Natriumpolystyreensulfonzuur

Stofnaam
Natriumpolystyreensulfonzuur
Merknaam
Resonium A natriumzout,
ATC code
V03AE01

Natriumpolystyreensulfonzuur

Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Hyperkaliemie: On-label

Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Acute hyperkaliemie:
Kinderen: 1 g/kg/dag PO in verdeelde doses. Onderhoud: 0,5 mg/kg/dag
Indien orale toediening niet mogelijk is, kan een rectale dosis worden gegeven in een dosering die tenminste even groot is als men oraal zou hebben gegeven, verdund in dezelfde verhouding als beschreven voor volwassenen.

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Poeder (Na-zout) 999.34 mg/g Bevat natrium 100 mg/g

Eigenschappen

Natriumzout van een kationenuitwisselaar op polystyreenbasis met sulfonzuurgroepen. Verlaagt de plasma kaliumspiegel door uitwisseling van kalium- tegen natriumionen in het maag-darmkanaal. Dit proces is sterk afhankelijk van de lokale pH, omdat tijdens de darmpassage ook ammonium, magnesium, lipiden en eiwitten grote affiniteit hebben met de wisselaar. De in vivo uitwisselingscapaciteit is circa 1 mmol kalium per gram hars.

Kinetische gegevens

Geen informatie

Doseringen

Indicatie: Hyperkaliemie
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [1]
      • 1.000 mg/kg/dag in 2 - 4 doses
      • Bij een onderhoudstherapie kan de dosering tot 500 mg/kg/dag worden verlaagd.

  • Rectaal
    • 0 jaar tot 18 jaar
      [1]
      • 1.000 mg/kg/dag in 1 dosis
      • Bij een onderhoudstherapie kan de dosering tot 500 mg/kg/dag worden verlaagd.

Indicatie: Preventie hyperkaliemie bij chemokuur
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [4]
      • 500 - 1.000 mg/dag in 1 dosis
  • Rectaal
    • 1 maand tot 18 jaar
      [4]
      • 500 - 1.000 mg/dag in 1 dosis

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

GFR ≥10 ml/min/1.73m2: aanpassing van de dosering is niet nodig.

GFR <10 ml/min/1.73m2: een algemeen advies kan niet worden gegeven.

ALLE OVERIGE THERAPEUTISCHE MIDDELEN

ANTIDOTA
V03AB16

Digoxine Fab fragmenten

Digitalis antidot
V03AB24
V03AB27

Flumazenil

Anexate
V03AB25
V03AB19
V03AB17
V03AB15
V03AB06

Obidoxim

Toxogonin
V03AB13
V03AB14

Sugammadex

Bridion
V03AB35
IJZERCHELERENDE MIDDELEN

Deferasirox

Exjade
V03AC03

Deferipron

Ferriprox
V03AC02

Deferoxamine

Desferal
V03AC01
MIDDELEN BIJ HYPERKALIEMIE EN HYPERFOSFATEMIE
V03AE07

Calciumpolystyreensulfonzuur

Sorbisterit Ca-resonium
V03AE01

Sevelameer

Renagel, Renvela
V03AE02
DETOXIFICANTIA BIJ BEHANDELING MET ONCOLYTICA

Folinezuur

Rescuvolin, VoriNa
V03AF03
V03AF01

Rasburicase

Fasturtec
V03AF07
MIDDELEN BIJ HYPOGLYKEMIE

Diazoxide

Proglicem
V03AH01
ANTIDOTA
V03AB16

Digoxine Fab fragmenten

Digitalis antidot
V03AB24
V03AB27

Flumazenil

Anexate
V03AB25
V03AB19
V03AB17
V03AB15
V03AB06

Obidoxim

Toxogonin
V03AB13
V03AB14

Sugammadex

Bridion
V03AB35
IJZERCHELERENDE MIDDELEN

Deferasirox

Exjade
V03AC03

Deferipron

Ferriprox
V03AC02

Deferoxamine

Desferal
V03AC01
MIDDELEN BIJ HYPERKALIEMIE EN HYPERFOSFATEMIE
V03AE07

Calciumpolystyreensulfonzuur

Sorbisterit Ca-resonium
V03AE01

Sevelameer

Renagel, Renvela
V03AE02
DETOXIFICANTIA BIJ BEHANDELING MET ONCOLYTICA

Folinezuur

Rescuvolin, VoriNa
V03AF03
V03AF01

Rasburicase

Fasturtec
V03AF07
MIDDELEN BIJ HYPOGLYKEMIE

Diazoxide

Proglicem
V03AH01

Bijwerkingen bij kinderen

Obstipatie. Na rectale toediening is er vooral bij kinderen een risico van intestinale obstructie en fecale impactie door klontering van de hars en bij prematuren en neonaten met een laag geboortegewicht van haematochezia.

Bijwerkingen bij volwassenen

Irritatie van de maag, misselijkheid, braken, obstipatie, diarree, anorexie. Ulceratie van het maag-darmkanaal of necrose die kan leiden tot intestinale perforatie.  Verder hypokaliëmie, hypernatriëmie, hypocalciëmie, hypomagnesiëmie. Acidose.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contraindicaties bij kinderen

Neonaten (orale toediening). Neonaten ≤ 28 weken gestatieduur of verminderde darmactiviteit (orale en rectale toediening).

Contraindicaties bij volwassenen

Hypernatriëmie. Serumkaliumconcentratie < 5 mmol/l. Obstructieve darmziekte.  Overgevoeligheid voor harsen die polystyreensulfonaat bevatten.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Cave obstipatie. Natrium- en kaliumplasmaconcentratie regelmatig controleren. Bij rectale toediening is bij neonaten met een laag geboortegewicht en bij prematuren speciale zorg vereist in verband met het risico van digestieve hemorragie of necrose van het colon met name bij excessieve dosering of inadequate verdunning. 

Waarschuwingen en voorzorgen bij volwassenen

Bij ernstige vormen van hartfalen, nierinsufficiëntie, perifeer oedeem of hypertensie, de noodzaak van een therapie met natriumpolystyreensulfonaat afwegen tegen het risico van verergering van deze ziektebeelden door de mogelijke toename in de natriumresorptie. Vóór toepassing pseudohyperkaliëmie uitsluiten vanwege het risico van ernstige hypokaliëmie. Bij ernstige kaliumintoxicatie (> 6,5 mmol/l en/of ECG-afwijkingen) is de werking van natriumpolystyreensulfonaat onvoldoende; in dat geval noodmaatregelen (Na-waterstofcarbonaat, glucose-insuline-infusie of een dialyse) toepassen. De behandeling dient ondersteund te worden met beperking van kaliuminname. De toediening (tijdelijk) staken als de kaliumconcentratie lager wordt dan 5 mmol/l of als een klinisch significante obstipatie optreedt. Het plasmakalium-, natrium-, calcium- en magnesiumgehalte en de veneuze zuurgraad moeten ten minste eenmaal per week worden gecontroleerd. Bij hyperkaliëmie tussen dialyses eerst frequenter of langduriger dialyseren. Extra voorzichtigheid is geboden bij hyperfosfatemie. Inhalatie van het poeder kan leiden tot bronchitis en/of bronchopneumonie.

Interacties

Relevant:

Absorptie: de absorptie van thyreomimetica wordt verminderd, de middelen moeten gescheiden worden ingenomen met zoveel mogelijk tussentijd.

Overig effect: polystyreensulfonzuur en kaliumzouten werken elkaar tegen.


Niet beoordeeld: bij oraal gebruik in combinatie met antacida en laxantia, zoals magnesiumhydroxide en calciumcarbonaat, is metabole alkalose gemeld. Bovendien kan de werking van polystyreensulfonzuur door deze antacida en laxantia worden verminderd; de fabrikant van polystyreensulfonaatcalcium raadt een interval aan van ten minste 3 uur.

Bij combinatie met aluminiumhydroxide is darmobstructie gemeld.

De absorptie van lithium kan mogelijk afnemen.

Bij combinatie met middelen die de kaliumconcentratie verlagen, zoals thiazidediuretica, neemt het risico op hypokaliëmie toe.

Bij combinatie met sorbitol oraal of rectaal is necrose van het colon gemeld; de combinatie wordt ontraden.

Bij het Ca-zout kan het vrijgekomen calcium de absorptie van tetracyclines verminderen.

Referenties

  1. Sanofi-Aventis Netherlands BV, SPC Resonium A (RVG 08071), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 11 aug 2010, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h08071.pdf
  2. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 09 nov 2014
  3. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), Geraadpleegd 05 feb 2016
  4. Kamps WA et al, Werkboek ondersteundende behandeling kinderoncologie, VU Uitgeverij, 2005

Wijzigingen