren beïnvloeden. Hierdoor kan/zal de verlenging van de stollingstijd sterker fluctueren. Bovendien kan chemotherapie trombocytopenie veroorzaken. Trombocytopenie bij gebruik van cumarines geeft een extra verhoogde bloedingsneiging. Voor de meeste cytostatische oncolytica is toename van de werking van het cumarinederivaat gemeld, voor mercaptopurine en mitotaan is afname van de werking gemeld. Behalve enzymremming spelen ook andere factoren een rol, zoals de ziekte kanker zelf en chemotherapie gerelateerde factoren, zoals braken en leverinsufficiëntie door metastasen.

Levende vaccins: vanwege de immunosuppressieve werking van veel oncolytica kan vaccinatie met levende micro-organismen een gegeneraliseerde infectie veroorzaken. Dit geldt ook voor de monoklonale antilichamen en de tyrosinekinaseremmers met immunosuppressieve werking (zie aldaar). De combinatie moet worden vermeden.

Niet-levende vaccins: tijdens gebruik van oncolytica die immunosuppressief werken kunnen vaccinaties met gedode verwekker of afgeleid antigeen minder effectief zijn door een verminderde immuunrespons. In sommige gevallen kan het vaccin herhaald worden toegediend of kan een titerbepaling worden gedaan.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met allergenen van natuurlijke oorsprong.

Niet beoordeeld: omega-3-vetzuren verminderen de effectiviteit van sommige oncolytica. KWF Kankerbestrijding ontraadt visoliesupplementen of vette vis te gebruiken vanaf 24 uur voorafgaand aan chemotherapie met irinotecan of platinaverbindingen tot en met 24 uur daarna.

Referenties

  1. College voor zorgverzekeringen (CVZ), Farmacotherapeutisch Kompas 2009 (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen)
  2. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), Geraadpleegd 25 april 2016
  3. Sigma tau S.p.A., SmPC Natulan (RVG 05077) 26 mei 2014

Wijzigingen